Annet Schaap: ‘Ik hou van dat kartonnige, als kleur, maar ook als sfeer’

Kicks voor niks Geluk hoeft niets te kosten, maar waar vind je het? vraagt haar favoriete Nederlanders naar hun onbetaalbare genietingen. Deze week: Annet Schaap.

Foto Getty Images/Lars van den Brink, bewerking NRC

‘Het is een kick iets moois te maken van een beetje afval. In mijn gebouw werken zeventig kunstenaars en in de hal kun je spullen op een tafel neerleggen die je niet nodig hebt, waar anderen misschien wat aan hebben. Je mag een week spullen te geef aanbieden en dan moet je het weggooien. Anders wordt het een zooi.

„Daar pak ik graag wat uit. Die uitwisseling vind ik leuk. Soms ligt er een koffie-apparaat, stukken karton, plankjes met een ruig bruin oppervlakje.

„Daar maak ik dan een tekeningetje op of een schilderijtje, niet om te verkopen maar voor mezelf. Ik heb een lade met oud papier en karton. Daarin kan ik dan iets vinden met precies de goede kleur. Voor mijn kinderboek Lampje had ik daar precies die juiste kleur gevonden, en ook al was er een hoekje af, het is toch dát stuk karton geworden waar ik de cover van Lampje op heb getekend.

„Bruin vind ik een mooie kleur, een mooie ondergrond. Het heeft van zichzelf al een bepaalde sfeer, vanuit bruin kun je iets laten oplichten. Ik hou van dat kartonnige. Als kleur, maar ook als sfeer. Dat het niet glad is en dat je pen niet uitglijdt.

„Elk papier heeft een andere werking. Sommige soorten zuigen heel erg en bij andere blijft de inkt er bovenop liggen. Dat maakt heel erg uit voor hoe je tekent. En sommige plankjes of soorten karton werken heel mooi met inkt, of juist met verf. Natuurlijk vind ik gladde vellen die nieuw zijn en nog lekker fris ruiken ook fijn, maar als ik hier zo rondkijk, zie ik heel veel dingen die verkleurd zijn en die vind ik mooier dan glad en strak. Om me heen zie ik dat ook, dat kunstenaars graag werken op bestaand materiaal.

„Vroeger maakte ik zelf notitie- en schetsboeken. Op de academie hebben we boekbinden geleerd. Toen vooral voor tekenen. Ik wilde graag op een bepaald soort papier werken en daar een schetsboek van hebben. Dat heb ik toen met boekbinderslijm en boekbindersband gemaakt. Soms naai je een boek in katernen en soms lijm je ze. Soms maak je een kartonnen rug en een kartonnen kaft. Ik heb er in totaal zestien gemaakt, ze liggen hier in de kist. Dat is heel leuk werk, maar nu doe ik het niet meer, ik heb het te druk.

„Ooit heb ik een schetsboek van 100 euro gekocht, een hele mooie, en die is nu vol. Dat is wel de duurste die ik ooit hebt gekocht.

„Zo werk ik, altijd in schetsboeken en schrijfboeken. Ik heb minstens dertig lege schriften klaarliggen. Uit die verzameling kan ik er steeds eentje kiezen die het beste past bij het nieuwe project. Tussen die lege schetsboeken zitten ook veel tweedehandse, ouderwetse met gemarmerde bladen, de omtrek van het papier een beetje vergeeld. Vroeger werden er heel mooie kasboeken gemaakt. Ik heb er hier een uit 1935, met rode lijntjes, en er zitten vlekken op uit die tijd. Die ga ik ooit als dag- en schrijfboek gebruiken.

„Er liggen hier zeven schriften waarin ik Lampje heb geschreven, met de hand. En er ligt nog een veel grotere stapel van daarna; achttien schriften vol aantekeningen. Van De Meisjes, maar ook korte verhalen en werk dat nog moet komen. De schriften en opschrijfboeken zijn allemaal anders. Grote en kleine. Alles begint erin. Hoe ik me ontwikkelde in het leven, van klunzig naar steeds beter.

„Als ik eenmaal in zo’n schetsboek of schrift bezig ben, komt daarin alles achter elkaar: gedachten en gevoelens, verhalen, dagboekaantekeningen, schetsen. Soms kan ik iets niet terugvinden, dat is onhandig. Een schrift heeft geen zoekfunctie. Maar tegelijkertijd is dat ook leuk, want tijdens het zoeken vind je weer dingen die je was vergeten.

„Ik ben geloof ik een beetje penny wise and pound foolish. Ik kan omlopen voor een koopje en wat ik bespaar vervolgens uitgeven aan dure kaas. Dus ik geef regelmatig met één zwiep meer uit dan ik wil. Die schetsboeken kosten niks, maar toch zijn ze mijn kostbaarste bezit.”