Opinie

De Tweede Kamerlift als sociaal experiment

Petra de Koning

Ze stonden dinsdagmiddag samen in de lift van de Tweede Kamer: Corinne Ellemeet van GroenLinks en Tunahan Kuzu van Denk, op weg naar de zevende verdieping, waar hun fracties sinds begin september allebei zitten. Ellemeet droeg een grote, groene plant, voor haar nieuwe kamer. Kuzu keek ernaar met een vies gezicht. „Wat moet je dáár nou mee?”

In het oude gebouw op het Binnenhof, dat nu gerenoveerd wordt, waren veel trappenhuizen, liften op verschillende plekken, ruime gangen. Kamerleden konden elkaar makkelijk ontlopen of doen alsof ze elkaar niet zagen. In het nieuwe gebouw zijn de gangen smal en er is maar één hal, niet eens heel groot, met liften. Naast het trappenhuis.

Ik hoor Kamerleden al weken zeggen dat het voelt als een sociaal experiment: zet politici zo dicht mogelijk bij elkaar, kijk wat er gebeurt. Bij haar aftreden als minister keek D66’er Sigrid Kaag haar CDA-collega Ank Bijleveld niet aan. Demissionair minister Hugo de Jonge zat bij de Algemene Politieke Beschouwingen met zijn rug naar FVD-leider Thierry Baudet. En verderop in Den Haag mislukten steeds maar weer gesprekken over een nieuw kabinet, er wordt nog niet eens onderhandeld.

Hoe zou het gaan in de lift?

De hele dinsdag ga ik met Kamerleden mee omhoog of naar beneden. Derk Jan Eppink (JA21) denkt dat er „mensen van linkse partijen” zijn die niet graag instappen als hij er al staat. „Dat had ik van Denk verwacht. Maar daar vallen ze erg mee. Ik heb al koffie gedronken met Kuzu.” Kees van der Staaij (SGP) en Pepijn van Houwelingen (FVD) staan zwijgend naast elkaar, Gijs van Dijk (PvdA) houdt de deuren open om aan Ellemeet uit te leggen waar ze een plant kan ophalen – die ze even later naar boven sjouwt. En ik hoor van Caroline van der Plas (BBB) dat ze op weg naar de vijfde met Dion Graus (PVV) over „koetjes en kalfjes” heeft gepraat, en dat ze het vooral met Baudet in zo’n kleine ruimte „ongemakkelijk” vindt omdat hij nauwelijks iets terugzegt. Farid Azarkan (Denk) stapt niet in als Gideon van Meijeren (FVD) al in de lift staat met een medewerker en zegt dat zij „naar beneden” gaan. „In de peilingen ja”, roept Azarkan. Als de deuren dicht zijn zegt hij: „Dat is de Baudet-Jugend.”

Na lunchtijd hangt er in één van de liften een keer een sterke alcoholgeur.

Aan het eind van de dag weet ik dat de meeste VVD’ers, op de vierde etage, de kleine trap nemen in hun eigen gang. Steeds meer GroenLinksers, op de zevende, kiezen voor het grote trappenhuis naast de lift. Dat vinden ze gezond, zeggen ze. In dat trappenhuis zie je ook PVV’ers. „Ik vind de lift vies”, zegt Gidi Markuszower. Er zijn ook al SGP’ers op de trap, vooralsnog alleen naar beneden.

Als het een sociaal experiment was geweest: mislukt.

Petra de Koning (p.dekoning@nrc.nl; @pdekoning) schrijft elke donderdag op deze plek een column.