Als het Chinese Evergrande valt, kan het de internationale economie meeslepen in zijn val

Schulden Het gigantische Chinese vastgoedconcern Evergrande verkeert in zwaar weer. Gaat Beijing het redden? Dat zou een verkeerd signaal zijn voor andere Chinese bedrijven met torenhoge schulden. Maar een bankroet kan een internationale crisis inluiden.

Een zitprotest van mensen die terugbetaling eisen van leningen door het kwakkelende Evergrande, bij het hoofdkantoor van het vastgoedbedrijf in de Zuid-Chinese stad Shenzhen.
Een zitprotest van mensen die terugbetaling eisen van leningen door het kwakkelende Evergrande, bij het hoofdkantoor van het vastgoedbedrijf in de Zuid-Chinese stad Shenzhen. Foto David Kirton/Reuters

Gaat Evergrande, een van China’s grootste projectontwikkelaars, straks echt failliet? En sleept deze particuliere onderneming dan niet alleen de Chinese, maar ook de internationale economie mee in haar val? Sommige speculeren erop dat Evergrande voor China wordt wat Lehman Brothers in 2008 was voor de Verenigde Staten. Het failliet van die zakenbank leidde toen een wereldwijde economische crisis in.

Een bankroet van Evergrande lijkt inmiddels een steeds reëler mogelijkheid. De koers van het bedrijf is sinds begin dit jaar met 85 procent gedaald. Niemand gelooft nog dat het zijn schulden zonder hulp van de Chinese overheid zal kunnen afbetalen. Die schulden belopen inmiddels zo’n 300 miljard dollar (255 miljard euro). Maar Evergrande is ook too big to fail: het is goed voor zo’n 2 procent van het bruto binnenlands product van China.

Als Evergrande failliet gaat, zal dat grote invloed hebben op andere projectontwikkelaars in het land, en op de Chinese banken. Naar schatting 40 procent van die banken investeert namelijk in vastgoed, een sector die 29 procent van de economie van het land beslaat. Als de Chinese economie in de problemen komt, leidt dat vrijwel zeker ook tot een afkoeling van de mondiale economie.

Daar zijn al tekenen van te zien. Maandag verloor de S&P 500, de toonaangevende Amerikaanse beursindex met 500 grote bedrijven, 1,7 procent van zijn waarde. Het was de grootste koersdaling sinds mei van dit jaar, en veel analisten noemden de onzekerheid rondom Evergrande als belangrijke reden voor de daling. Het waardeverlies verliep dit jaar extra snel nadat het bedrijf vorige maand aankondigde dat het niet in staat zou zijn aan al zijn financiële verplichtingen te voldoen.

Herstructurering

De Chinese overheid staat daarmee voor een duivels dilemma. Besluit ze de projectontwikkelaar niet te redden, dan is de schade nationaal en internationaal mogelijk niet te overzien. Grijpt China wel in, dan is dat een signaal aan andere Chinese bedrijven dat ze de herstructurering van hun schulden niet heel serieus hoeven te nemen. De overheid redt ze immers toch wel als het er echt op aan komt.

Dat is tot nu toe ook altijd het patroon gebleken: grote bedrijven die bij omvallen een systeemrisico vormen, zijn in China altijd overeind gehouden omwille van de economische stabiliteit. Als het ging om privébedrijven werden overheden en staatsbedrijven vaak gedwongen delen van zo’n falend bedrijf over te nemen en vervolgens te saneren. Dat heeft bijgedragen aan bedrijfsmodellen waarbij het aangaan van omvangrijke ongedekte leningen gangbaar was. Dat liep meestal goed af, want de economische groei was zo hoog dat ook risicovolle leningen gewoon konden worden terugbetaald.

Evergrande leende geld van de banken en kocht daarmee het gebruiksrecht op grond van overheden, die daardoor beduidend meer financiële armslag kregen. Vervolgens verkocht het bedrijf vastgoed aan bedrijven en particulieren voordat ook maar één spade de grond in was gestoken.

Lees ook dit achtergrondverhaal: Voor China is het gigantische Evergrande ‘too big to fail’

Maar dat model werkt alleen als er volop kopers zijn. Dat was lange tijd het geval, want vastgoed steeg vrijwel gegarandeerd in waarde, en nog pijlsnel ook. Kopers kochten het niet alleen voor eigen gebruik, maar ook als belegging. In China is vastgoed onbelast, en geld in vastgoed rendeerde veel beter dan geld op de bank of geld dat geïnvesteerd was in aandelen. Het leidde tot veel leegstand, torenhoge winsten en torenhoge huizenprijzen.

Maar, zo waarschuwde de Chinese president Xi Jinping al in 2017: „Woningen zijn om in te wonen, niet om mee te speculeren.”

Code rood

Vorig jaar kwam Beijing met het beleid van de Drie Rode Lijnen, bedoeld om schulden in de vastgoedsector terug te brengen en prijzen van vastgoed in toom te houden. Bedrijven krijgen op basis van hun schuldenpositie een kleurcode toegewezen: groen, oranje of rood. Investeringsbank UBS rapporteerde begin dit jaar dat maar 5 van 52 grote vastgoedontwikkelaars recht had op een groene code. Evergrande was een van de acht vastgoedbedrijven met de code rood.

De Drie Rode Lijnen passen binnen breder beleid waarmee de overheid financiële risico’s probeert terug te dringen. Ook haar acties tegen Ant Group – dat onder meer onder strenger toezicht werd geplaatst – kunnen deels op die manier begrepen worden. Ant Group, het moederbedrijf van betaalservice Alipay, verstrekt persoonlijk krediet dat niet wordt gedekt binnen het bedrijf zelf, maar waarvan de financiële risico’s uiteindelijk op de balans van China’s staatsbanken drukken.

Als de overheid nu niet bijspringt bij Evergrande, kan dat leiden tot een ernstige crisis. Maar als ze wel bijspringt, wordt het nog lastiger om bedrijven te dwingen geen onverantwoorde schulden aan te gaan. Dan blijkt immers dat het beleid van de Drie Rode Lijnen in de praktijk niet wordt gehandhaafd.

De inschatting van veel analisten is dat de overheid uiteindelijk toch wel zal ingrijpen, al wijst tot nu toe niets daarop. Wellicht zal Beijing lokale overheden opdragen om, samen met lokale bedrijven, delen van Evergrande over te nemen en te saneren. Mogelijk zullen overheden ook een deel van vastgoedprojecten in aanbouw overnemen en voltooien.

Nu is veel halfvoltooid vastgoed vrijwel onverkoopbaar: niemand heeft er nog vertrouwen in dat Evergrande die projecten kan afronden. Dat leidt tot woede en ongerustheid onder kopers, vooral bij individuele gezinnen die al hun spaargeld in een toekomstig huis hebben gestoken. Ook aannemers zijn boos, omdat ze niet meer betaald krijgen. Zij kunnen de salarissen van hun arbeiders daardoor ook moeilijk betalen.

Kantoren bestormd

Naast de projectontwikkeling is Evergrande actief in andere takken van industrie, waaronder de ontwikkeling van elektrische voertuigen, varkensbedrijven, een voetbalclub en gebotteld water. Het heeft ook investeringsfondsen opgericht voor particulieren. Die hebben al kantoren van Evergrande bestormd omdat zij bang zijn hun geld niet meer terug te zien.

Wat niet helpt, is dat onlangs bleek dat met een deel van het Evergrande-management was overeengekomen dat zij hun inleg in investeringsfondsen van Evergrande alvast terugkregen, terwijl alle anderen moeten wachten. Die beslissing is onder druk van buitenaf teruggedraaid.

Komende donderdag is een belangrijke dag in de saga rond Evergrande. Dan moet blijken of het bedrijf in staat is een rentebetaling van 83 miljoen dollar op een obligatielening van 2 miljard dollar te voldoen. Dat is ook het moment waarop beter zichtbaar zal worden of de overheid al dan niet ingrijpt, om in elk geval delen van het concern overeind te houden.