Analyse

Deze Prinsjesdag verbloemt de fouten die het kabinet in het verleden heeft gemaakt

Kabinetsbeleid Willem-Alexander benoemde in de Troonrede vooral wat goed gaat in Nederland. De vertrouwenscrisis en de politieke impasse kwamen amper aan bod.

Demissionair premier Mark Rutte (VVD), met achter hem twee van de drie vicepremiers: Hugo de Jonge (CDA) en Kajsa Ollongren (D66), in de Grote Kerk in Den Haag, waar koning Willem-Alexander de Troonrede uitsprak.
Demissionair premier Mark Rutte (VVD), met achter hem twee van de drie vicepremiers: Hugo de Jonge (CDA) en Kajsa Ollongren (D66), in de Grote Kerk in Den Haag, waar koning Willem-Alexander de Troonrede uitsprak. Foto David van Dam

Mark Rutte, Sigrid Kaag en Wopke Hoekstra hoorden dinsdag in de Grote Kerk in Den Haag koning Willem-Alexander spreken over de grote problemen voor Nederland. Aan sommige daarvan hadden kabinetten waar zij aan deel hadden genomen bijgedragen, zoals de Toeslagenaffaire en de afhandeling van de Groningse aardbevingsschade. Voor het oplossen van deze en andere problemen was meer tijd nodig: het demissionaire kabinet zet wellicht een eerste stap, maar de oplossingen zijn vooral aan een nieuw kabinet. Het woningtekort, vermindering van de stiktofuitstoot, de bescherming en versterking van de rechtsstaat.

De drie politiek leiders van de VVD, D66 en CDA weten hoe urgent sommige van de problemen zijn. Klimaatverandering is „zonder twijfel het meest dringend” en overstijgt „zowel de grenzen van een kabinetsperiode als onze landsgrenzen”, aldus Willem-Alexander in de Troonrede. Tegelijkertijd zijn het de politiek leiders die na een half jaar praten nog niet zijn begonnen met inhoudelijke formatiegesprekken die zouden moeten leiden tot een nieuw kabinet.

Hand in eigen boezem

De reden waarom het voltallige derde kabinet-Rutte in januari van dit jaar zijn ontslag indiende – het systematische onrecht dat burgers was aangedaan in de Toeslagenaffaire – werd in de Troonrede genoemd als reden voor de regering om „bij dat gesprek over de rechtsstaat en rechtszekerheid de hand in eigen boezem te steken”. Toch waren die affaire en ook de afhandeling van de Groningse aardbevingsschade in de Troonrede vooral kleine vlekjes op een verder tamelijk onbevlekt land.

Want „bij al deze terechte zorgen past tegelijkertijd de nuchtere vaststelling dat Nederland een goed land is en blijft om in te leven”, zei koning Willem-Alexander. Met Nederland gaat het goed, bleek uit de Troonrede, omdat het economisch goed gaat: de koning memoreerde de economische voorspoed en de „historisch” lage werkloosheid. Nederland kan zich „macro-economisch met de beste meten”.

Lees ook: wat stond er in de Troonrede, en wat bedoelt het kabinet daarmee?

Als de Troonrede een inzage geeft in het denken van de regerende politici, dan lijkt voor hen dan ook een discussie afgesloten die nooit écht heeft plaatsgevonden: die over de noodzaak van een nieuwe politieke bestuurscultuur. Die was begonnen na de Toeslagenaffaire en nadat de formatie begon met een onwaarheid van Mark Rutte over zijn gesprek met verkenners na de verkiezingen waarin hij had gesproken over een andere functie voor Kamerlid Pieter Omtzigt. Maar erg lang duurde die ophef niet, en tot echte verandering en echte oplossingen kwam het vooralsnog ook niet. De roep om vernieuwing verstomde, politiek leiders die zich aanvankelijk van Rutte hadden afgekeerd – die van de ChristenUnie, PvdA en GroenLinks – willen alsnog met hem regeren.

Vertrouwenscrisis

Hoe zouden de duizenden Nederlanders wier leven in de Toeslagenaffaire door de overheid werd verwoest, maandagavond zichtbaar in de documentaire Alleen tegen de Staat, naar de Troonrede gekeken hebben? Of iemand wiens huis door aardbevingsschade onbewoonbaar is verklaard en al jaren wacht op rechtvaardige compensatie? Of een burger die moeilijk mee komt in de samenleving, te maken heeft met onzekere arbeidscontracten en amper te betalen huisvesting? Iemand die zich zorgen maakt over maatschappelijke verruwing, het verlies van gemeenschapszin, tanende solidariteit? Zouden zij gevoelig zijn voor het argument dat het goed gaat met Nederland omdat het economisch goed gaat?

Lees ook: Vertrouwen in kabinet daalt fors

De ongemakkelijke vraag is dan ook of de vertrouwenscrisis die is op te tekenen uit opiniepeilingen en demonstraties wel doordringt tot Den Haag. Dinsdag bleek dat het vertrouwen van burgers in de politiek de afgelopen maanden is gekelderd: meer dan de helft van de kiezers (52 procent) is ontevreden over het kabinet, slechts een derde heeft vertrouwen in ministers, vertrouwen in de Tweede Kamer (36 procent) en de overheid (42 procent) is eveneens fors gedaald. En hoe seriéús wordt die vertrouwenscrisis genomen? De afhandeling van de Groningse aardbevingsschade was volgens Willem-Alexander „te lang te stroperig” – maar de man die als minister de Groningse gaskraan verder opendraaide, Henk Kamp, keert alsof er niets is gebeurd waarschijnlijk terug in Den Haag als demissionair minister van Defensie.

Lees ook: NRC peilde de stemming in Utrecht en Den Bosch.

Zoals een ongemakkelijke vraag ook is of de politiek wel in staat is om de grote uitdagingen die Willem-Alexander schetste op te lossen. Ze overstijgen de termijn van één kabinet, zei de koning, en vragen om samenwerking, terwijl het politieke landschap sterk versplinterd en verdeeld is. De politieke impasse waar Nederland al ruim een half jaar in zit bleef vrijwel onbenoemd. De politieke onmacht die daaruit voortkomt ook.