Analyse

Na ‘Afghanistan’ leveren Haïtiaanse deportaties Biden opnieuw publicitaire pijn op

Verenigde Staten Het migratiedossier had voor Biden geen prioriteit. Een vergissing, blijkt, nu pijnlijke beelden rondgaan van grenswachten te paard die Haïtianen opjagen.

Beelden van de Amerikaanse grenspolitie die te paard zwarte migranten verjoeg zorgden voor veel ophef.
Beelden van de Amerikaanse grenspolitie die te paard zwarte migranten verjoeg zorgden voor veel ophef. Foto Paul Ratje/AFP

Een potdichte grens, migranten die geen asiel mogen aanvragen en die door grenswachten te paard worden opgejaagd. Zonder pardon worden ze gedeporteerd naar hun land van herkomst, waar de ellende recentelijk is verergerd door een politieke moord en een aardbeving. En voor het geval deportatie niet lukt, plant de Amerikaanse regering alvast een kamp in Guantánamo Bay, op Cuba, vlak bij de zwaar bewaakte gevangenis voor de ‘war on terror’.

In Amerikaanse media wordt de vraag al gesteld: waarin verschilt het migratiebeleid van Joe Biden eigenlijk van dat van Donald Trump?

Afgelopen week zagen de Amerikanen hoe duizenden migranten, voornamelijk van Haïtiaanse afkomst, zich onder een brug in Texas hadden genesteld. Ze waren de Rio Grande overgestoken – de droogte heeft de grensrivier doorwaadbaar gemaakt – en hoopten asiel te kunnen aanvragen. De Republikeinen zagen hun kans schoon om Biden politieke schade te berokkenen op een kwetsbaar dossier voor de Democraten. En zo stond de Texaanse Republikeinse Senator Ted Cruz al snel met de camera voor de brug bij Del Rio om te vertellen dat dit een „door een mens veroorzaakte crisis” was; door president Biden.

Binnen een week besloot Biden dat de migranten onder de brug vandaan moesten en dat hij ze gedwongen zou uitzetten naar Haïti. Vanuit publicitair oogpunt leverde dat voor de president bijna even rampzalige beelden op als de terugtrekking uit Afghanistan.

Biden beloofde het allemaal anders te doen, menselijker, dan zijn voorganger Donald Trump

Eerst waren er de foto’s van de grenspolitie die te paard de zwarte migranten bij Del Rio verjoeg – de teugels leken ineens op zwepen. Daarna verschenen chaotische taferelen van het vliegveld van Port-au-Prince, de hoofdstad van Haïti. De bagage van de gedeporteerde migranten werd op de landingsbaan gedumpt, waarna mensen verwoed in de berg tasjes begonnen te graaien. Sommige Haïtianen probeerden het vliegtuig weer in te stormen waarmee ze net waren gearriveerd.

Sommige migranten blijken al in 2010, na een verwoestende aardbeving, Haïti te zijn ontvlucht en hebben jaren in Brazilië en andere Zuid-Amerikaanse landen gewoond voordat zij onlangs naar het noorden van Mexico trokken. Dat had alles te maken met de (iets lichtere) aardbeving van augustus in Haïti en de moord op president Jovenel Moïse in juli (die nog altijd niet is opgelost). Die onzekere situatie bracht een nieuwe groep Haïtianen op drift – de oude trok in hun kielzog mee naar de Amerikaans-Mexicaanse grens.

Lees ook: Gedode president van Haïti had vijanden in elke hoek

Draaideur

De Amerikaanse zuidgrens is dit jaar poreuzer gebleken dan eerder deze eeuw. In augustus hield de grenspolitie meer dan 200.000 mensen aan. De meesten zijn alleenstaande mannen, veel van hen zijn ‘draaideur-migranten’, mensen die het steeds opnieuw proberen.

Biden heeft zich op dit dossier verkeken. In de eerste maanden van dit jaar, toen ondanks de coronamaatregelen ineens veel meer illegaal overgestoken migranten werden opgepakt dan in 2020, bleef het Witte Huis de situatie aan de zuidgrens negeren. Biden beloofde het allemaal anders te doen, menselijker, dan zijn voorganger Donald Trump. De Democratische achterban staat daar ook open voor. Die maakte zich volgens peilingen in 2020 niet zo druk over vreemdelingen die zonder papieren de VS probeerden in te komen.

Het heeft er alle schijn van dat Biden daaruit de conclusie trok dat migratiebeleid geen probleem van de eerste orde was. In maart, op de eerste persconferentie van zijn ambtstermijn, bestempelde hij de coronapandemie en de economie als urgent. Migratie heette een „probleem van de lange adem”.

Biden wees vicepresident Kamala Harris aan om met landen in Midden-Amerika te praten over de onderliggende oorzaken van migratie: armoede, geweld, corruptie. Vooralsnog heeft dat geen zichtbare resultaten opgeleverd. De toeloop van wanhopige migranten was geen seizoensverschijnsel, zoals Biden in het voorjaar suggereerde, hun aantal is zelfs in de snikhete zomer hoog gebleven.

Stemming omgeslagen

Inmiddels is de stemming onder de Amerikaanse kiezers omgeslagen. Een onderzoek van Pew Research in mei liet zien dat de meeste ondervraagden de aanpak van Biden niet steunden en vooral dat ze voor een harder beleid waren: 85 procent vond dat er meer middelen naar de grenspolitie moesten, de helft van de ondervraagden vond het een goed idee om buitenlanders te verbieden asiel aan te vragen in de VS.

Zo is Bidens speelruimte op dit dossier drastisch ingeperkt. Het optreden van de regering in de qua omvang beperkte, maar zeer zichtbare Haïtiaanse vluchtelingencrisis vertoont dan ook alle trekken van een paniekreactie. Geconfronteerd met de afschuw over de beelden haastten hoge functionarissen zich vervolgens afstand te nemen. De verantwoordelijke minister van Binnenlandse Veiligheid en vicepresident Harris zeiden „geschokt” te zijn over het optreden van de politie in Del Rio. Donderdag stapte Bidens speciaal gezant voor Haïti op omdat hij „niet geassocieerd” wil worden met de „inhumane en contraproductieve” deportaties.

Zo zit Biden klem tussen zijn progressieve partijgenoten en een meerderheid van de Amerikaanse bevolking. Zijn uitweg: vluchtelingen en migranten weghouden van Amerikaanse bodem, precies zoals het beleid van Trump was. Deze week plaatste een overheidsdienst een advertentie voor medewerkers voor het kamp in Guantánamo Bay op Cuba. Er komt plaats voor 120 tot 400 migranten en kennis van de Haïtiaanse taal is een pre voor sollicitanten.