Remkes en Koolmees willen ‘echt iets nieuws proberen’

Kabinetsformatie De informateurs wensen van partijen weer een „open houding” naar elkaar, plus een regeerakkoord op hoofdlijnen.

De ChristenUnie en D66 gaan, samen met de VVD en het CDA, toch de onderhandelingen in voor een nieuw regeerakkoord.
De ChristenUnie en D66 gaan, samen met de VVD en het CDA, toch de onderhandelingen in voor een nieuw regeerakkoord. Foto David van Dam

Een heel andere werkwijze. Een experiment. „We gaan echt iets nieuws proberen.” Johan Remkes en zijn nieuwe collega-informateur Wouter Koolmees probeerden bij de aftrap van de inhoudelijke onderhandelingen over een nieuw regeerakkoord het beeld te schetsen dat het vanaf nu allemaal anders gaat.

De volgende fase van de tot nu toe zo stroef verlopende kabinetsformatie moet in hun ogen al iets laten zien van de alom gewenste nieuwe bestuurscultuur. Hoe ziet die eruit?

Johan Remkes, de VVD-veteraan die er vorige week in slaagde eindelijk een selectie van onderhandelingspartners te maken – de huidige coalitiepartners VVD, D66, CDA en ChristenUnie – vindt dat er in elk geval een „open houding” wordt verlangd. Van zowel de vier onderhandelingsteams die nu met elkaar gaan praten, als van de twee informateurs. Maar ook: een open houding van „de andere partijen”. Want, zo zei Remkes op zijn persconferentie woensdag in de enquêtezaal van het Logement, er zal „een nader moment komen waarbij wij ons zullen verstaan met andere fracties dan de vier fracties die in eerste instantie om de tafel zitten”. Dus toch weer een blik van de potentiële regeringspartijen naar andere partijen in de sterk versnipperde Tweede Kamer.

Dat is opmerkelijk want Remkes moest desgevraagd ook erkennen dat de twee partijen die daar vanuit het ‘constructieve midden’ het meest voor in aanmerking komen, PvdA en GroenLinks, juist herhaaldelijk hebben laten weten alléén te willen meepraten als zij volwaardig en (gezamenlijk) mee kunnen onderhandelen over een nieuw regeerakkoord. En dat wilden CDA en VVD juist niet. Aan gedogen, het leveren van ‘extraparlementaire’ bewindspersonen of op bepaalde terreinen deelafspraken maken, doet het linkse blok niet mee.

GroenLinks-leider Jesse Klaver en zijn PvdA-collega Lilianne Ploumen benadrukten dat een paar uur na de persconferentie via Twitter. Ploumen: „De doorstart van kabinet Rutte III stutten: nee, natuurlijk niet.” Klaver: „Als ze willen weten wat we ergens van vinden, kunnen ze het GroenLinks-verkiezingsprogramma lezen.”

De hoe- en de wat-vraag

Een tweede element van formatieonderhandelingen-nieuwe-stijl is dat er wat Koolmees en Remkes betreft eerst een dun regeerakkoord wordt geschreven, met afspraken op hoofdlijnen tussen de vier betrokken fracties, en vervolgens een regeerprogramma, met een preciezere uitvoeringsagenda voor de nieuwe ministersploeg. Dat moet ertoe leiden dat, in de woorden van Koolmees, „de afstand tussen het toekomstige kabinet en de Tweede Kamer wat groter wordt”. Meer ruimte dus voor dualisme, voor zowel coalitie- als oppositiepartijen.

In de simpele uitleg hiervan noemden de twee informateurs het stikstofprobleem als voorbeeld. De doelstelling van stikstofreductie wordt dan als ‘wat’-vraag in het dunne regeerakkoord geformuleerd. De ‘hoe’-vragen zijn dan vervolgens voor de betrokken bewindslieden die, in overleg met de Kamer, met concrete oplossingen moeten komen.

Een mooi uitgangspunt, maar Koolmees moest direct toegeven dat juist de diverse manieren om het stikstofprobleem aan te pakken – in een vorige adviesrol deed Remkes twee jaar geleden tal van suggesties: verkleinen van de veestapel, strengere richtlijnen voor bouw of industrie – politiek controversieel zijn. Voor sommige partijen is het dan juist wenselijk om daar gedetailleerde afspraken vooraf over te maken: „Je zult inderdaad naast het definiëren van wat je wil bereiken, ook wel moeten nadenken over het hoe.”

De twee nieuwe procesbegeleiders zijn zo optimistisch gestemd over een voorspoedig verloop van de komende onderhandelingsfase – ze zien een „groot gevoel voor urgentie” en verwachten dat partijen verantwoordelijkheid nemen. Toch zien ze, onuitgesproken, genoeg hobbels op de weg. Remkes: „Garantie op succes is er vanzelfsprekend niet.”

Van de vier formatieteams verwachten Remkes en Koolmees ook dat ze zullen investeren „in goede onderlinge verhoudingen en wederzijds vertrouwen”. Na alle incidenten en verwijten is dat kennelijk nog nodig. Een eerste stap daartoe zetten de informateurs, door de onderhandelaars en hun secondanten voor hun eerste bespreking woensdagavond te bestellen. Volgens ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers zouden ze daarbij ook „gezellig” gaan eten. „Daar zijn we wel een beetje aan toe.”

M.m.v.
Lees ook: Deze struikelblokken van de formatie van 2017 zijn nog niet weg