Opinie

De gedachtenloosheid van de Gorillas-fiets

Floor Rusman

Ineens zijn ze overal in de grote steden, de bezorgers van Gorillas, Getir, Flink en Zapp. Ze razen op elektrische fietsen door de straten, elke fietstocht een olympische sprint op weg naar iemand die nu-nu-nu komijnzaad moet hebben, wat flessen wijn, of alleen een pakje sigaretten.

Die vergelijking met Olympische sport verzin ik niet zelf. „Net als een olympisch atleet gaan we tot het uiterste”, zei Gorillas-manager Batuhan Aydin afgelopen week in NRC. In de magazijnen wordt hiphop en techno gedraaid om de werknemers energiek te houden. Aydin: „We doen bij dit bedrijf alles in een gestoord, ongelofelijk tempo.” Wonderbaarlijk genoeg leek hij dit als iets positiefs te beschouwen.

„Maar… maar… staat die flitsbezorging niet haaks op trends als mindfulness en vertraging?”, vraag ik na lezing van het stuk. Mijn gesprekspartners kijken me meewarig aan. De wereld is groter dan jouw brave bubbeltje, zeggen ze; snellere service wint altijd.

Waarom wind ik me zo op? Is het nostalgie naar de tijd dat verlangen kon bestaan zonder onmiddellijk bevredigd te worden? Een beetje. Is het ergernis over de bezorgers, die verwikkeld lijken in ritten op leven en dood? Ja, ook. Maar het is meer dan dat, concludeer ik uiteindelijk. Hoeveel ik er zelf ook van houd, ik voel een instinctieve weerstand tegen nóg meer gemak. De vraag is namelijk: waar houdt het op?

Zoals water naar het laagste punt vloeit, zo beweegt de mens naar de makkelijkste optie, oftewel: de optie met de minste frictie. ‘Frictie’ betekent zoiets als weerstand of wrijving. Filosoof Miriam Rasch geeft in haar essayboek Frictie allerlei voorbeelden van ‘frictieloos design’: apps als Uber, die je een interactie met de chauffeur besparen, en de automatische antwoordsuggesties van Gmail. Door dit soort technologie verspillen we steeds minder tijd, en dat is natuurlijk prettig. Maar is frictieloosheid altijd winst?

Dat frictie ook waardevol kan zijn, erkennen we grappig genoeg wel als het gaat om kunst. Goede kunst moet ‘schuren’, onvoorspelbaar zijn, ons uit ons dagelijks stramien halen. We wantrouwen kunst die te soepel naar binnen glijdt. Ik word wel eens gepest omdat ik van Dire Straits houd – te makkelijk, aldus de fijnproevers.

Frictie verstoort de automatische piloot; daarom is ze belangrijk voor kunst en verstorend voor commercie. Een consument moet gedachteloos kunnen scrollen, klikken en betalen. Die gedachteloosheid, het gemak waarmee we door allerlei dagelijkse handelingen bewegen, heeft iets verslavends. En precies dat is waarover ik me zorgen maak. Hoe minder frictie er is, vermoed ik, hoe lager onze tolerantie ervoor wordt. We zouden nu een woedeaanval krijgen van de tijd die het vroeger kostte om de weg te vinden in een vreemde stad. Misschien vinden we het over tien jaar wel een olympische prestatie om zelf naar de bakker te lopen.

Het ene gemak lokt het andere uit. Wat nou als we door onze lage frictietolerantie dingen opgeven die we eigenlijk, als we erover nadenken, belangrijker vinden dan wat extra gemak? Neem gezichtsherkenningstechnologie: veel mensen vinden dat nu nog te ver gaan. Ondertussen wordt het in Rusland al gebruikt als betaalmiddel in de metro. „Waarom niet, het lijkt me wel handig”, aldus een laconieke Rus gisteren in NRC. In Schotland gebruiken negen schoolkantines sinds deze week gezichtsherkenning aan de kassa: alles voor de efficiëntie.

In de EU zal dit niet gebeuren, zeggen deskundigen. Dat mag niet van de Europese privacywetgeving. Maar gezichtsherkenning wordt wel steeds meer ingezet als toegangscontrole bij kantoren en festivals, meldde BNR vorige week. Zal het water niet ook hier naar het laagste punt vloeien? Hoe verleidelijk is het om nog meer dingen gedachteloos te doen!

Principes leggen het af tegen gemakzucht, dat zal iedereen herkennen die wel eens routineus op ‘alle cookies accepteren’ heeft geklikt. Juist omdat het zo werkt, bezie ik mijn gemakzucht met argwaan. Die moet getemd worden, niet aangemoedigd – zoals de flitsbezorgers doen.

Floor Rusman (f.rusman@nrc.nl) is redacteur van NRC