Recensie

Recensie Media

Nodeloos ingewikkeld Far Cry 6 probeert iets te zeggen over guerrillas en revoluties

Game Je kan met Far Cry 6 makkelijk een verveelde zaterdagmiddag vullen. Maar goed is dit zedse deel in de populaire reeks niet. Daarvoor is de game te voorspelbaar, te nietszeggend en teveel gevuld met een vermoeiende lading extra functies.

De game speelt op het eiland Yara, maar Ubisoft Toronto doet geen enkele poging om te verbergen waar het spel zich werkelijk afspeelt: op Cuba.
De game speelt op het eiland Yara, maar Ubisoft Toronto doet geen enkele poging om te verbergen waar het spel zich werkelijk afspeelt: op Cuba. Beeld Ubisoft Toronto

Waarom? Die vraag dringt zich al tijdens de eerste uren van de game Far Cry 6 op. Waarom heeft deze reeks sinds deel 3 en het vernuftige psychedelische Blood Dragon (2013) alle hoop op evolutie zo zieltogend laten varen? Waarom worden we meteen platgegooid met twintig verschillende systemen die van het gamen een checklijstje maken? En waarom speelt deze game zich in godsnaam af op Cuba?

Okee: het door Ubisoft Toronto ontworpen eiland heet Yara, niet Cuba, maar de makers doen geen enkele poging om te verbergen waar het spel zich werkelijk afspeelt, van muziek tot iconografie. Wederom stapt Ubisoft op politiek beladen gebied, net als voorganger Far Cry 5 met zijn Amerikaanse religieuze extremisten. Waarom? Ze willen het hebben over guerrillas en revoluties, kwaadaardige dictators, slavernij, propaganda en fascisme.

Maar opnoemen is iets anders dan iets te zeggen hebben. Een half uur na een korte introductie waarin het kwaad van het bewind van dictator Antón Castillo (sterk vertolkt door Hollywoodster Giancarlos Esposito) wordt neergezet door zijn soldaten hele massa’s mensen te laten afslachten, hollen we al door tabaksvelden met een vlammenwerper in de hand terwijl de lichamen zich opstapelen. Als Far Cry 6 een moraal heeft, dan is het: guerrilla zijn is cool.

Viva la revolución!

Onze held of heldin – kiezen mag – Dani Rojas heeft de beschikking over een groeiend arsenaal, met als hoogtepunt de allesvernietigende raketwerper die ze als rugzak draagt. Het is even zoeken tot je de juiste bewapening hebt gevonden om alle hordes identieke vijanden aan te kunnen, maar dan ontvouwt zich een voorspelbare Ubisoft-chaossimulator. Je zal helikopters uit de lucht schieten, met gevechtsvliegtuigen boven vijandelijke buitenposten vliegen, met parachute of vliegpak op locatie neerdalen om daar weer huis te houden. Viva la revolución!

De bergen, kleurrijke Caraïbische dorpjes en mooie stranden van Far Cry 6 zijn prima, maar weinig verheffend. Dit jaar zagen we zoveel blockbustergames die voor een versimpeld concept durfden te gaan. Zelfs andere ‘zandbakgames’ kiezen steeds vaker voor stroomlijnen en stilering in zowel vormgeving als het aantal mogelijke zaken die je kan maken, verbeteren, of toevoegen. Maar Far Cry 6 blijft zich verbeten vasthouden aan realisme en een vermoeiende lading extra functies - waarom moeten we kunnen vissen, laat staan onze hengel op vier manieren verbeteren? - die onderhand gedateerd aandoet.

Is het leuk? Tja. Je kan zo gemakkelijk een verveelde zaterdagmiddag met explosies vullen. Maar verder zit in Far Cry 6 een leemte die meer had kunnen zijn als Ubisoft iets zou dóen met de politiek beladen onderwerpen waar het zich om de één of andere reden aan blijft branden. De aanpak blijft laf: een schijn van relevantie die nooit de diepte ingaat.

Nadat ‘gekke guerrilla-oom’ Juan Cortez mijn Dani een boot geeft om naar Amerika te vluchten als ik dat wil, aarzel ik geen moment. De game smeekt me terug te keren. Ik zet de motor aan en vaar weg. Gelaten laat het spel me los. Mijn Dani gaat liggen op het zonnige strand van Miami, ver weg van alle guerrillas.

Een alternatief einde net na de proloog, waarna de game genadeloos de tijd terugspoelt en me weer op het eiland dropt. Stiekem denk ik: was toch op dat strand gebleven, Dani.