Opinie

Controleurs

Marcel van Roosmalen

Ik sprak een dorpsgenoot. We hadden elkaar al eerder gesproken, zei hij. Hij was sinds kort ‘controleur’. „Dat is wat ze vroeger handhaver, boa en toezichthouder noemden.” „Wijkagent, uitsmijter, conducteur, oppasser, opziener”, vulde ik aan.

„Wijkagent niet”, verbeterde hij. „Controleurs hebben geen wapen, wel vaak een scanner.”

Het beviel hem uitstekend, hij wist niet hoe oud mijn kinderen waren, maar controleur was volgens hem zeker een optie om in de gaten te houden.

„Het is een groeimarkt. In ons dorp wonen veel controleurs, en het worden er steeds meer. In principe kan iedereen het, maar je hebt wel een zekere aanleg nodig.”

Er waren in ons gebied in coronatijd relatief veel wandelaars en voetballende kinderen bekeurd, het talent was voor iedereen zichtbaar.

„Regels zijn regels”, zei mijn dorpsgenoot. „Die zijn wat mij betreft voor iedereen hetzelfde. En dan maakt het mij niet uit of je wel of niet gestudeerd hebt.”

We namen afscheid, ik keek op weg naar huis nog een paar keer om. ‘Ze gaan ons genadeloos terugpakken’, dacht ik opeens.

Er komt een steeds grotere vraag naar controleurs, zeker op korte termijn, met die QR-code. Amsterdam heeft al gezegd niet te kunnen handhaven, vanwege de te beperkte capaciteit. De controleur van vroeger moest nog handelen naar eigen inzicht, maar het gaat nu zo snel, dat het niet lang meer kan duren voordat ze zich volledig kunnen verschuilen achter de technologie.

Een paar dagen later, ik ging naar een theatervoorstelling in De Doelen in Rotterdam, was de sciencefiction al werkelijkheid. Ik liep zo in een roedel van twintig geüniformeerde jongeren met een scanner. Het was leuk werk, verzekerde een van hen terwijl hij de app op mijn telefoon controleerde. Het was een kwestie van doorlaten of tegenhouden, je deed leuke sociale contacten op.

Ik dacht aan mijn dochters.

Het controleren zit ze in de genen. Hun grootvader, mijn vader, was ambtenaar. Hij zei altijd: ‘Een ambtenaar voert uit.’

De praktijkervaring hebben ze ook al. Ze geven me met liefde aan bij hun moeder.

‘Papa heeft op de bank gelegen’ – ‘Papa heeft chips gegeten’ – ‘Papa heeft weer troep gemaakt.’

Laatst vroeg Leah van Roosmalen (4) zelfs om straf. Ze weet nu al dat zonder straf de kans op herhaling veel groter is. Misschien moet er wel een hogeschool van controleurs komen, voor controleurs die controleurs controleren, fijn als je enige invloed op die mensen hebt.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.