Twee van de vijf Nederlandse bedrijven maakten gebruik van coronasteun

Twee van de vijf Nederlandse bedrijven met twee of meer werknemers ontvingen sinds het begin van de pandemie minimaal één periode coronasteun. Dat blijkt uit woensdag gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), dat in opdracht van het ministerie van Economische Zaken onderzoek deed naar de vijf pakketten aan coronasteunmaatregelen die tussen maart 2020 en juni 2021 van kracht waren.

Per 1 oktober is het demissionaire kabinet gestopt met de generieke steunmaatregelen. Het CBS heeft geen onderzoek gedaan naar de laatste steunperiode, het derde kwartaal van 2021.

In totaal kregen 162.000 bedrijven in de onderzochte periode steun via de regelingen voor loonkosten (NOW) en vaste lasten (de TOGS en de TVL). Hiervan kregen 26.000 ondernemingen, zo’n 6 procent van alle bedrijven met twee werknemers of meer, de hele periode tussen maart 2020 en juni 2021 coronasteun. Bioscopen ontvingen relatief het vaakst de volledige coronaperiode financiële steun, gevolgd door theaters en schouwburgen.

Het eerste van vijf steunpakketten, dat grofweg het tweede kwartaal van 2020 besloeg, was het populairst. Op dat moment was Nederland in lockdown en sloten de meeste ondernemingen noodgedwongen hun deuren. In de periode daarna (de zomermaanden van 2020) nam de inzet van financiële steun af, om weer iets te stijgen in de herfst en winter van 2020 en 2021.

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: OMT: prognoses coronasituatie voor herfst en winter slechter dan verwacht