Recensie

Recensie Theater

Magische ‘Aladdin’-musical blinkt van de bühne

Musical ‘Aladdin’ flonkert van het toneel met kleurrijke scènes en een meesterlijke Stanley Burleson als geest. De voorstelling is iets anders dan de animatiefilm uit 1992, maar de iconische vlucht op een vliegend tapijt zit er natuurlijk in.

Keoma Aidhen als Jasmine en Jonathan Vroege als Aladdin in de musical Aladdin.
Keoma Aidhen als Jasmine en Jonathan Vroege als Aladdin in de musical Aladdin. Foto Deen van Meer

Disney is niet vies van wat klatergoud in z’n musicals, maar van de hoeveelheid edelmetaal die bij het nummer ‘Vriend als ik’ in Aladdin van het toneel blinkt, zou De Nederlandsche Bank nog jaloers worden. En toch is het in deze scène acteur Stanley Burleson die de show steelt. Als geest uit een toverlamp mag hij de titelfiguur drie wensen geven. In een spetterende act geeft hij een voorproefje van zijn kunsten: „zeg wat je mist en, hup, daar is ‘t!” Er wordt druk getapt, gegoocheld en ondertussen laat Burleson de rappe tekst onvermoeibaar voortrollen. Hij speelt de geest (misschien wel de ware hoofdpersoon van deze musical) meesterlijk.

Aladdin zit ramvol momenten waarop het spektakel van de bühne schittert in kleurrijke ensemblescènes. Zo trapt de productie, die tien jaar geleden in Seattle in première ging, af met een achtervolging door de straten van de fictieve stad Agrabah, nadat de arme hoofdpersoon iets uit een marktkraam heeft gejat. Aladdin schiet tussen gebouwen door, duikt over karren en wringt zich tussen zijn stadsgenoten door, terwijl hij de arm der wet afschudt.

Het wervelende ‘Eén sprong’, dat bij deze scène te horen is, wordt uitgevoerd door een uitstekend live-orkest. In de musical spelen zij – naast enkele liedjes die speciaal voor de musical werden geschreven – nummers uit de animatiefilm uit 1992, zoals het aanstekelijke ‘Prince Ali’ en ‘A whole new world’. Erik van Muiswinkel vertaalde deze nummers, evenals het verdere script. Het is zijn eerste grote musical en geen gek vertaaldebuut. Van Muiswinkel fietst er wat goede (woord)grappen in en maakt van ‘A whole new world’ het mooie ‘De wereld wacht’.

Geen bijdehand aapje

In tegenstelling tot de animatiefilm is de musical geen beestenboel. Aan Aladdins zijde vervangen drie vrienden het bijdehante aapje Abu. Slechterik Jafar – een rol die Roberto de Groot op het lijf geschreven is – heeft geen papagaai als hulpje, maar een kruiperige assistent (Darren van der Lek). De iconische vlucht met het vliegende tapijt zit natuurlijk wel gewoon in de voorstelling. Dat is een magisch moment, waarbij sterren flonkeren en het kleed daadwerkelijk loskomt van de grond.

Het liefdeskoppel op dat tapijt is trouwens goed gecast. Als Aladdin is Jonathan Vroege charmant en komisch, en hij heeft een sterke stem. Tegenspeler Keoma Aidhen vertolkte Jasmine al in Duitsland en ook haar vocale capaciteiten zijn dik in orde. Bovendien weet zij de balans te vinden tussen een Disney-prinses die met haar vriendin babbelt over de prins op het witte paard en een vrouw met een eigen mening, die zich niet zomaar laat uithuwelijken. Echt autonoom is dit personage nog steeds niet, maar het kan ook niet al goud zijn wat er blinkt.