James Bond is ook jeugdsentiment

Bondfan Hoe komt het dat 007 al zo lang onweerstaanbaar blijft? , al een leven lang fan, verklaart zijn liefde.

Bond (Roger Moore) in een krokodillenpak in ‘Octopussy’ (1983).
Bond (Roger Moore) in een krokodillenpak in ‘Octopussy’ (1983).

Mijn kennismaking met James Bond was The Living Daylights. Het was de zomer van 1987, ik was elf jaar oud en samen met mijn vader bezocht ik het prachtige Metropole-theater in Den Haag. Na jaren van Disneyklassiekers vonden mijn ouders 007 een verplichte nieuwe stap in mijn groeiende affectie voor het prachtige medium film. Ik heb mijn eerste Bond ervaren als een aaneenschakeling van louter hoogtepunten: van de achtervolging per cellokoffer door de sneeuw tot het adembenemende messengevecht in de lucht, terwijl de Britse spion op kilometers hoogte aan een scheurend net vol drugs hing.

Het zaadje was geplant voor een liefde die inmiddels ruim drie decennia standhoudt; de helft van de periode dat Bond op het witte doek te zien is. De veertien andere delen in de reeks verslond ik tijdens weekendjes met neefjes of ooms die wél een videorecorder hadden – mijn ouders weigerden er een in huis te halen omdat ik naar hun mening te veel televisie keek. Ik leerde langzaam het verschil (her)kennen tussen de verschillende Bond-vertolkers: de clowneske Roger Moore vond ik leuker dan de charmante Sean Connery. Met ‘tussenpaus’ George Lazenby kon ik weinig, ondanks de hartverscheurende slotcène van zijn enige Bond-film, On Her Majesty’s Secret Service.

Vaste elementen

Niet alleen ik omarmde 007 onvoorwaardelijk na onze eerste ontmoeting. Na Marvel, Star Wars en Potter is het de meest lucratieve filmserie aller tijden. Volgens voorzichtige schattingen heeft één op de drie mensen op aarde ooit een film in de reeks in de bioscoop gezien. In de bioscopen brachten de tot nu toe 24 (officiële) delen 7 miljard dollar op; de totale waarde van de franchise, met inkomsten als home-entertainment en merchandise opgeteld, ligt naar schatting drie keer zo hoog.

Bond (Timothy Dalton) en Kara (Maryam d’Abo) ontsnappen per cellokoffer in ‘The Living Daylights’ (1987).

Foto Getty Images

Bond is een genre op zich geworden, met zijn eigen regels, riten en vaste elementen die altijd standhouden, ondanks de verschillende accenten die elk van de zes hoofdrolvertolkers aanbrachten. Wie een kaartje koopt voor de nieuwe 007, krijgt op zijn minst verbluffende stunts, exotische locaties, idiote gadgets, een megalomane schurk en bloedmooie vrouwen voorgeschoteld. Ook de waarde van sommige geliefde vaste personages voor het succes van de serie is niet te onderschatten. Van de strenge doch rechtvaardige baas M en zijn snibbige secretaresse Miss Moneypenny tot de wereldvreemde uitvinder Q. Fans klaagden steen en been toen het populaire hulpje ontbrak in Casino Royale en Quantum of Solace.

Krokodillenpak

De gouden James Bond-formule biedt het publiek ultiem escapisme. Twee uur lang kan de kijker zich even een grote held wanen die elke penibele situatie overleeft, die iedereen die hij begeert kan verleiden en met een kwinkslag de wereld weet te redden. 007 en zijn universum zijn larger than life. De plannen van de bad guys zijn doorgaans te krankzinnig voor woorden: ze willen het goud in Fort Knox radio-actief maken (Goldfinger), een superras dat onder water leeft creëren (The Spy Who Loved Me) of middels hun media-imperium een kernoorlog uitlokken (Tomorrow Never Dies). Alle vrouwen hebben tot de verbeelding sprekende namen als Pussy Galore (Goldfinger), Plenty O’Toole (Diamonds Are Forever) of Holly Goodhead (Moonraker) – al zijn de dames in de laatste delen flink minder ééndimensionaal en karikaturaal geworden.

De liefde voor Bond overwint ook koerswijzigingen die minder weten te bekoren. Commercieel gezien was het een meesterlijke zet om met Daniel Craig een nieuwe weg in te slaan – de laatste films, Skyfall en Spectre, waren twee van de meest succesvolle delen ooit. Mede door de aanslagen op 9/11 was het publiek rijp voor een grimmiger Bond die met zijn persoonlijke demonen worstelde. De nieuwe verhalen leunden minder op de gadgets waarmee Connery en Moore altijd het vege lijf wisten te redden – de onzichtbare auto en Bond die surfend op een ijslawine aan een gigantische ruimtelaserstraal ontsnapte in Die Another Day (2002) gingen veel fans zelfs een stap te ver.

Maar waar ik Octopussy (Bond in een krokodillenpak!) of GoldenEye (Famke Janssen en haar dodelijke dijen!) elk jaar minimaal één keer moet zien, heb ik die behoefte bij de Craig-films nooit gevoeld. Ze waren knap gemaakt en onderhoudend, maar het pure plezier dat ik steeds opnieuw beleef bij het terugzien van de oude delen wisten ze nooit op te wekken. Toch kijk ook ik ondanks mijn wat kille relatie met Craig al twee jaar reikhalzend uit naar Bond 25. Ik heb elke nieuwe trailer van de film gespeld, al besef ik wel dat ook dit maal de oude ironie die mij zo aanspreekt vermoedelijk zal ontbreken.

Actiescène met Pierce Brosnan en Izabella Scorupco als Bond en Natalya in ‘GoldenEye’ (1995).

Foto Getty Images

Nostalgische gevoelens

De James Bond-serie steunt sterk op een gevoel van nostalgie. In eerste instantie voedde de boekenserie van Ian Fleming – tussen 1953 en 1966 verschenen veertien boeken – de hang naar het glorierijke verleden toen de Britten met hun enorme rijk een wereldmacht van belang vormden. Ook op het witte doek staat 007 symbool voor een tijd waarin regels, gratie en stijl nog belangrijk werden gevonden; een universum waarin het normaal is dat alle mannen rondlopen in strak gesneden pakken en waarin de schurk altijd heel beleefd de tijd neemt om zijn snode plannen uit te leggen – een vreemde geste die Bond doorgaans de kans biedt op miraculeuze wijze te ontsnappen. De filmreeks is zich ook zeer bewust van zijn eigen geschiedenis; in vrijwel alle nieuwe delen zitten subtiele of opzichtige knipogen naar eerdere titels verstopt.

De nostalgie is er ook op een persoonlijk niveau. Het publiek van Bond omvat inmiddels drie generaties. Veel fans zagen hun eerste Bond met hun ouders, koesteren daar dierbare herinneringen aan en dragen die liefde over aan hun kinderen. Een bezoek aan de nieuwe 007 blijft zo voor velen voor must - ook als de franchise door een mindere fase gaat.