Vervloek de naaktslak niet

Vrouw & tuin In de stadstuinen van Bloei en Groei in Amsterdam Zuidoost hervinden vrouwen hun veerkracht. bezoekt de ‘healing garden’. Afl. 5: Samantha.

Foto Ilvy Njiokiktjien

Het tuinseizoen loopt ten einde, maar op haar tuintje in Amsterdam-Zuidoost gaf de goudsbloem, die op de naast haar gelegen stukjes grond verdorde, nog zoveel bloemen dat anderen ervan plukten.

Het komt, zegt Samantha, door de intentie waarmee ze tuiniert. Ze gelooft heilig dat bollen en zaden beter ontkiemen als je ze aandacht en liefde geeft. „Healing energy”, noemt ze dat.

Ze praat ook tegen planten, dat leerde ze van haar moeder. Nu moet ze mijn verbaasde blik hebben gezien, want ze zegt haastig: „Heus, het werkt. Er is zelfs onderzoek naar gedaan. Tegen de ene plant zei een wetenschapper dagelijks: ‘Ik hou van je’, tegen een andere plant zei hij: ‘Je bent lelijk’. En een derde plant negeerde hij. De eerste bloeide, de tweede ging dood, de derde werd bruin. Google het maar.”

Dat doe ik, ongelovige Thomas, en verdraaid, er is onderzoek naar gedaan.

Aandacht en liefde werken overigens niet alleen goed bij planten – ook de mens fleurt er van op. Van moeder en voorouders, healers en sjamanen, leerde Samantha dat emoties zich in je organen nestelen: boosheid tast je lever aan, irritaties gaan in je nieren zitten, verdriet hoopt zich op in je hart.

Opa’s therapie bestond onder meer uit dansen en het drinken van bittere kruiden om het lichaam te spoelen. Zij praat met haar cliënten, terwijl ze ondertussen naar hun energie, hun lichaamshouding kijkt. Soms ook kent ze het probleem al voordat ze de persoon heeft ontmoet. Dat heeft ze dan in een droom gezien.

Ooit werkte Samantha op de human resource- afdeling van de brandweer. Maar ze voelde: dit past niet bij mij. Dus toen ze op een dag al om zeven uur op kantoor was, terwijl ze doorgaans even na negenen kwam binnen rennen, en op haar bureau een advertentie voor een retreat in Málaga vond, kon dat geen toeval zijn.

Bij terugkomst volgde ze een opleiding tot energetisch therapeut en twee jaar later zegde ze haar baan op. Met haar man reisde ze door Azië, maar het geld raakte op. Terug in Nederland ging ze aan de slag voor een farmaceutisch bedrijf, al druiste dat werk tegen haar principes in. „Ik vond dat ik meedeed aan het vergiftigen van mensen door voor zo’n bedrijf te werken.” Bovendien, bestaat er ook niet zoiets als practice what you preach?

Ze ging weer op reis en deze keer kwam ze bij een boeddhistisch centrum in New York terecht, waar ze onder meer onkruid moest wieden. Kan ik geen leuker klusje krijgen, dacht ze. „Tot een monnik vertelde dat onkruid voor menselijke problemen staat. Toen kreeg ik er meer plezier in; iedere keer als ik een pluk wegtrok, beeldde ik me in dat ik een probleem verwijderde, met wortel en al.”

In mijn moestuin vormen de hordes naaktslakken dit jaar het probleem, verzucht ik. „Zeg je dat ook hardop”, vraagt ze. Ja, iedere keer als ik mijn tuin inloop, vervloek ik die beesten. „Zie je”, zegt ze, „je hebt het uitgesproken. Dan is het in het universum, dan bestáát het.”

En hoewel ik dat niet geloof, neem ik me toch voor om volgend jaar iets anders te zeggen. Wat ben je prachtig bijvoorbeeld, ook al zijn de dahliaknoppen veranderd in een slijmerige knoop.

Want manifesteren kun je tenslotte leren.

Dit is het laatste deel in een korte serie.