Opinie

Zeventig jaar

Marcel van Roosmalen

De viering van zeventig jaar televisie waaraan ik door al die aankondigingen al bij voorbaat een ontzettende hekel had, viel erg mee. Het was alsof ik zeventig jaar Marcel van Roosmalen zat te vieren. Zeventig jaar breaking news. Mijn ouders lieten bij een ramp inderdaad alles uit hun handen vallen.

Ze gingen zitten en deden niets meer.

Hun oeverloze niets, dat zitten voor de televisie, wachtend op nieuwe beelden en inzichten. De eeuwige herhaling. Uit de interviews bleek dat ze aan de andere kant van de camera hetzelfde probleem hadden.

De verslaggever ter plekke.

Ik denk dat ik daarom ooit de journalistiek in ging, om erbij te zijn. Grappig dat dat later, toen ik erbij was geweest, omsloeg in het omgekeerde: verslaggeving van bijeenkomsten waar eigenlijk niemand bij wilde zijn.

De deskundigen in de studio.

Mijn vader die mijn moeder, die als het een tijdrovende ramp betrof nog weleens wilde opstaan, terugriep van de wasmolen.

„Paula, deskundigen in de studio!”

Daarna het napraten van de deskundigen in de studio.

Specifieke herinnering: het Heizeldrama in 1985.

Overzichtelijke ramp van twee keer drie kwartier. Op televisie zeiden ze dat de uitslag er niet toe deed, ik denk dat mijn vader dat om de minuut herhaalde. Gevolgd door mijn moeder.

Zondagavond werd zeventig jaar televisiedrama besproken. Van De Fabriek bleef alleen de muziek overeind. Mijn moeder keek dat alleen, mijn vader trok zich tijdens de uitzendingen woedend terug op zijn werkkamer en kwam om het kwartier naar beneden om te informeren of de rotzooi al was afgelopen. Ook gezien: een stukje van Dagboek van een herdershond. Kapelaan Odekerke die zichzelf een schaafwond viel. Dat vonden ze dan wel alle twee leuk, maar wat was daar leuk aan? Goed, mijn ouders kwamen uit Noord-Brabant, ze deden er minimaal twintig jaar over om te wennen aan de omgeving Arnhem, dus voor hen was Dagboek van een herdershond een feest van herkenning. Ze raakten maar niet uitgepraat over de schitterende acteerprestaties, de verhaallijn en verboden ons om tijdens de uitzendingen te praten. Daarna ging mijn vader zijn oudste zus in Middelbeers bellen.

Mies.

„Heb je het gezien? Ja, dat zeiden wij ook: schitterende acteerprestaties.”

Daarna: „Zo was het, zo ging het eraan toe.”

De hele ouwe doos werd dit weekend omgekieperd, het viel eigenlijk nooit mee, maar ik wist opeens weer hoe het thuis rook, hoe het eten smaakte en hoe vaak er ruzie werd gemaakt om de televisie. Mijn ouders bleven zeggen hoe onbelangrijk ze televisie vonden, maar eigenlijk gingen bijna al onze ruzies over televisie. Een dieptepunt was toen mijn moeder de televisie kapot gooide. We hadden binnen een paar dagen een nieuwe. Een veel grotere.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.