Energie

OPEC verhoogt olieproductie niet extra ondanks toegenomen mondiale vraag

De olieprijs is maandag verder gestegen nadat duidelijk werd dat de belangrijkste olieproducenten niet méér gaan produceren dan dat zij deze zomer in OPEC+-verband hebben afgesproken. De toonaangevende Europese oliesoort Brent bijvoorbeeld steeg ruim 3 procent in prijs, waarmee een vat op 81,60 dollar uitkwam. Daarmee is de olieprijs in vergelijking met een jaar geleden bijna verdubbeld. In drie jaar tijd is de olie niet zo duur geweest.

Het oliekartel OPEC en bondgenoten als Rusland besloten maandag na video-overleg vast te houden aan de bestaande plannen. In juli spraken zij af de olieproductie geleidelijk maandelijks te verhogen met 400.000 vaten per dag. Die geleidelijke productiestijging houdt tot het voorjaar van 2022 aan. De OPEC+ had eerder de olieproductie nog scherp verlaagd vanwege de coronapandemie om zo een al te grote prijsdaling te voorkomen.

Door de wereldwijde economische opleving is de vraag naar olie echter meer toegenomen dan in de zomer werd voorzien. Toch zwichten de olielanden niet voor de druk om meer te produceren, waardoor de prijs zou kunnen dalen.

In het recente verleden zorgden met name de Amerikaanse schalieolieproducenten ervoor dat de prijs niet al te hoog opliep. Door de recente klappen op de oliemarkt is er in de Verenigde Staten echter weinig animo om opnieuw te investeren in boorputten. Veel producenten van schalieolie zijn in financiële problemen gekomen, omdat die productie alleen rendeert wanneer de olie meer dan 50 dollar per vat oplevert. Tijdens de coronapandemie lag de prijs lange tijd veel lager.

De gestegen olieprijzen gaan hand in hand met hoge gasprijzen. Die leiden ertoe dat ook de productie van elektriciteit duurder wordt.

De hoge energiekosten zetten de beurshandel maandag flink onder druk. Na de OPEC-beslissing viel bijvoorbeeld de Nasdaq-index met 2,3 procent terug. De hoge energieprijzen kunnen gemakkelijk voor hogere inflatie zorgen. (NRC)