Recensie

Recensie Film

De verfilming van de ‘onverfilmbare’ sciencefictionroman ‘Dune’ is geen meesterwerk. Maar wel heel goed

Sciencefiction Voor een film die erg veel heeft uit te leggen ontrolt ‘Dune’ zich vlot; Villeneuve lijkt minder onder de indruk van zijn eigen sublieme decors dan in het oogstrelende, maar te trage ‘Blade Runner 2049’.

Timothée Chalamet geeft Paul Atreides een frêle, peinzend en licht arrogant charisma dat je met een messias in de dop associeert, in ‘Dune’.
Timothée Chalamet geeft Paul Atreides een frêle, peinzend en licht arrogant charisma dat je met een messias in de dop associeert, in ‘Dune’. Foto Warner Bros Pictures and Legendary Pictures

Is het sciencefictionepos Dune onverfilmbaar? Denis Villeneuve bewijst het tegendeel met deze intelligente, elegante blockbusterfilm. Geen wereldschokkend meesterwerk, maar gewoon heel goed. Als het publiek toehapt is dit deel één van een tweeluik. Zo niet, dan dreigt voor Villeneuve een nieuwe Unvollendete na Blade Runner 2049, die in 2017 ook een filmreeks had moeten opleveren. Die film kreeg geen vervolg.

In Dune volgen we anno 10191 de teloorgang van het adellijk geslacht Atreides, dat van de galactisch keizer Shaddam IV het beheer krijgt over woestijnplaneet Arrakis. Een strategische bron van rijkdom en macht omdat alleen daar de geestverruimende drug specie wordt gewonnen die ruimtereizen mogelijk maakt. Het geschenk blijkt een valstrik, de keizer spant samen met de Harkonnens, aartsvijanden van het huis Atreides. Hertogszoon Paul Atreides moet het met zijn moeder in de woestijn zien te rooien.

Villeneuve is de sf-roman Dune net zo trouw als David Lynch in zijn mislukte verfilming van 1984, maar vermijdt Lynch’ hysterie en homofobe subtekst. Hij filmt stijlvol en sereen, met grote namen tot in de kleinste bijrollen: Charlotte Rampling verstopt achter een voile als moeder-overste van heksenorde Bene Gesserit, Stellan Skarsgård onder massieve lagen latex als de perverse dikzak Vladimir Harkonnen. Timothée Chalamet geeft Paul Atreides een frêle, peinzend en licht arrogant charisma dat je met een messias in de dop associeert.

Lees ook een achtergrondartikel: ‘Dune’, de roman waar grote filmregisseurs zich op stukbijten – maar lukt het Denis Villeneuve nu toch?

Voor een film die erg veel heeft uit te leggen ontrolt Dune zich betrekkelijk vlot; Villeneuve lijkt minder onder de indruk van zijn eigen sublieme decors dan in het oogstrelende, maar te trage Blade Runner 2049. De geestverruimende plot vol visioenen en interne monologen grondt Villeneuve in een cleane, vaak monochrome esthetiek en een conventionele muziekscore van Hans Zimmer, die naar hartelust op de grote trom roffelt, met oriëntaalse accenten die je bij een woestijnfilm verwacht.

Het boek Dune is een visionaire parabel over ecologische verwoesting en koloniale exploitatie. In zijn wantrouwen over het antwoord van de onderdrukten – religieus fanatisme, messianisme – blijft Villeneuve die roman trouwer dan de mysticus Lynch voor hem. Dat stemt nieuwsgierig naar deel twee: hoe bitter wordt de zege van verlosser Paul Atreides? Nu al voorziet hij in zijn visioenen slachtpartijen en massacrematies.