College Rotterdam wil stoppen met warmteleiding naar Leiden

Energietransitie Het schrappen van de warmteleiding van Rotterdam naar Leiden is een grote tegenvaller voor de energietransitie in Zuid-Holland. Het noodlijdende Warmtebedrijf van Rotterdam stevent af op een faillissement.

Afvalverwerker AVR in de Rotterdamse haven zou warmte gaan leveren voor de duurzame warmteleiding naar Leiden.
Afvalverwerker AVR in de Rotterdamse haven zou warmte gaan leveren voor de duurzame warmteleiding naar Leiden. Foto Walter Herfst

Na jarenlange financiële problemen wil het Rotterdamse college van burgemeester en wethouders stoppen met de aanleg van de duurzame warmteleiding van de Rotterdamse haven naar Leiden. Het noodlijdende Warmtebedrijf van Rotterdam, waar de gemeente door de jaren heen ongeveer 300 miljoen euro in stak, stevent af op een faillissement.

Het collegebesluit, waar de gemeenteraad volgende week nog over moet stemmen, is een grote tegenvaller voor de energietransitie in Zuid-Holland. De leiding naar Leiden moest ook regiogemeenten als Katwijk, Leiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude voorzien van industriële warmte van afvalverwerker AVR en Shell in Rotterdam.

Mogelijk wordt het eerste deel van de warmteleiding van Rotterdam naar Den Haag alsnog wel aangelegd door energiebedrijf Gasunie, de eigenaar en exploitant. Het Warmtebedrijf van de gemeente Rotterdam zou de leiding van Gasunie gaan huren voor het warmtetransport.

Een van de oorzaken van het mislukken is dat betrokken private partijen volgens de Europese Commissie te weinig willen bijdragen, zegt wethouder Arjan van Gils (Financiën en Majeure Projecten, D66) in een interview met NRC. Zo zou Rotterdam onevenredig veel betalen en risico lopen, waardoor er sprake kan zijn van staatssteun.

Lees hier het interview met wethouder Arjan van Gils: ‘Er is met een grote boog om het Warmtebedrijf heengelopen’

Met private partijen, zoals AVR, Shell en energiebedrijven Vattenfall en Uniper, is gepraat over een bijdrage van „enkele miljoenen”, schrijft het college aan de gemeenteraad. Die bijdrage zou in „schril contrast” staan met de – onbekende – bijdrage van de gemeente Rotterdam.

‘Een en al onbalans’

„Het kan niet zo zijn dat één partij er eindeloos geld in blijft steken en alle risico’s op zich neemt: dat is een en al onbalans”, zegt Van Gils. De wethouder betreurt het dat private partijen zich niet meer hebben willen inzetten voor dit duurzame project. „Mijn beeld is, als ik er lang naar kijk, dat er met een grote boog om het Warmtebedrijf is heengelopen.”

De risico’s voor de gemeente Rotterdam zijn ook te groot, omdat er nog veel onzekerheden zijn rond het contract met Gasunie, aldus Van Gils. Waar en hoe de pijpleiding vanuit de Rotterdamse haven op Leiden moet worden aangesloten, staat ook nog niet vast en kan vertraging voor het project opleveren.

Het Warmtebedrijf werd in 2006 opgericht om met restwarmte uit de haven zo’n 300.000 tot 500.000 woningen in de regio te verwarmen. Maar het Warmtebedrijf bleef steken op 60.000 woningen. Daarom is besloten om de leiding naar Leiden door te trekken. Het aanvankelijke plan van een leiding via Zoeterwoude werd eind vorig jaar verruild voor een leiding via Rijswijk.

Zowel de Rekenkamer Rotterdam als een raadsenquête-commissie hebben een kritisch rapport uitgebracht over het debacle met het Warmtebedrijf. Door angst voor gezichtsverlies, wensdenken en het structureel onderschatten van risico’s werd het Warmtebedrijf een politiek en financieel fiasco, bleek uit een eerdere reconstructie van NRC.