Thijs Roovers en Jan van de Ven (rechts)Foto privécollectie

Interview

Onderwijs-actievoerders: ‘Het is nog niet genoeg, maar laten we wel wezen: dit is een enorme berg geld’

Onderwijs-actievoerders Thijs Roovers en Jan van de Ven

In het basisonderwijs gaan de lonen omhoog. Thijs Roovers en Jan van de Ven leidden de stakingen die hieraan vooraf gingen.

Op 5 oktober 2017 leggen tienduizenden leraren hun werk neer om onder aanvoering van Thijs Roovers en Jan van de Ven, van het destijds vers opgerichte platform PO in Actie, in Den Haag te demonstreren voor meer loon. Er volgden meer stakingen, meer acties en een lange lobby achter de schermen.

Nu, bijna vier jaar later, is de Tweede Kamer om: er komt jaarlijks 500 miljoen euro extra om de salarissen van leraren in het basisonderwijs te verhogen. Waarmee de loonkloof, het verschil tussen leraren aan basisscholen en hun collega’s aan middelbare scholen, fors kleiner wordt – en daar was het Roovers en Van de Ven al die tijd om te doen. „Dit mogen we wel even vieren”, zegt Roovers, tot voor kort leraar op een basisschool in Amsterdam en nu bestuurder bij onderwijsbond AOb. „Ik ben echt blij.”

Van de Ven, invalleerkracht en programmamanager bij researchED: „Onze inzet was: trek die lonen gelijk. Daar hebben we met veel mensen keihard voor gewerkt. Het dominosteentje dat wij in 2017 omduwden heeft zijn doel bijna bereikt.”

Lees ook dit interview met Merel van Vroonhoven, die van topbestuurder naar het onderwijs overstapte

Is het genoeg? Om de loonkloof helemaal te dichten zou ongeveer 900 miljoen nodig zijn.

Roovers: „Als je te lang wacht met het huis repareren, worden de kosten hoger. Dus nee, het is nog niet genoeg, we gaan door met onze lobby. Maar laten we wel wezen: dit is een enorme berg geld.”

Van de Ven: „We hebben er in 2018 ook al 270 miljoen bij gekregen. En ik verwacht eerlijk gezegd dat de laatste stap in de formatie wordt gezet.”

Helpt het tegen het lerarentekort?

Van de Ven: „Zeker. Geld is nooit een reden om het onderwijs in te gaan, maar het mag ook geen reden zijn om er niet voor te kiezen. We weten uit onderzoek dat het salaris in de top drie staat van redenen om níet voor het basisonderwijs te kiezen. Het is geen toeval dat het lerarentekort in het basisonderwijs groter is dan in het voortgezet onderwijs.”

Roovers: „Geld is altijd een factor, hoe aantrekkelijk een beroep ook is. Het weerhoudt mensen ervan om leraar te worden en het leidt ertoe dat sommige leraren overstappen naar ander werk. Neem het ze maar eens kwalijk: zij zien dat andere mensen op hetzelfde niveau wél een huis kunnen kopen in de Randstad.”

Hoeveel scheelt het in salaris van een basisschoolleraar als de loonkloof is gedicht?

Van de Ven: „Als je alleen naar het startsalaris kijkt is het verschil niet zo groot. Maar vergelijk je de salarissen van leraren met twaalf jaar ervaring, dan gaat het om acht- tot vijftienduizend euro bruto per jaar, inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Dat scheelt dus aanzienlijk als je bijvoorbeeld een hypotheek wilt.”

Roovers: „Los daarvan is het extra geld ook een blijk van erkenning van ons vak. Leraren zijn het waard en kinderen al helemaal. Zij zijn echt de dupe van het tekort aan leraren. Hun resultaten kelderen omlaag als er geen bevoegde leraren voor de klas staan, zoals nu op veel scholen gebeurt. Je hebt het potverdorie over een hele generatie die geen tweede kans krijgt. Dat merk je niet direct, maar op de langere termijn wel, omdat zij minder goed terechtkomen.”

Wat gaan jullie nu doen?

Roovers: „Er ligt nu geld, maar we moeten als beroepsgroep aan de slag om ervoor te zorgen dat leerlingen in het voortgezet onderwijs weer voor de pabo gaan kiezen.”

Van de Ven: „Het moet weer een aantrekkelijk vak worden, een beroep waar je bij wilt horen. Dat heeft ook met kwaliteit te maken, zowel van het onderwijs als van de lerarenopleidingen. Die moet omhoog.”

Roovers: „Dit is wat ons betreft een eerste stap naar een deltaplan voor het onderwijs. Schouders eronder: er is nog veel te doen.”