Opinie

Europa verliest nu zijn laatste gezag bij IMF

Maarten Schinkel

Ze heeft het gered, Kristalina Georgieva. De directeur van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) mag aanblijven, nadat was gebleken dat er onder haar leiding geknoeid was met berekeningen in het Doing Business-rapport van de Wereldbank, toen ze daar nog in de top zat. Doel was te voorkomen dat China acht plaatsen zou zakken op de ranglijst – net toen in verband met een nieuwe kapitaalronde voor de Wereldbank Beijing juist tevreden moest worden gehouden.

Een onderzoek van het advocatenkantoor WilmerHale, dat werd ingeschakeld om uit te zoeken wat er was gebeurd, leest bij vlagen als een Deense Netflix-krimi. Cruciale scène: Georgieva die naar het huis rijdt van de verantwoordelijke functionaris om zelf, op de oprijlaan, te checken of in de uiteindelijke gedrukte versie China inderdaad de juiste plek heeft gekregen. In andere Doing Business-edities is ook al geknoeid, met de positie van Saoedi-Arabië. Dat had betaald voor Wereldbank-advies op maat (een commerciële nevenactiviteit van de Wereldbank) om zo goed mogelijk voor de dag te komen in het rapport. Lees het zelf maar na.

Maar Georgieva mag blijven. Sterker: het bestuur heeft alle vertrouwen in haar. En dat terwijl de Financial Times nog in het weekeinde berichtte dat zowel de VS als Japan haar liever zagen gaan. Europa stelde zich achter haar op. Dat is niet gek. Het koestert sinds de oprichting van Wereldbank en IMF in 1944 de onuitgesproken deal dat Europa de directeur van het IMF levert, en de VS de president van de Wereldbank. Dat privilege staat al langer onder druk. De wereld is veranderd, en andere continenten willen ook wel eens een kans om iemand te leveren.

Hoe deden de recente IMF-directeuren – allen dus Europeanen – het eigenlijk? Neem Horst Köhler (2000-2004): die verliet zijn post een jaar te vroeg omdat hij president van Duitsland wilde worden. De Spanjaard Rodrigo de Rato (2004-2007) ging twee jaar te vroeg weg, werd na zijn termijn veroordeeld voor fraude en verduistering, en zit nog steeds een gevangenisstraf uit van vierenhalf jaar. De Fransman Dominique Strauss-Kahn (2007-2011) werd door een kamermeisje in New York beschuldigd van verkrachting, waarna een reeks andere beschuldigingen volgde. Hij ruimde het veld, waarna Frankrijk haastig minister van Financiën Christine Lagarde (2011-2019) naar voren schoof. Zij werd tijdens haar IMF-termijn door een Franse rechtbank veroordeeld zonder straf in een politiek omkoopschandaal. Lagarde is nu president van de Europese Centrale Bank.

Echt een lijst om als Europeaan trots op te zijn.

Veel vragen van journalisten gingen deze week over de integriteit van het onderzoek en de data bij het IMF, nu Georgieva daar de scepter zwaait. Want haar zaak bezoedelt niet alleen de Wereldbank, maar ook het IMF zelf.

Waarom blijft de IMF-directeur dan aan? De mogelijkheid is groot dat de VS, de grootste aandeelhouder van het IMF met een blokkerende minderheid van 16,5 procent, het niet hebben aangedurfd haar weg te sturen.

Europa is door de regering-Biden dit jaar al tweemaal hard tegen het zere been geschopt. Eerst met de abrupte Amerikaanse uittocht uit Afghanistan. Daarna met Aukus, de nieuwe anti-Chinese alliantie van de VS met het Verenigd Koninkrijk en Australië, die Frankrijk van de ene op de andere dag een onderzeebotenleverantie van tientallen miljarden kostte aan Australië.

Het wippen van Georgieva zou een affront te veel zijn geweest, en de Europees-Amerikaanse verhoudingen helemaal verzieken. Dus alles blijft zoals het is. Maar met Europa’s morele aanspraak op de functie zal het, als de volgende directeur moet worden gezocht, nu wel over zijn.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.