Opinie

Wie durft de Haagse logica om te draaien?

Tom-Jan Meeus

De Nationale Ombudsman geniet groeiend Haags aanzien, vooral door zijn alertheid in de Toeslagenaffaire. Dus het leek van belang dat hij maandag pleitte voor een minister belast met de Groninger aardgasschade. Ook in die zaak blijken overheden beter in vertragen en doorverwijzen dan in oplossen, en de Ombudsman legde in Trouw en op Radio 1 uit dat er nu wel genoeg getalmd is.

Mensen in Groningen juichten het toe – logisch. Maar je keek op van de Ombudsman zelf. Pleidooien voor nieuwe ministerschappen doen het goed in de media maar vinden zelden navolging. In de campagne dit voorjaar vroeg Volt een minister van Digitale Zaken, Denk een minister van Inclusiviteit en de PVV een minister van Deïslamisering. Alleen het CDA-plan voor een minister van Wonen werd breed omarmd.

Nieuwe ministerschappen mislukken nu eenmaal droevig vaak. Zelfs de terugkeer van het oude ministerie van Landbouw, vier jaar terug, werd een tegenvaller. Binnenskamers hoorde je er dat het ruim twee jaar duurde voordat de organisatie een beetje stond. Dus toen de Raad van State mei 2019 het stikstofbeleid afkeurde, zat minister Carola Schouten (CU) met een apparaat dat amper adequaat kon reageren: de heroprichting van Landbouw gaf zoveel uitvoeringsproblemen dat er eigenlijk geen beleidscrisis bij kon.

En je zou verwachten dat de Ombudsman, met zijn focus op uitvoeringsproblemen, wel doorheeft dat een nieuwe minister van Aardgasschade met vergelijkbare uitvoeringsproblemen te maken zou krijgen.

Tegelijk is dit het grote manco van Den Haag: de interesse van politici en adviseurs voor uitvoering van beleid legt het af tegen verlangens naar krachtig optreden. Het verklaart ook waarom dit voorjaar, in diezelfde campagne, zoveel partijen een ‘sterke overheid’ bepleitten, hoewel recente affaires – toeslagen, huisuitzettingen van kinderen, te lang boren naar gas – aantoonden dat de overheid eerder té sterk is. En dat de zwakte van de overheid een keuze is: desinteresse in uitvoeringsproblemen waarmee burgers kampen omdat politici eerder kloek wilden overkomen.

Ik vertel niets nieuws. Herman Tjeenk Willink schrijft al veertig jaar schitterende essays over politici die ongeïnteresseerd zijn in beleidsuitvoering. En in onderzoek naar uitvoeringsorganisaties concludeerde de Kamer dit voorjaar dat er „te weinig interesse” voor uitvoering is.

Dus dit probleem is te hardnekkig voor her en der een nieuw ministerschap. Dit vereist omdraaiing van Haagse logica. Omdat we weten dat politici die krachtig willen overkomen vooral voor zichzelf opkomen. En dat politici die om te beginnen willen weten of een plan uitvoerbaar is, allereerst aan de burger denken – en pas daarna aan zichzelf.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft elke dinsdag op deze plek een column.