Nydel Forgweh in een eigen ontwerp van zijn nog niet gelanceerde ‘business-lijn’.

Interview

Hij wil zijn buurt in Amsterdam-Zuidoost inspireren met zijn kledinglijn

Streetwear Nydel Forgweh (21) wil jongeren uit Amsterdam-Zuidoost inspireren met zijn kledinglijn. Op truien staat: ‘Good things take time’ .

Afgelopen zaterdag was er in Amsterdam-Zuidoost een stille tocht door het Bijlmerpark, tegen geweld in het stadsdeel. De afgelopen jaren werd een aantal jongeren in Zuidoost het (dodelijk) slachtoffer van steekpartijen en schietincidenten, vaak uitgevoerd door leeftijdgenoten. Bij de tocht deden ouders en nabestaanden emotionele oproepen aan de jeugd, het stadsdeel en de gemeente, dat het geweld moet stoppen. „Veiligheid mag geen luxe worden”, zei de vader van een overleden zoon.

Even verderop, in de wijk Kraaiennest, wil de 21-jarige Nydel Forgweh het goede voorbeeld geven. Forgweh woont in Kikkenstein, een flat die de laatste tijd in het nieuws was door een bendestrijd en andere onlusten. Forgweh maakt zich zorgen. Hij verloor vorig jaar een vriend aan een schietpartij. Volgens hem zijn materialisme en een gebrek aan ambitie bij jongeren oorzaken van de problemen in zijn buurt.

Daarom wil hij zijn buurtgenoten inspireren. Met kleren. Forgweh begon een kledinglijn, en zet zijn adviezen in kloeke letters op truien en trainingspakken: ‘If you want it, work for it’ en ‘Good things take time’.

Forgweh, behalve kledingontwerper ook student, voetballer en telemarketeer, lanceerde zijn bedrijf afgelopen zomer. Onder de naam The Forest Clothing maakt hij nu ‘streetwear’: trainingspakken, hoodies, sokken, crop tops (naveltruitjes) en jassen.

In de woonkamer van het appartement waar hij met zijn moeder en zusje woont, legt Forgweh een rij roze, blauwe en beige trainingspakken op de bank. Vier jaar duurde de voorbereiding van zijn bedrijf. Elke ochtend overlegde hij rond zes uur met naaiateliers in Pakistan of India over de kwaliteit van zijn spullen. Hij wijst naar twee leren tassen. „Kijk, deze is een beetje slapper dan deze.” Hij is steeds op zoek naar de beste leverancier, omdat hij hoge eisen stelt.

Profcarrière

Forgweh gaat op een stoel zitten en schiet onophoudelijk met een voetbal tegen de tafelpoot. Ondertussen praat hij zo gedreven als een motivatiecoach. Hij weet wat hij wil en hoe het te bereiken. De teksten op zijn sweaters slaan ook op hemzelf. ‘Do not fear change’, bijvoorbeeld. Want eigenlijk zou Forgweh profvoetballer worden. Op zijn twaalfde werd hij op straat ontdekt door een scout. Hij begon te spelen bij RODA ’23 in Amstelveen en kreeg een persoonlijke coach die hem klaarstoomde voor een eventuele profcarrière. Voortaan moest Forgweh netjes praten („Geen straattaal”), mocht hij zijn sokken niet te hoog optrekken en geen petjes dragen. Op zijn zestiende had Vitesse belangstelling voor hem. Maar op de dag van een voor een contract beslissende wedstrijd, scoorde een andere speler vaker. Vitesse koos de ander.

Lees ook: Najaarsmode: een joggingpak met hakjes, tennisstijl en hoofddoeken

„Ik snapte dat wel. Ik was goed, maar niet goed genoeg”, zegt Forgweh. „Ik denk te veel na, dat is mijn probleem. Eigenlijk moet je voetballen zoals een rapper rapt. Rappers laten de woorden stromen, op instinct. Zo moet je ook op het veld staan.” Toen meditatie en coaching niet de gewenste uitwerking hadden, besloot Forgweh zijn dromen bij te stellen.

Hij bleef wel voetballen, alleen dan als amateur, bij HFC in Haarlem. Hij trainde nog altijd vijf keer per week en een paar keer in de sportschool. Daarnaast begon hij een studie juridische hulpverlening. En hij besloot zich aan een andere liefde te wijden: mooie kleren. Tijdens een gesprek met vrienden kreeg hij het plan voor een kledingmerk. Hij bedacht eerst de naam, The Forest Clothing, naar de overweldigende natuur in zijn geboorteland Kameroen. „In Nederland houden de mensen ook van de natuur, zag ik, daarom leek het me een naam die iedereen zou aanspreken. Ook de jonge mensen.”

Gebroken hart

Forgweh was negen toen hij vanuit Kameroen naar Nederland kwam. Hij ging bij zijn moeder wonen, die hier toen al zeven jaar was. In die jaren werd hij opgevoed door een tante die hij ‘mama’ noemde. Zijn familie heeft aanzien in Kameroen: zijn nicht zit in het parlement, zijn tante is rechter en opa had een cacaoplantage „zo groot als Zuidoost”. Van zijn tante leerde Nydel dat ook hij moest presteren.

Eenmaal in Amsterdam verwachtte hij een mooi huis, zoiets als in de film Home Alone. In plaats daarvan bleek hij te zullen wonen in een appartement op de vijfde verdieping van een flat, en sliep hij met zijn zus is een stapelbed. „Ik wilde meteen terug naar Kameroen.” Het was door het voetballen op hoog niveau dat hij zich met zijn nieuwe omgeving verzoende.

Voor zijn nieuwe droom, The Forest Clothing, heeft hij dezelfde ambities als hij eerder voor profvoetbal had. Forgweh doet alles alleen. Hij financiert de kleding met het geld dat hij verdient als telemarketeer, regelt invoerrechten, doet de boekhouding en de verkoop (via zijn website). Om de verzendkosten te drukken, levert hij de kleding waar het kan zelf af. Zijn favoriete onderdeel is het ontwerpen. Daarbij koos hij voor zijn eerste collectie vooral voorkleur. Een zwart trainingspak verkoopt hij bijvoorbeeld niet. „Zwart is populair, maar ik vind dat je lef moet tonen, dus ik koos bruin, lichtblauw, roze, rood. Want iedereen heeft al zwart in zijn kast liggen. Ik ben een voetballer, dus ik denk: als een club een nieuwe speler koopt, dan vragen ze zich daar af wat die speler kan toevoegen. Ik denk dat zwart niet veel toevoegt.”

Op een van de trainingspakken staat op de rug een groot gebroken hart. Het model heet ‘Heartbroken’. Mensen denken dat het slaat op een verbroken liefde, maar hij ziet het breder. „Je hart kan op meer manieren breken. Ik kan me bijvoorbeeld heel gelukkig voelen, maar als iemand vraagt hoe het met mijn vader zit, dan breekt mijn hart. Want ik heb geen vader, of in ieder geval heb ik hem nooit ontmoet, en hij heeft geen moeite gedaan om mij te vinden. En als ik het jeugdcomplex van Vitesse weer eens bezoek, breekt mijn hart ook. Want het had niet veel gescheeld of ik had daar kunnen spelen.”

Tweede collectie

Nydel benadrukt graag de positieve kanten van Zuidoost, zoals de uitzonderlijke muzikanten, de dansers en kunstenaars die hier wonen. Maar hij ziet ook de problemen: de hoge werkloosheid en het lage opleidingsniveau bij veel jongeren, die veelal van Surinaamse afkomst zijn, of recent vanuit Afrikaanse landen zijn geëmigreerd.

„Het valt me op dat jongens uit Zuidoost nauwelijks buiten hun eigen buurt komen. En hier heb je snel status”, zegt hij. „Als je een mbo-diploma hebt, ben je al heel wat. Maar in Haarlem, bij HFC, ken ik jongens die de universiteit doen. Dat is pas hoog. Bij HFC ben ik een buitenbeentje, en daarom wil ik met die jongens omgaan. Ze motiveren me om mijn best te doen en zoveel mogelijk te bereiken.”

Lees ook: Hoe modemerk Daily Paper floreert, zelfs in coronatijd.

Dure merkkleding is populair bij jongeren in zijn buurt. Ook bij Forgweh zelf, hij steekt een voet met een badslipper van Gucci (230 euro) omhoog. Dure kleding geeft status, zegt hij. „Als ik me niet lekker voel – door een slechte wedstrijd, of omdat ik slecht heb getraind – ga ik shoppen. Dan ga ik naar de P.C. Hooftstraat en koop ik een hoodie van 800 euro. En dan zet ik dat net als anderen hier in de buurt op Instagram. Zo gaat dat, want dat doet ons goed.”

De kleding is belangrijk voor jongeren die zich achtergesteld en niet gezien voelen. „In de hele wereld wordt het ons, donkere jongens, moeilijk gemaakt”, zegt Forgweh. „Voor de overheid bestaan we zo ongeveer niet. Maar kijk eens wat een mooie spullen we dragen. Dat is onze troost. Daarmee verbergen we de pijn dat we niet voor vol worden aangezien.”

Het is voor Forgweh een spagaat. Hij weet dat de dure merkkleding niet altijd uit legale salarissen betaald wordt en wil niet aanzetten tot ‘slechte dingen’. Daarom houdt hij de prijs van zijn eigen kleding laag. De mensen uit zijn wijk hoeven er geen slechte dingen voor te doen, zegt hij. Vandaar die slogan: ‘If you want it, work for it.’

In de maanden sinds de lancering heeft Forgweh een tweede collectie gemaakt. Vorige week werd bekend dat een groot Nederlands warenhuis zijn kleding in hun winkels wil verkopen. Hij heeft al klanten door heel Nederland. Tot zijn verrassing blijken de ontwerpen, al zijn ze níét duur en is zijn merk nog onbekend, ook in de eigen buurt aan te slaan. Veel jongens lopen rond met ‘Good things take time’ op hun borst, de lichtblauwe trainingspakkenwaren al na drie weken uitverkocht. „Ik ben heel blij dat de jongens het aandurven, ik dacht dat ze liever dure merken wilden.” Bij de vrouwen ligt het moeilijker, zegt hij. „Wat de meisjes betreft, moet mijn label zich nog bewijzen.”