De dronken Hollanders

In 2021 is het 200 jaar geleden dat Napoleon Bonaparte overleed. belicht de keizer en zijn wereld. Deze aflevering: hoe bezopen Nederlandse soldaten Versailles op stelten zetten.

Napoleon was het zat. Hij had zijn broer Lodewijk in 1806 koning van Holland gemaakt, maar de manier waarop die invulling gaf aan zijn taken beviel de Franse keizer helemaal niet. Lodewijk was veel te meegaand ten opzichte van zijn nieuwe landgenoten – hij weigerde zelfs de dienstplicht in te voeren! Daarom besloot Napoleon op 9 juli 1810 het koninkrijk Holland in te lijven bij het Franse keizerrijk.

Dat betekende ook dat het Hollandse leger in het Franse moest worden opgenomen. Als eerste liet Napoleon de mannen van de garde van zijn broer naar Parijs komen, om ze in de Keizerlijke Garde te incorporeren. De ‘garde te voet’ marcheerde naar de hoofdstad, terwijl de gardecavalerie naar Versailles galoppeerde. Daar onthaalden de Fransen hun nieuwe collega’s op spijs en drank – en die ontvangst liep nogal uit de hand.

Als eersten waren de Nederlandse officieren aan de beurt. Hun feest vond plaats op 30 augustus bij het paleis van Versailles. De jonge officier Jean François Dumonceau (Franse naam, maar wel degelijk een Nederlander) noteerde in zijn mémoires hoe het er aan toeging. Er werd getoost op de gezondheid van de keizer en gezongen: „Allons Français! Faisons gaiement la guerre,/ C’est le chemin qui conduit à la paix,/ Quelle gloire que d’être Français,/ Pour donner la paix à la terre!” (Vooruit Fransen, laten we vrolijk oorlog voeren,/ Het is de weg die naar de vrede leidt,/ Wat een glorie Frans te zijn,/ Om de aarde de vrede te schenken!)

Nadat de hoge officieren de dis hadden verlaten, trokken de overige aanwezigen met fakkels in de hand de paleistuinen in voor een avondwandeling – een enorme ketel punch met zich meeslepend. Dumonceau en zijn makkers vielen uiteindelijk op het plein voor de kazerne in slaap. Daar waren zij niet de enige levende wezens, ontdekte hij die nacht: „Ik werd aangevallen en gebeten door enorme vlooien.”

Nog bonter dan de officieren maakten het hun manschappen, die een dag later de omgeving op stelten zetten. Ze trokken dronken Versailles in en wat er toen gebeurde beschreef de plaatselijke magistraat in een woedend rapport: „Deze soldaten verspreidden zich door de hele stad, vooral in een wijk waar een markt gehouden werd, waar ze voor grote wanorde en angst zorgden. Zowel mannen als vrouwen werden op de grofste wijze beledigd, [...] winkels liepen aanzienlijke schade op en het was pas rond elf uur ’s avonds dat de vrede weer wat werd hersteld.”

Deze uitspatting kwam Napoleon kennelijk ter ore en toen de commandant van het Hollandse cavalerieregiment een paar dagen later zijn opwachting bij hem maakte, begon de keizer erover. De ongelukkige officier putte zich uit in verontschuldigingen, waarop Napoleon zuchtte en antwoordde: „Ah goed, als uw mannen niet weten om te gaan met het effect van wijn, dan moeten ze zich vanaf nu maar tevreden stellen met het drinken van bier.”