Opinie

Etnisch profileren? Doe het niet

Discriminatie De marechaussee mag etnisch profileren, zegt de rechter. Gevaarlijk, schrijven en .
Foto Getty Images

‘Het voorgaande neemt niet weg dat het in de praktijk kan voorkomen dat huidskleur of andere etnische uiterlijke kenmerken […] de enige of overwegende redenen zijn voor een controle”, oordeelde de rechtbank in Den Haag, op 22 september.

De rechtszaak tegen de Staat was aangespannen door Mpanzu Bamenga en Robby Gobardhan. Regelmatig worden zij op vliegvelden en bij andere grenscontroles uit de rij gehaald op basis van hun huidskleur. Samen met een aantal mensenrechtenorganisaties eisten ze dat etniciteit niet langer als selectiecriterium wordt gebruikt.

Maar de rechter bepaalde anders.

Hoe valt dit te rijmen met de uitspraak van demissionair premier Mark Rutte (VVD), naar aanleiding van de protesten van Black Lives Matter, dat we „nul racisme” moeten en dat we het probleem van institutioneel („systemisch”) racisme breed moeten aanpakken? Wat is deze uitspraak van een rechter anders dan het institutionaliseren van ongelijke behandeling? Wat is ze anders dan een aanzet tot het systematisch discrimineren van burgers door een overheidsapparaat?

Hoewel het binnen het Schengengebied niet toegestaan is om reizigers te controleren, voert de marechaussee selectieve controles uit op basis van etniciteit. Deze vinden plaats in het kader van het zogenoemde Mobiel Toezicht Veiligheid (MTV) en worden uitgevoerd onder vliegtuigpassagiers, treinreizigers en weggebruikers uit EU-landen. Het doel van deze MTV-controles is om mensen die illegaal in Nederland verblijven eruit te kunnen vissen.

De rechter oordeelde niet alleen dat het gerechtvaardigd is om passagiers selectief te controleren op basis van etniciteit in combinatie met andere kenmerken zoals vluchtnummer, reisgezelschap of reisroute, maar ook dat dit mag wanneer etniciteit het enige kenmerk is.

Lees ook dit interview met Mpanzu Bamenga

Zware inbreuk

Deze uitspraak is schokkend in een land dat zich wil inzetten tegen uitsluiting en institutioneel racisme; in een land waar burgers ongeacht afkomst voor de wet gelijk zijn. Doelgericht bepaalde groepen onschuldige burgers afscheiden en lastig vallen, omdat zich onder hen iemand kan bevinden die geen recht heeft om hier te zijn, is een zware inbreuk op de persoonlijke levenssfeer.

En dat mag? Ja, zegt de rechter, want „etnische uiterlijke kenmerken hóeven niet, maar kúnnen wel een objectieve aanwijzing zijn voor iemands herkomst of nationaliteit”. De marechaussee immers, moet „informatiegestuurd” kunnen werken en „het kunnen vaststellen van de nationaliteit of geografische herkomst van een persoon is voor de doeltreffendheid van het MTV van zwaarwegend belang”.

Met andere woorden, „informatiegestuurd” werken is niets anders dan het vertalen van een nationaliteit naar etnische stereotypen. Gevraagd naar een definitie van etniciteit erkent de rechter dat er geen eenduidige definitie is, maar dat het neerkomt op „onveranderlijke uiterlijke kenmerken, in het bijzonder huidskleur of ras”.

Daarmee worden burgers in twee klassen verdeeld: de witte Europese burgers die ongestoord Europese binnengrenzen kunnen oversteken en de niet-witte EU-burgers die voortdurend lastiggevallen en vernederd mogen worden om rechtshandhavingsdoelen te kunnen realiseren. Racisme als het werkpaardje van de rechtsstaat.

Lees ook: Rechter koppelt ten onrechte Nederlanderschap aan witheid

Vergaand etnisch profileren

En het probleem wordt groter door precedentwerking en jurisprudentie. Terwijl het kabinet is afgetreden door het onrecht van onder meer etnisch profileren in de Toeslagenaffaire, zet deze uitspraak de deur juist wagenwijd open naar vergaand etnisch profileren. Want ook de politie stelt zich al langere tijd de vraag of het redelijk is om burgers te selecteren aan de hand van etniciteit op basis van criminaliteitscijfers. Volgens het laatste ‘Jaarrapport Integratie’ van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), zijn alleen jonge mannen (18-22 jaar) met een Marokkaanse migratieachtergrond oververtegenwoordigd in de groep van veroordeelden. ‘Informatiegestuurd’ rechercheren zou etnisch profileren tot deze specifieke groep beperken.

Toch zijn de klachten over etnisch profileren breder en bovendien fors gestegen. Omdat etnisch profileren moeilijk te bewijzen valt, stelt de Nationale Ombudsman zelfs voor om de bewijslast om te draaien, en dus bij de overheid te leggen. In Amsterdam loopt een proef om etnisch profileren tijdens preventief fouilleren tegen te gaan door de aanwezigheid van objectieve waarnemers. De uitspraak van de rechter ondergraaft al deze inspanningen.

Zowel de uitspraak van de rechter als de definitie die zij van etniciteit geeft, zijn bovendien schokkend omdat ze bijdragen aan een biologische definitie van etniciteit als ‘ras’. ‘Ras’, een controversieel begrip dat is voortgekomen uit de racistische wetenschap van de negentiende en twintigste eeuw, wordt zo tot een onproblematisch en natuurlijk feit gemaakt. Terwijl rassen niet bestaan. ‘Ras’ is een sociaal construct.

Maar een rechter die zegt dat etniciteit neerkomt op „onveranderlijke uiterlijke kenmerken”, suggereert feitelijkheid – en dat is zorgwekkend en gevaarlijk. Eén van ons heeft recentelijk beargumenteerd dat niet de wetenschap maar de wet biologisch ras produceert. Hetzelfde geldt nu ook voor de rechtspraak. Onze rechtsstaat staat voor een groot probleem.