Opinie

‘Eigen schuld’ komt De Jonge net iets te goed uit

Rosanne Hertzberger

Weinig brengt meer vreugde dan een bekeerling. Die snuivende, spuitende, gewelddadige Sodom en Gomorra hoerenloper die plotseling wordt verlost van zijn demonen en de Heer in zijn hart toelaat. De Mohammed-cartoon retweetende PVV’er die in de islam de as van het kwaad herkende, tot hij nog wat in de Koran bladerde en gegrepen werd door de barmhartigheid en liefde daarin en zich ter plekke ter aarde stortte om zich over te geven aan Allah. Of de hardnekkige scepticus die zich bleef verzetten tegen de prik, complottheorieën de wereld inslingerend, QR-code rippend door het leven ging, tot hij zelf getroffen werd door die Ziekte zonder Genade en doodziek in een rolstoel werd afgevoerd naar het ziekenhuis, waar hij uiteindelijk inzag dat hij fout zat. En spijt had.

Dat kennen ze in het ziekenhuis hoor, spijt. Het wemelt daar van ‘nooit meer drinken’ en ‘nooit meer roken’ en ‘nooit meer zonder fietslicht’, maar de verhalen van de vaccinspijtoptant worden momenteel extra gretig gedeeld. Demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) verscheen donderdag aan het bed van Covid-patiënten in het MCL Leeuwarden om daar de ‘verhalen van spijt’ met eigen oren aan te horen . „Als haren op hun hoofd”, concludeerde hij met bijna zichtbaar genoegen. Nu kwamen ze dan tot inkeer, maar was het te laat. Net niet buiten hun gehoorafstand riep De Jonge dat deze mensen nu „bedden bezet houden die voor een andere patiënt waren bedoeld”. En dat ze misschien wat minder Facebook hadden moeten lezen en vaker de krant.

Ik vond het zelf wat cru om dit tijdens een ziekenbezoek te zeggen. Bovendien kwam dat ‘eigen schuld dikke bult’-adagium De Jonge nu net iets te goed uit. Want tegelijkertijd lag er een KPMG-rapport met daarin de conclusie dat de overgrote meerderheid van de patiënten en ook de bijna dertigduizend dodelijke slachtoffers van de afgelopen twintig maanden vooral waren veroorzaakt door gebrek aan daadkrachtig overheidsoptreden.

Van de ‘gewone mondkapjes hebben geen nut’ tot het ‘je handen stukwassen en thuis blijven bij klachten’ volstaat. Van het sturen op de IC-capaciteit tot de verwaarloosde verpleeghuiszorg. Het is een pijnlijke opsomming. Vanaf dag één liep Nederland achter de feiten aan. We hadden plan noch draaiboek. Voorkomen is beter dan genezen, weet nu iedereen, maar ten tijde van de uitbraak bleek de infectieziektepreventie overgeheveld naar de gemeenten waar het het bij de budgetoverwegingen telkens weer had afgelegd tegen een nieuw kunstgrasveld voor de hockeyclub. De uitgemergelde GGD’s moesten al jaren harde keuzes maken: wel de kinderopvang in de gaten houden bijvoorbeeld, maar niet ook nog de verpleeghuizen. En het type arts dat daar werkt is geen macho die met de vuist op tafel slaat. Die schikt zich in zijn lot. Dat hebben we geweten.

We leerden dat je ziekteverwekkers misschien wel op een A-lijst kan zetten, wat de alertheid en meldingsplichtigheid en centrale stuurkracht moet vergroten, maar als je vervolgens alleen het virus gaat zoeken bij mensen die uit Wuhan komen, dat je dan niets vindt. Dat testbeleid was het pijnlijke gevolg van hardnekkig optimisme: van ‘het virus blijft vast in Wuhan’ tot ‘het blijft wel in China’ tot ‘het blijft wel in Italië’ tot ‘misschien blijft het wel in Brabant’. Op het moment dat minister Bruins als breaking news het eerste coronageval live op televisie voorlas, waren er al duizenden mensen besmet.

De afgelopen dagen merkte ik weer hoeveel mensen achter de schermen nog steeds hun schouders hierover ophalen. Ze vinden het allemaal wel prima gegaan, we hadden het virus immers toch niet buiten de deur kunnen houden. Maar zo’n pandemie is niet louter een natuurverschijnsel, het is ook gewoon beleid. Nederland kon kiezen voor de Duits-Scandinavische route, met niet of nauwelijks oversterfte, vertrouwenwekkend optreden van indammen, of het ‘laat maar waaien’-beleid van de Angelsaksische kant. Bijna dertigduizend doden is het gevolg van die laatste keuze.

En nu verschijnt de bestuurder aan het bed van de Covid-patiënt om te constateren dat het toch allemaal echt de schuld van die domme burger is. Ik hoop dat hij de krant leest.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.