Kan Tata staal maken zonder stof of stank?

Chemie Tata Steel wil staal maken met waterstof in plaats van steenkool. Maar zover is het nog lang niet. Hoe moet het in de tussentijd met de overlast?

Opslaghal voor rollen staal op het terrein van Tata Steel in IJmuiden.
Opslaghal voor rollen staal op het terrein van Tata Steel in IJmuiden. Foto Koen van Weel/ANP

Tata Steel in IJmuiden is om. Het bedrijf maakte deze week bekend dat het staal met duurzaam waterstof wil gaan maken in plaats van met steenkolen. Maar zover is het nog lang niet. Pas in 2050 verwacht het bedrijf de overstap te maken. En dus moet het staalbedrijf ook in de tussentijd de uitstoot van CO2 en vervuilende stoffen aanpakken. Omwonenden maken zich al jaren zorgen over hun gezondheid. In 2018 en 2019 waaiden vanaf het fabrieksterrein diverse malen grafietregens over de omgeving uit. Het parlement debatteerde donderdag over strengere normen. Tata begint, onder toenemende druk, al maatregelen te nemen om de overlast te beperken. Maar is het voldoende? Vier vragen over overlast.

1 Welke overlast veroorzaakt Tata?

Omwonenden van Tata Steel ervaren overlast van een slechte luchtkwaliteit, een teerlucht, herrie en ze maken zich zorgen over de emissies van fijnstof en neerdalend stof. Die zorgen komen niet uit het niets. Uit een inventarisatie die Tata Steel eerder dit jaar aan de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied stuurde, blijkt dat het bedrijf 178 stoffen uitstoot die gezondheidsschade kunnen veroorzaken of die slecht afbreekbaar zijn in het milieu. Voorbeelden zijn lood, vanadium, ijzer, mangaan en strontium en stikstofoxiden, fijnstof en pak’s. Ook stichting Duinbehoud is ongerust. De uitstoot van ammoniak door het bedrijf zou het stikstofprobleem verergeren.

Het terrein van Tata Steel telt zeventien fabrieken. Veel van de verontreinigende stoffen komen uit de schoorstenen van fabrieken die ijzererts bewerken vóór het de hoogoven in gaat: de pellet- en de sinterfabriek. Bij het bewerken van ijzererts komt lood vrij, dat van nature in ijzererts zit. „De pelletfabriek is verreweg de belangrijkste bron van het uitgestoten lood”, zegt Robert Moens, woordvoerder van Tata Steel. Uit de sinterfabriek komt naast lood bijvoorbeeld ook arseen, cadmium, kwik en nikkel vrij.

Een andere belangrijke bron van verontreinigende stoffen, ammoniak én stank is de cokesfabriek, waar cokes (brokken bewerkt steenkool) worden gemaakt. Om die cokes te maken worden gassen uit steenkolen gehaald door ze tot elfhonderd graden te verhitten. Volgens Krijn de Jong, hoogleraar scheikunde aan de Universiteit Utrecht zijn juist de steenkolen een belangrijke bron van het uitgestoten lood. De hoogovens zelf en opslaglocaties stoten ook verontreinigingen uit.

De stap die voor de meeste herrie zorgt is het verladen van schroot (afval). Dat concludeerde de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied vorig jaar in een rapport. Volgens Moens van Tata Steel vallen uitstoot en overlast onder de door de overheid gestelde normen.

2 Hoe erg is het?

Hoe ongezond Tata Steel IJmuiden precies is voor zijn omgeving, is niet eenduidig te beantwoorden.

De GGD Kennemerland deed onderzoek naar kanker, en stelde in een vorig jaar juni verschenen rapport vast dat in de regio vooral meer melanoom en longkanker voorkomt dan gemiddeld. Als risicofactoren voor longkanker noemde GGD (mee-)roken, beroepsmatige blootstelling aan stoffen en luchtverontreiniging door fijnstof. De concentratie fijnstof in de IJmond is vergelijkbaar met die van een druk, stedelijk gebied zoals Amsterdam.

Tata Steel produceert fijnstof, maar hoe groot het aandeel is op het totaal is niet duidelijk. Fijnstof heeft vele bronnen, in binnen- en buitenland: scheepvaart, verkeer, industrie, zand, zeezout.

Veel aandacht trok het onderzoek dat het RIVM en de GGD Kennemerland twee weken geleden publiceerden. Ze analyseerden de hoeveelheden pak’s (een groep stoffen waarvan een deel kankerverwekkend is) en 19 zware metalen in neergedaald stof, op 29 locaties in de omgeving van Tata Steel. Van de zware metalen levert alleen lood een gezondheidsrisico op, met name voor kinderen die buiten spelen. Het rapport noemt dat risico „ongewenst”.

Dat de blootstelling aan pak’s uit neergedaald stof een extra risico oplevert, „kan niet uitgesloten worden”, meldt het rapport. Het risico door blootstelling (voor spelende kinderen van 1 t/m 12 jaar) ligt ergens tussen het zogenoemde verwaarloosbaar risiconiveau (één extra geval van kanker per miljoen mensen bij levenslange blootstelling) en het maximaal toelaatbaar risiconiveau (één extra geval van kanker per tienduizend mensen bij levenslange blootstelling). Ook hier geldt: Tata Steel is niet de enige bron van pak’s. Dat zijn bijvoorbeeld ook scheepvaart, afvalverbranding, houtstook, roken en (vooral) de voeding. Van het onderzochte neergedaalde stof komt volgens het rapport „een aanmerkelijk deel” van Tata Steel. Het RIVM probeert het aandeel van de bronnen nu scherper te krijgen.

Het RIVM heeft over het jaar 2019 ook onderzoek gedaan naar acute gezondheidsklachten in de IJmond. Die worden daar meer gemeld bij de huisartsen „dan in andere industriegebieden en op het platteland”, zo staat in een afgelopen april gepubliceerd rapport. Het gaat om klachten zoals benauwdheid, hoofdpijn, misselijkheid en pijn op de borst. In hetzelfde rapport schrijft RIVM dat de luchtkwaliteit (het instituut onderzocht de fijnstofconcentratie) in de IJmond vaker matig tot onvoldoende is. Maar het aandeel van Tata in die luchtverontreiniging is niet duidelijk. Bovendien is niet duidelijk of de klachten ontstaan op momenten dat de lucht extra vies is.

3Hoe pakt Tata Steel de overlast op korte termijn aan?

De druk op Tata Steel om de overlast te verminderen groeide nadat in 2018 en 2019 diverse malen grafietregens vanaf het fabrieksterrein over de omgeving uitwaaiden. Volgens de vergunning mag dat stof niet meer dan twee meter van de bron (de verwerking van afval uit de hoogovens, oftewel slak, bij Harsco) verwaaien. Het bedrijf stelde een plan op voor maatregelen. Dat plan is verder uitgebreid onder toenemende druk vanuit de samenleving en de politiek eerder dit jaar. En de maatregelen worden versneld doorgevoerd.

Tata Steel pakt de geuroverlast bijvoorbeeld aan door de 108 ovenkamers van cokesfabriek 2 af te dichten, en gaat in de toekomst de druk erin veranderen. De verwaaiing van stof wordt tegengegaan door bij allerlei opslagen stofschermen te plaatsen. De bunkers van de hoogovens worden overkapt, net als de putten waar slak wordt gekoeld. Bij de pelletfabriek komen installaties die stikstofoxiden, zware metalen en fijnstof afvangen. Geluidsoverlast wordt onder meer aangepakt door geluidsdempers te bouwen bij het schrootpark, en door de geluidsdempers in de afzuiging van de staalfabriek te vervangen.

Tata Steel verwacht dat in 2023 de geuroverlast in Wijk aan Zee, Beverwijk en IJmuiden met 85 procent is afgenomen. De uitstoot van pak’s is tegen die tijd met 50 procent verminderd. In 2025 moet de uitstoot van fijnstof met circa 35 procent zijn verminderd, de uitstoot van zware metalen met circa 55 procent, en die van stikstofoxiden met zo’n 30 procent.

De vraag is of het genoeg is? Wettelijk zijn bedrijven bijvoorbeeld verplicht om de uitstoot van zeer zorgwekkende stoffen (waaronder pak’s en zware metalen) te voorkomen. En als dat niet kan, zoveel mogelijk te beperken. In een Kamerdebat afgelopen donderdag over Tata Steel, opperden sommige Kamerleden om bijvoorbeeld cokesfabriek-2 onmiddellijk te sluiten.

4 Hoe kan Tata Steel duurzaam staal produceren met minimale overlast?

Al eerder was het plan om in 2050 volledig over te gaan op waterstof (gemaakt met groene stroom) om staal te maken . De cokesfabriek (voor steenkool) en de sinterfabriek (voor sinters van ijzererts) zijn dan niet meer nodig, wat de overlast van geur en veel verontreinigende stoffen, naast de uitstoot van CO2, sterk terugdringt. De luchtverontreiniging uit de pelletfabriek, die nog wel nodig is , wordt dan afgevangen met de filterinstallatie.

Dat die overstap pas in 2050 mogelijk is, heeft te maken met de enorme hoeveelheid elektriciteit die de nieuwe route vraagt. Waterstof moet je maken, door water te splitsen. Dat gebeurt in grote, stroomvretende elektrolyse-installaties. „Wil je nu alléén Tata Steel volledig op waterstof laten draaien, dan heb je álle windmolens in Nederland nodig. Op land én in zee”, zegt Krijn de Jong, hoogleraar scheikunde aan de Universiteit Utrecht. „En al zou je genoeg windmolens hebben om groene stroom op te wekken, dan moet er ook nog genoeg capaciteit zijn om daarmee waterstof te maken.”

En dat is pas in 2050. Maar hoe wordt tot die tijd de overlast teruggedrongen? En als het even kan moet ook de uitstoot van CO2 omlaag om aan Europese klimaatnormen te voldoen.

De directie van Tata Steel had een voorkeur voor de route waarbij CO2 uit de schoorstenen wordt afgevangen en ondergronds opgeslagen. „Dit verlaagt wel de CO2-uitstoot, maar het verandert niets aan de manier van staal maken”, zegt Cihan Lacin, bestuurder bij FNV Metaal. „Cokes zijn nog steeds nodig en zo blijft de overlast, tot waterstof beschikbaar is. Dat duurt véél te lang.” De vakbond stelde een andere route voor, waarvoor het bedrijf deze week dus heeft gekozen. De cokesfabriek en hoogovens worden hierbij vervangen door vlamboogovens en een zogeheten DRI-installatie (Directe Reductie IJzer). Hiervoor zijn alleen nog ijzererts-pellets en waterstof óf aardgas nodig. Tata Steel gebruikt aardgas totdat er voldoende waterstof voorhanden is. Net als de FNV vindt hoogleraar De Jong dat een goede beslissing: „Cokes zijn een van de meest vervuilende onderdelen in de huidige methode. Zo kan het bedrijf daar vanaf.”

Vanaf wanneer wordt de productie aangepast? Moens vanuit IJmuiden: „Het plan is om vóór 2030 te zijn gestart met de overgang. Dan kunnen hoogoven-6 en cokesfabriek-2, waar de meeste problemen van komen, dicht.”