Foto John Thys/AFP

Foto John Thys / AFP

Interview

Carine Kanimba: ‘Mijn vader had geen kans op een eerlijk proces’

Carine Kanimba Deze week werd Paul Rusesabagina in Rwanda veroordeeld tot 25 jaar cel. Volgens zijn dochter is het nu tijd voor politieke actie om haar vader vrij te krijgen.

Carine Kanimba heeft het afgelopen jaar op zo ongeveer elke deur geklopt: het Europees parlement, het Amerikaanse Congres, de Belgische Kamer: „Nu pas hoor ik woede, en hebben we eindelijk het gesprek dat we al maanden moesten hebben.” Maandag werd haar vader, Paul Rusesabagina, door een Rwandese rechtbank veroordeeld tot 25 jaar cel.

Paul Rusesabagina (67) redde in 1994 tijdens de Rwandese genocide meer dan duizend mensen, toen hij opgejaagde vluchtelingen opving in het hotel waar hij manager was. Hij werd bekend toen zijn verhaal verfilmd werd in Hotel Rwanda. Sindsdien groeide Rusesabagina uit tot fel criticus van het regime van de Rwandese president Paul Kagame. Hij vluchtte het land uit, werd Belgisch staatsburger en verhuisde later naar Texas. Tot hij in augustus 2020 door een listige operatie van de geheime dienst in Rwanda belandde: een vliegtuig met bestemming Burundi landde in de Rwandese hoofdstad Kigali, waarna Rusesabagina werd overgebracht naar een gevangenis.

Lees ook: Deze rechtszaak liet zien hoe lang de arm van de Rwandese overheid is. Het land heeft zich ontwikkeld tot een politiestaat.

De 28-jarige Kanimba zette haar baan op Wall Street on hold, en voert sindsdien campagne om haar vader vrij te krijgen. De familie maakt zich zorgen: Rusesabagina overleefde kanker, heeft een hartziekte en hoge bloeddruk, maar krijgt al een jaar geen toegang tot zijn gewoonlijke medicijnen en een onafhankelijk arts. „De tijd is gekomen om niet meer diplomatiek te fluisteren, maar met strenge maatregelen te komen en te eisen dat mijn vader naar huis mag komen”, zegt Kanimba aan de telefoon vanuit het Belgische Kraainem.

Waarom denkt u dat het Rwandese regime het op uw vader gemunt heeft?

„De reden voor dit alles is de kritische houding van mijn vader tegenover het regime. Kagame ziet mijn vader als een bedreiging. Niemand die kritisch op Kagame was, loopt nog vrij rond in Rwanda. En zijn repressie strekt tot over de grenzen, dat weet de Rwandese diaspora ook. De Rwandese autoriteiten hadden eerder zowel België als de VS om uitlevering van mijn vader gevraagd, maar dat is altijd geweigerd omdat er geen bewijs tegen hem was. Daarna hebben ze zelfs geprobeerd kinderporno op zijn computer te zetten, zodat hij daarvoor opgepakt kon worden. Maar dat ze zo ver zouden gaan hem te ontvoeren, hadden wij ook niet verwacht.”

De Belgische justitie werkte deels mee aan het onderzoek naar uw vader. Zo deden de autoriteiten op verzoek van Rwanda in 2019 een huiszoeking. Wat vindt u daarvan?

„De Rwandese autoriteiten verwijzen in verklaringen telkens naar de hulp die ze van de Belgische justitie hebben gehad. Welke documenten er wanneer zijn overhandigd, is nog altijd niet helemaal duidelijk. Maar de Belgen hebben mijn vader in elk geval nooit opgepakt na hun onderzoek, dus er was geen bewijs tegen hem, hoe erg de Rwandese autoriteiten dat nu ook proberen te verdraaien. Toch hoop ik dat dit een waarschuwing is voor België, om voortaan op te passen voor justitiële samenwerking met regimes als dat van Kagame.”

Carine Kanimba voelt zich in België niet veilig voor het Rwandese regime.

John Thys/AFP

De Rwandese rechtbank oordeelde dat Rusesabagina zich schuldig heeft gemaakt aan terrorisme: hij zou onder meer een gewapende tak van een oppositiegroep geld hebben gegeven om aanvallen te plegen. Hoe de rechtszaak zou verlopen „stond voor ons al vast”, zegt Kanimba. Volgens haar werden de rechten van haar vader „sinds het begin met voeten getreden”: „Hij heeft geen toegang gehad tot zijn advocaat of zijn dossier, en bij de rechtszaak is geen betrouwbaar bewijs geleverd. Hij heeft nooit kans gehad op een eerlijk proces.”

Lees ook dit interview: ‘Er is een klopjacht gaande op Kagame’s tegenstanders’

Dat zei deze week ook de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Sophie Wilmès in een officiële verklaring: „België is van mening dat de heer Rusesabagina geen eerlijk en billijk proces heeft gekregen.” Het was de eerste keer dat België het handelen van Kigali ten aanzien van de Belgisch staatsburger zo openlijk afkeurde. Kigali annuleerde daarop een geplande ontmoeting tussen de twee landen.

Wat verwacht u nu nog meer van de Belgische overheid, en van de internationale gemeenschap?

„Van alle kanten hebben politici en instanties het afgelopen jaar aangegeven dat zijn ontvoering niet rechtmatig was. Maar de scheiding der machten maakte dat ze eerst vooral opriepen tot een eerlijke rechtszaak en om zijn rechten te respecteren. Ik geef ze het voordeel van de twijfel, want de Rwandese propagandamachine is sterk. Maar nu mensen er eindelijk doorheen kijken, hebben we moedige politici nodig die een stap verder durven te gaan. Als we dat niet doen, welke boodschap geven we dan aan mensenrechtenactivisten, en aan dictators? Volgende maand is er een holocaust-conferentie in Zweden waar Kagame zou moeten spreken. Ik hoop dat België verzoekt zijn uitnodiging in te trekken.”

Een aantal maanden geleden bleek dat uw telefoon gehackt was met spionagesoftware Pegasus, zeer waarschijnlijk door het regime van Kagame. Voelt u zich zelf nog veilig?

„Nee. Ze hebben mijn locatie gezien, mijn berichten, mijn agenda, zelfs een gesprek met Sophie Wilmès hebben ze kunnen afluisteren. Ik ben een normale 28-jarige vrouw: ik ging graag uit, naar de film en naar mijn werk. Nu ga ik niet eens meer alleen naar de supermarkt. Ik snap dat het werkt om mensen zo stil te krijgen, maar ik moet wel blijven praten. Ik laat me niet intimideren.”