Analyse

De Groenen en FDP, de twee kleinste winnaars, hebben in Duitsland de troeven in handen

Duitse verkiezingen De Groenen en de liberale FDP lijken een sleutelrol te krijgen bij de onderhandelingen over een nieuwe coalitie. Ze zoeken voorzichtig toenadering, maar er is nog veel dat ze scheidt.

Annalena Baerbock (Groenen) en SPD-leider Olaf Scholz in gesprek met Christian Lindner (links) van de FDP, op een foto uit juni. Tussen Groenen en FDP is al „oriënterend overleg” gaande.
Annalena Baerbock (Groenen) en SPD-leider Olaf Scholz in gesprek met Christian Lindner (links) van de FDP, op een foto uit juni. Tussen Groenen en FDP is al „oriënterend overleg” gaande. Foto Clemens Bilan/EPA

Kort na de eerste verkiezingsuitslagen op zondagavond rolde een golf van verontwaardiging door het internet. De reden: het kiesgedrag van de jongste Duitse stemmers. Onder degenen die voor het eerst hun stem uitbrachten, was naast de Groenen de liberale FDP het meest geliefd. Beide partijen haalden 23 procent. Wat is er in de Duitse jeugd gevaren, becommentarieerden Twitteraars de statistiek, dat ze op de rode-broeken-partij menen te moeten stemmen? Iemand schreef over de jongste kiezers: „Ook niet meer de idealisten die het ooit waren.”

Maar de FDP heeft de afgelopen jaren onder leiding van lijsttrekker Christian Lindner progressieve accenten gelegd. En nu speelt de partij, die 12 procent van de stemmen behaalde, samen met de Groenen (15 procent) een sleutelrol in de vorming van de komende regering.

Zowel de winnaar van de verkiezingen Olaf Scholz (SPD), die 25,7 procent haalde, als Armin Laschet die met zijn CDU/CSU een historisch laag resultaat van 24,1 procent boekte, wil een coalitie vormen met de FDP en de Groenen. Een combinatie van SPD, FDP en Groenen wordt de ‘stoplicht-coalitie’ genoemd, CDU/CSU, FDP en Groenen samen zouden een ‘Jamaica-coalitie’ kunnen vormen.

Lees ook Welke coalities liggen voor de hand in Duitsland – en welke niet (meer)?

Omstreden is of de verliezende CDU wel aanstalten zou moeten maken om een regering te vormen. SPD-kandidaat Scholz zei maandagochtend in het Willy-Brandt-Huis, waar hij een bosje bloemen in ontvangst nam, dat de kiezers een duidelijk signaal hebben gegeven: de CDU is afgestraft. SPD, FDP en Groenen hebben gewonnen en moeten regeren. De winnende partij moet de kanselier leveren. Armin Laschet vond maandagmiddag dat door de kleine marges „geen enkele partij aan deze resultaten een mandaat kan ontlenen”. Hij zei dat informele gesprekken met de beoogde coalitiepartners al waren begonnen.

Toenadering

Maar nu beide grote partijen, SPD en CDU/CSU, willen regeren, kunnen FDP en Groenen de voorwaarden voor de gesprekken formuleren. FDP-lijsttrekker Lindner zei maandag dat de oriënterende gesprekken met de Groenen al zijn begonnen, en dat de alliantie daarna „open staat voor uitnodigingen” van de grote partijen.

De toenadering tussen FDP en Groenen zal niet vanzelf gaan, maar de partijen hebben veel raakvlakken. Het belangrijkste is hun buitenlandpolitiek. Zowel Groenen als FDP willen een hardere koers varen tegenover Rusland en China. Lindner noemde de China-politiek van Merkel onlangs te veel gericht op economische belangen, en ook Annalena Baerbock van de Groenen vindt dat het mensenrechtenvraagstuk in de houding tegenover China meer prioriteit moet hebben.

Voor de Groenen is klimaatpolitiek vanzelfsprekend hun voornaamste pijler. Ook de FDP wil de doelen van Parijs en de 1,5 graden halen, maar vindt dat daar heel andere maatregelen voor nodig zijn dan de Groenen voorstellen. De FDP zet in op een uitbreiding van de CO2-emissiehandel en op meer ‘innovatie’ waardoor sectoren eigen manieren kunnen vinden om CO2-neutraal te worden. De Groenen zien een veel grotere rol voor de overheid, die met meer regulering – zoals het binnenkort verbieden van de brandstofmotor – vergroening in de industrie zou moeten aanjagen.

Voor beide partijen is bovendien privacy en digitalisering belangrijk.

Minimumloon

De grootste afstand moeten Groenen en FDP overbruggen waar het aankomt op financiën en sociale thema’s. Zo zijn de Groenen voor een hoger minimumloon van 12 euro per uur, iets wat de FDP absoluut geen zaak voor de overheid vindt. En de Groenen willen hogere belastingen en meer investeren, terwijl de FDP juist belasting wil verlagen en behoudend wil begroten.

Op die laatste thema’s liggen Groenen en FDP ver uit elkaar, en op die vlakken voelen de Groenen meer affiniteit met de SPD, de FDP meer met de christen-democraten. FDP en SPD bejegenen elkaar de laatste dagen al niet erg kameraadschappelijk voor twee toekomstige coalitiepartners; zo noemde SPD-vicevoorzitter Kevin Kühnert FDP’er Lindner een „windbuil”. Maandagochtend noemde SPD-voorzitter Norbert Walter-Borjans een samenwerking van FDP met CDU/CSU „immoreel”, en karakteriseerde hij de economie van de liberalen als „voodoo-economie”.

Voor de SPD is de bereidheid van de CDU/CSU om te regeren een groot nadeel aan de onderhandelingstafel. FDP en Groenen kunnen steeds zeggen als de SPD iets verlangt: dan gaan we nu met Laschet praten.

Lees ook SPD wint Duitse verkiezingen, maar Armin Laschet geeft nog niet op

Laschets onderhandelingspositie is zo mogelijk nog zwakker. Binnen de twee zusterpartijen CDU en CSU is de onvrede over de campagne en de CDU-lijsttrekker groot. Enkelen spreken openlijk uit dat Laschet zijn kolossale nederlaag zou moeten toegeven en meer bescheidenheid op zijn plaats zou zijn. Minister-president van Saksen Michael Kretschmer noemde het verlies een „aardbeving”. Maar Laschet zelf heeft niet veel ruimte, voor hem is het het kanselierschap of niets.

Maandagmiddag tijdens een persconferentie bij de CDU reageerde Laschet uiterst getergd op vragen van de pers, alsof hij in de uren daarvoor al zeer was gemangeld in de eigen partijvergadering. Laschet hield vol dat de partij een opdracht van de kiezers heeft gekregen en dat het zijn verantwoordelijkheid is om die uit te voeren, koste wat kost.

Maar het zou even goed kunnen gaan om Laschet, die niet wil wijken, koste wat kost: in Berlijn schreef hij als CDU-voorzitter geen nieuwe verkiezingen uit voor het fractievoorzitterschap, vermoedelijk omdat hij bang is die te verliezen. En terug naar zijn post in Düsseldorf, waar hij minister-president van Noordrijn-Westfalen is, wordt ook moeilijk nu ook daar de SPD veel heeft gewonnen ten koste van zijn CDU.