Van Arnhems groepje zonder subsidie tot volwaardig dansgezelschap

50 jaar Introdans Het Arnhemse gezelschap Introdans werd vijftig jaar geleden tussen de schuifdeuren geboren. Inmiddels opereert het nationaal en internationaal, met diversiteit en inclusie als oersterke troeven.

Introdans in 2021 tijdens De Ontmoeting: Pro Forma van Adriaan Luteijn.
Introdans in 2021 tijdens De Ontmoeting: Pro Forma van Adriaan Luteijn. Foto Hans Gerritsen/ Introdans

Om ruimte te maken voor een dansstudio werden de schuifdeuren in het Arnhemse herenhuis aan de Van Lawick van Pabststraat 6 in 1971 weggehaald. Oprichters Hans Focking en Ton Wiggers doopten hun geesteskind naar het onderkomen Studio L.P., een naam die in de loop van vijftig jaren veranderde van Intro-Dans naar Introdans. Een naam ook die ondubbelzinnig de missie van het gezelschap verduidelijkt, die in de oprichtingsakte is vastgelegd: „Ballet in de ruimste zin des woords onder de aandacht van een zo groot mogelijk publiek te brengen.”

En dat doet het gezelschap, nu een halve eeuw. Introdans brengt repertoire dat aantrekkelijk is voor een breed familiepubliek, altijd dansant, niet over-experimenteel en in het algemeen niet bezwijkend onder zware maatschappelijke boodschappen. In het Nederlandse dansveld vervult het min of meer de rol van ‘instapgezelschap’, een pijnloze kennismaking met hedendaagse dans zonder scherpe randjes, (meestal) op klassieke leest geschoeid. De kijkers met meer ervaring en hang naar avontuur kunnen het aanbod van Introdans echter wel eens een tikje, soms een ferme tik, oubollig vinden, ook al is de technische uitvoering sterk gestegen.

Onbezoldigd

In het nieuwe millennium hebben strenge criticasters dat oordeel wel een standje moeten bijstellen. De laatste twee decennia prijken er steeds vaker grote namen op de programma’s. Jiří Kylián, Hans van Manen, Mats Ek en anderen gaven toestemming om (bestaand) werk uit te voeren. Dergelijke artistieke reuzen lagen in de beginjaren financieel vér buiten het bereik van oprichter Wiggers, die noodgedwongen veel balletten zelf creëerde en beginnende en minder gelauwerde dansmakers uitnodigde. Wiggers functioneert overigens nog steeds (onbezoldigd) als algemeen directeur; een unicum in de danswereld en één van de verklaringen voor de consequente lijn in het artistieke beleid van de groep. Anders dan bijvoorbeeld Scapino Ballet Rotterdam, dat zichzelf ooit uitdrukkelijk ‘balletgezelschap voor de jeugd’ noemde, heeft het zijn profiel niet bijgesteld. Introdans heeft min of meer de oorspronkelijke functie van het voormalige Scapino Ballet overgenomen.

Introdans ontwikkelde zich van een groepje zonder subsidie tot een volwaardig dansgezelschap

Wiggers moest het aanvankelijk vrijwel zonder financiële middelen stellen, pas in de jaren tachtig kwamen er ruimere, meerjarige subsidies. Roel Voorintholt, in 1981 als danser bij Introdans gekomen en sinds 2005 artistiek leider, kon internationale smaakmakers als Sidi Larbi Cherkaoui en Akram Khan binnenhalen en introduceerde jonge(re) choreografen als Alexander Ekman, Andonis Foniadakis, Cayetano Soto en andere dansmakers die theatraler, eigentijdser werk maken. Dit seizoen creëert Ruben Chi, afkomstig uit de hiphop, voor het eerst een choreografie in Arnhem.

Daarnaast kreeg hij de Amerikaanse minimal dance-icoon Lucinda Childs zover in Arnhem niet alleen bestaand werk in te studeren, maar ook nieuw werk voor de groep te creëren.

Meesterzet

Dat laatste was onderdeel van nieuw artistiek beleid. Introdans voegt sinds een jaar of vijftien balletten uit het Amerikaanse (post-)moderne dansrepertoire toe van onder anderen José Limón, Jennifer Muller, Alwin Nikolaïs en Karole Armitage. Werk dat (ook in de VS) nog maar zelden wordt uitgevoerd, maar in het kader van de ontwikkeling van de dans een cruciale rol heeft gespeeld. Vanuit die optiek is het interessant voor ‘instappers’ én ‘ingevoerden’ – een meesterzet waarvoor Voorintholt alom wordt geprezen.

Het bereik van Introdans beperkt zich niet tot het relatief dans-arme Oosten des lands. Naarmate Introdans ontwikkelde van semi-professioneel groepje zonder subsidie tot volwaardig gezelschap, groeide het uit tot een van de reislustigste dansgezelschappen van Nederland, met uitgebreide tournees tot in Zeeland en Groningen, andere regio’s waar de dansliefhebber karig wordt bediend. Ook buitenlandse podia staan regelmatig op het programma. „Als ze ons bellen, komen we”, zo drukte Wiggers de basishouding uit. Daarmee onderscheidt Introdans zich positief van luidkeels (overigens niet geheel onbegrijpelijk) over tourneedruk en -kosten klagende collega-gezelschappen.

Dagelijkse training in 1976 in Studio L.P., zoals Introdans in de begintijd heette. Foto Introdans

Maar de grootste betekenis heeft Introdans misschien wel als voorbeeldgezelschap op het gebied van educatie in de breedste zin des woords. Educatie zit vanaf de conceptie al in het bloed. Wiggers volgde op de dansacademie opleiding tot danser en dansdocent. In de beginjaren werd veel in gymzalen voor schoolklassen opgetreden. Vanaf 1989 kreeg het interesseren van de jeugd een eigen tak in het gezelschap met Introdans Ensemble voor de Jeugd en een uitgebreid aanbod voor scholen, met schoolvoorstellingen, workshops, lesbrieven en dergelijke. Net als reizen werd die taak uit volle overtuiging vervuld, niet puur om aan subsidieverplichtingen te voldoen. Zo goed en fris waren de programma’s voor de jeugd vaak, dat er stemmen opgingen om Introdans maar helemaal een jeugddansensemble te maken. Sinds 2016 zijn beide groepen weer samengevloeid.

Lees ook: Introdans: van gymzaal tot modern bedrijf

De Ontmoeting

Educatie in de breedste zin des woords betekent ook dat Introdans bij wijze van spreken de begrippen diversiteit en inclusie heeft uítgevonden. Lang voor die tot subsidiecriteria werden gebombardeerd en instellingen de hokjes zuchtend gingen afvinken, waren ze door Introdans al geïnternaliseerd. Onder de bezielende leiding van Adriaan Luteijn organiseert Introdans Interactie (zoals die tak na diverse naamswijzigingen is gaan heten) onder de noemer De Ontmoeting workshops en bijzondere voorstellingen voor en vooral mét mensen met psychische, fysieke, verstandelijke of neurologische handicaps en aandoeningen, ouderen (al dan niet ‘roze’), topsporters, gedetineerden, bewoners van sociaal-economisch zwakkere wijken enzovoort.

Lees ook: ‘Publiek moet onze dans snappen’

Ook Luteijn wordt geroemd om zijn gedrevenheid en kennis. Samen met zijn levenspartner Voorintholt en Introdans-aartsvader Wiggers, met wie Voorintholt ooit een relatie had, vormt hij het hart van een hecht dansend familiebedrijf, onlangs versterkt met zakelijk directeur Marieke van ’t Hoff, die óók een dansachtergrond heeft. En zoals dat bij een familiebedrijf gaat dat diverse vernieuwingsstormen heeft weten te overleven: soms blijft het wat achter bij nieuwe ontwikkelingen omdat het vasthoudt aan de oorspronkelijke filosofie, om telkens net op tijd een been bij te trekken. En met het oersterke Introdans Interactie als troef heeft het geesteskind voorlopig de wind in de zeilen.

Jubileumprogramma Tutti, met werk van Sidi Larbi Cherkaoui en Mauro Bigonzetti, 24/9 t/m 11/12. Inl: introdans.nl