Is in Tigray sprake van genocide in opdracht van hogerhand?

Massamoorden In en bij Tigray is sprake van executies en marteling op grote schaal. Ingewijden willen onderzoek door het Internationale Strafhof.

Mensen die eind vorig jaar zijn gevlucht voor het geweld in Tigray verzamelen zich langs de rivier de Tekezé, aan de grens tussen Soedan en Ethiopië. Vaak drijven er lijken in de rivier.
Mensen die eind vorig jaar zijn gevlucht voor het geweld in Tigray verzamelen zich langs de rivier de Tekezé, aan de grens tussen Soedan en Ethiopië. Vaak drijven er lijken in de rivier. Foto El Tayeb Siddig / Reuters

In de ochtendmist over de grensrivier de Tekezé, Oost-Soedan, zien inwoners van een vluchtelingenkamp sinds deze zomer lijken binnendrijven, vermoedelijk afkomstig uit het Ethiopische stadje Humera. Een team van het Amerikaanse CNN maakte er een reportage over. In Humera, betwist gebied in West Tigray, maken de Ethiopische en Eritrese strijdkrachten en een militie uit de regio Amhara momenteel de dienst uit. De meer dan zestig lijken die aanspoelden in Soedan – onder wie vrouwen en kinderen – hadden soms de armen op de rug gebonden en vertoonden tekenen van marteling en standrechtelijke executie. Vluchtelingen vertelden over detentiecentra in Humera, volgepakt met Tigrese burgers.

De oorlog in en rond Tigray wordt gevoerd door de rebellerende autoriteiten van de deelstaat tegen het federale leger van premier Abiy Ahmed, dat wordt geholpen door soldaten uit buurland Eritrea en strijdkrachten uit de aangrenzende deelstaat Amhara. De getuigenissen over en documentatie van massaslachtingen en etnische zuiveringen in Tigray dragen de kenmerken van misdaden tegen de menselijkheid en wellicht ook genocide, waarschuwen mensenrechtenorganisaties.

Een ingewijde die veel van de documentatie in de afgelopen maanden heeft bestudeerd, zegt tegen NRC: „Er is inmiddels veel bekend, maar er is nog niets strafrechtelijk onderzocht. Het zou moeten worden onderzocht door het Internationaal Strafhof. Misschien wordt het dan wel een van de ernstigste zaken die het ICC ooit heeft behandeld.”

Omdat Ethiopië, Eritrea en Soedan geen lid zijn van het Strafhof, zou de Veiligheidsraad hiertoe een verzoek moeten indienen. Het is vooralsnog niet waarschijnlijk dat dit gebeurt.

250 massamoorden

De eerste acht maanden van de oorlog speelden zich af in de deelstaat Tigray. Onderzoeken door internationale mensenrechtenorganisaties over die fase in de oorlog, ondersteund met videobeelden, brachten grootschalige slachtpartijen aan het licht. Een onderzoeksgroep van de Universiteit Gent telde 250 grotere en kleine massamoorden en noemde als vermoedelijke daders de Eritrese en Ethiopische regeringssoldaten en in het bijzonder een Amhaarse militie.

In het tijdperk van digitale informatie en van mobiele telefoons vallen grootschalige misdaden zelfs in het moeilijk bereisbare Tigray niet te verbergen. Hoewel mensenrechtenorganisaties en journalisten in Ethiopië geen of nauwelijks onderzoek kunnen doen, zijn er talloze filmpjes van executies van burgers door regeringssoldaten. Andere ooggetuigen zijn vluchtelingen in Soedan.

Tekenend voor hoe deze oorlog Ethiopië heeft verdeeld, zijn de reacties op de beschuldigen. De Ethiopische overheid doet deze in de regel af als Tigrese propaganda; aan Tigrese zijde wordt niet onderkend dat elders in Ethiopië nauwelijks sympathie bestaat voor hun zaak.

Die eerste maanden van de in november begonnen oorlog voerden de Ethiopische en Eritrese legers campagne om de rebellerende Tigrese autoriteiten te straffen, evenals de bevolking die hen steunde. Amnesty publiceerde een rapport over grootschalige verkrachtingen van vrouwen en meisjes. Volgens andere rapporten gingen Eritrese strijdkrachten soms van deur tot deur en liquideerden ze jonge mannen.

De gemelde misdaden roepen de vraag op of er van hogerhand opdracht is gegeven tot massamoord. De ingewijde, die lange ervaring heeft met onderzoek naar mensenrechten, sluit dat niet uit. Volgens hem gaat het om een patroon dat kan wijzen op bevel van bovenaf. In elk geval is door de Ethiopische bestuurselite een klimaat geschapen waarin troepen zich vrijelijk lijken te kunnen misdragen. „Alle politici en legermensen, tot aan de Ethiopische premier Abiy Ahmed toe, gebruiken opruiende taal, wat grenst aan bijna genocidaal taalgebruik.” De Ethiopische premier noemde Trigray deze zomer onder meer „een kankergezwel” en een „onkruid” dat „uitgerukt” moest worden.

Samantha Power, hoofd van de Amerikaanse hulporganisatie USAID en expert op het gebied van genocide, waarschuwde bij een recent bezoek aan Ethiopië voor de giftige propaganda tegen Tigreeërs. „Ontmenselijkende retoriek vergroot spanningen en kan, historisch gezien zeker, vaak gepaard gaan met etnisch gemotiveerde wreedheden”, zei ze tegen journalisten.

Eind juli lukte het de rebelse Tigrese strijdkrachten om het Ethiopische leger en geallieerde strijdkrachten grotendeels uit Tigray te verdrijven. Ze gingen vervolgens in het offensief in de buurdeelstaten Afar en Amhara. In Afar willen ze Ethiopiës enige uitweg naar zee blokkeren en in Amhara de steden Gondar en Bahir Dar innemen. Van daaruit zouden de Tigreeërs dan West Tigray kunnen heroveren.

Leden van een Amhara-militie in de buurt van het dorpje Dabat, in de regio Amhara, op dinsdag 14 september. Foto Amanuel Sileshi/AFP

Offensief

Dat offensief was aanvankelijk succesvol, maar lijkt nu vast te lopen. De algehele mobilisatie die premier Abiy Ahmed afkondigde na de nederlaag van het regeringsleger eind juli, begint effect te hebben op het slagveld. Ook meldden de Verenigde Staten en de EU dat Eritrese soldaten Tigray opnieuw zijn binnengevallen en vanuit Humera opereren.

Werden in de eerste fase van de oorlog de misdaden veelal begaan in Tigray door regeringstroepen en geallieerde strijdkrachten, nu de strijd zich heeft uitgebreid naar omliggende regio’s, zijn er ook beschuldigingen over misdragingen door Tigrese strijdkrachten. Autoriteiten in Amhara meldden eerder deze maand een slachtpartij met 120 dode burgers, begaan door Tigreeërs.

In de deelstaat Amhara raakten volgens schattingen al 200.000 burgers ontheemd, in Afar meer dan vijftigduizend en in Tigray eerder één miljoen. In Tigray hebben ruim vijf miljoen burgers voedselhulp nodig – negentig procent van de bevolking. Slechts mondjesmaat laten de Ethiopische autoriteiten konvooien met graan naar Tigray afreizen.

Maandag sprak de VN-Mensenrechtenraad in Genève over de crisis. „Als de situatie niet verbetert, zal Ethiopië het toneel zijn van een van een van de ergste menselijke tragedies deze eeuw”, zei de Britse ambassadeur Rita French.

Militairen van de Ethiopische krijgsmacht na een training in de buurt van Dabat op 14 september. Tigrese rebellen begonnen in juli een offensief in de regio Amhara, maar het regeringsleger sloeg terug. Eritrese en Ethiopische regeringssoldaten en een Amhaarse militie zouden in de eerste fase van de oorlog vele massamoorden hebben gepleegd in Tigray. Foto Amanuel Sileshi/AFP