De vervreemding van tienduizend euro weigeren in ‘Deal or no deal’

Zap Kansspel Deal or no deal (RTL5) past in een wereld waarin het idee dat je een comfortabel leven kan leiden door goed te studeren en hard te werken op z’n retour is, en welvaart steeds meer draait om geluk.

Deelnemer Jan Piet in ‘Postcode Loterij Deal or No Deal’.
Deelnemer Jan Piet in ‘Postcode Loterij Deal or No Deal’. Beeld RTL5

‘Het programma dat echte mensen een echte kans geeft om echt veel geld te winnen”, zo begon steeds de Britse versie van het spelprogramma Deal or No Deal. Het van oorsprong Nederlandse programma, met meer dan negentig internationale spin-offs, keert na twaalf jaar terug op RTL 5, gepresenteerd door acteur Buddy Vedder.

Dit zijn de spelregels: vierentwintig deelnemers krijgen iedere aflevering een doos, met daarin een voor hen onbekend bedrag. Het laagste is één euro, het hoogste 200.000 euro. Wie aan de beurt is, moet alle dozen openen, met de eigen doos als laatste. Het doel is om zo veel mogelijk lage bedragen weg te spelen, want na het openen van een aantal dozen, belt de bank steeds met een bod dat de deelnemer kan aanvaarden (deal) of weigeren (no deal). Het bod van de bank hangt af van hoeveel hoge en lage bedragen er overblijven.

Dat zo’n programma bestaat is logisch. Je groeit op met het idee dat je een comfortabel leven kan leiden door goed te studeren en daarna hard te werken. Een halve eeuw geleden klopte dit wellicht voor een bepaalde groep niet-gemarginaliseerde mensen (wit, cisgender man, zonder fysieke beperkingen, bijvoorbeeld). Alleen is dat al lang niet meer het geval: zelfs een huurhuis in de Randstad is vaak onbetaalbaar voor fulltime werkende alleenstaande millennials en Gen Z’ers zonder rijke ouders.

Tosti-apparaat

Dan heb je zulke spelprogramma’s, waarbij je met geluk heel misschien twee ton rijker naar huis kunt gaan. Daarmee koop je een klein studiootje in Amsterdam. Of een echt appartement elders. Betaal je je studieschuld af, verhuis je eindelijk van de elf vierkante meters die je kamer moeten voorstellen, koop je een auto die niet iedere zes maand stuk is. Of koop je een berg avocadotoasts.

Vanavond speelt Jan Piet, geen millennial. Hij heeft geen dringende schulden of grote levensdroom, maar hij is ouder en wil graag een tosti-apparaat en een cabrio kopen voor zichzelf en zijn vrouw. Voor deze man die over acht maanden en één dag met pensioen gaat, is zo’n spel misschien de enige manier om zijn gewenste tosti-apparaat-en-cabrio-combo te hebben. Hij neemt 9.600 euro mee naar huis, en zegt nog nooit zo veel geld bij elkaar te hebben gezien. „Het voelt heel lekker.”

Maar als je weet dat het bruto modaal inkomen in Nederland 37.000 euro per jaar bedraagt, is het vervreemdend om te zien met hoeveel gemak bedragen die hoger lagen dan een modaal maandsalaris van tafel worden geveegd. En voor sommige van deze Nederlanders, voor de hele arme groep waar men het zelden over heeft, is zelfs 50 euro al veel geld.

Kruimels voor het plebs

Wat echt vervreemdend is, is echter niet eens dat Jan Piet 10.500 euro weigerde toen hij geloofde meer te kunnen winnen. Het is dat zulke kansspellen, waarin arme(re) mensen een beter (of goed) leven kunnen ‘winnen’ als ze maar geluk hebben, of hard genoeg hun best doen, vaak gemaakt zijn door hele rijke mensen, die toekijken terwijl het plebs een paar kruimels probeert te winnen. Noem het panem et circenses, de Hunger Games, of een aflevering van Black Mirror, maar dan met doosjes, en minder bloed.

Deal or No Deal roept, onbedoeld, existentiële vragen op. Bestaat meritocratie, een van de basisprincipes van ons kapitalistisch systeem, echt als je zomaar 200.000 euro kunt winnen op één avond? En, waarom geef je het geld niet gewoon aan de mensen, in plaats van vragen dat ze ons eerst vermaken? Dat geld is er kennelijk toch, gezien het grote aantal gelijkaardige formats geproduceerd door dezelfde miljardair-producent(en). Is er überhaupt een ethische manier om miljardair te zijn? En, de meest relevante voor deze column: is er een ethische manier om zo’n spelprogramma te maken?