Opinie

‘Legaliseer cannabis’ en tegelijk hard optreden gaat niet samen

De Rechtsstaat

Zo’n veertig burgemeesters zijn de drugscriminaliteit zat, vertelde onlangs Roosendaals eerste man Han van Midden (VVD). Er was sprake van een ‘manifest’ met vier punten: Pak en Pluk, Breek de Gouden Roltrap af, Legaliseer Softdrugs en Mobiliseer de Samenleving. Fraai staaltje beleidsmarketing dus, met catchy beeldspraak – die gouden roltrap sloeg dan op het makkelijke geld waarmee de jeugd afdaalt naar de zware criminaliteit. Of opstijgt natuurlijk. Hoe dan ook liet het manifest zien dat het denken over cannabis onder bestuurders kentert. Het was eerder ook al in de VVD waarneembaar, waar in het verkiezingsprogramma na stevig debat cannabis maar net verboden bleef.

Het blijft intussen toch vrij maf om een burgemeester, lokaal handhaver van het strenge drugsbeleid, opeens de logistiek van de coffeeshop als ‘idioot’ te horen kwalificeren. Die rust inderdaad op een illegale keten van kwekers, runners, stashes – opererend vanuit woningen, auto’s en bedrijfspanden. Allemaal om de coffeeshop juridisch te ontzien, die als topje van de illegale ijsberg klanten legaal mag bedienen. Inderdaad, heel gek. Wat u zegt, burgemeesters, leuk dat u het ook ziet.

Lees ook: Burgemeesters willen radicaal andere aanpak

En houdt de burgemeester nu voortaan ook met z’n eigen bijgestelde opvattingen rekening bij de handhaving? Ik vraag het maar. Geen advocaat zal dit manifest overslaan als er weer een gepakte kweker moet voorkomen, een gedupeerde huiseigenaar of huurder van een ‘drugspand’ dat de burgemeester zojuist heeft gesloten. Als voorbeeld van de gespleten bestuurlijke tong. Streng naar de inwoner, liberaal naar de kiezer. Kun je een strenge handhaving combineren met een pleidooi voor legalisering van cannabis, zonder je geloofwaardigheid te verliezen? Burgemeesters beschikken immers over een draconische bevoegdheid om woningen te sluiten waar kennelijk in drugs wordt gehandeld of daartoe ‘voorbereidingen’ worden getroffen. Dat komt voor huurders vaak neer op permanent huisverlies; burgemeesters kunnen bewoners een jaar lang uit hun huis zetten.

Doorgaans ontbindt de eigenaar dan ook het huurcontract en plaatst de bewoner op een regionale zwarte lijst. Huren kan je dan verder vergeten. Is het huis eigendom, dan kan de gemeente het ‘in beheer’ geven of onteigenen. Dat leidt regelmatig tot drama’s. Gezinnen, ook met kinderen, worden op straat gezet. Omdat een ex-partner of een criminele zoon ‘thuis’ als opslag gebruikt, terwijl de huurder op vakantie is. En niet het toezicht uitoefende dat de gemeente eist.

Dergelijke sluitingen, op basis van de zogeheten Damocles-wet, zijn schering en inslag. Een recente detailstudie van de Groningse universiteit over 2018 tot 2020 laat zien dat in vrijwel alle gemeenten een tot tien panden per jaar worden gesloten, meestal woningen. Volgens het onderzoek treft dat vooral ‘kwetsbare personen’. „Meerdere respondenten […] hebben het idee met name stakkers te raken met een sluiting, niet de rakkers.”

Lees ook: Ook in de VVD klinkt nu: ‘Repressie alleen lost het probleem van drugscriminaliteit niet op’

Dat constateerde RTL Nieuws in mei ook al bij een steekproef onder ombudsmannen, hoogleraren en advocaten. Damocles-sluitingen treffen vaak onschuldige burgers. Vaak ook zijn kinderen de dupe. Het beleid is ‘te hard’, meedogenloos, doorgeslagen en straft burgers voor hun huisgenoten. Omdat je ex tien gram coke bij je achterliet plus weegschaaltje. De sluiting wordt dan gerechtvaardigd met ‘openbare orde’ en de noodzaak de buurt een ‘signaal’ te geven. Namelijk dat er tegen drugs hard wordt opgetreden. Want dat willen Kamer en kabinet. En of het iets helpt? Niemand weet waar al die dakloze burgers daarna blijven.

Uit het Groningse onderzoek blijkt dat minder vergaande maatregelen zoals waarschuwingen of de boete met bevel (‘last onder dwangsom’) maar door 10 procent van de burgemeesters wordt toegepast. Burgers die dit overkomt maken wel bezwaar bij de gemeente, maar krijgen zelden gelijk. In beroep gaan bij de bestuursrechter gebeurt maar weinig. In slechts een op de vijf gevallen krijgt de burger daar gelijk – wie het daarna nog probeert bij de Raad van State krijgt in minder dan 10 procent van de gevallen gelijk.

Kortom, een keiharde wet, die het bestuur ook vrijwel even hard mag uitvoeren. Toeslagen, iemand? Nee, wie cannabis wil legaliseren moet ook z’n beleid matigen.

Lees ook de digitale nieuwsbrief van juridisch redacteur Folkert Jensma.