Ambtenaren hielpen staatssecretaris Knops bij privékwestie

Staatssecretaris In 2010 kocht staatssecretaris Raymond Knops privé grond aan. Toen daar vorig jaar ophef over ontstond, hielpen zijn ambtenaren met juridische analyses en de communicatiestrategie.

Raymond Knops.
Raymond Knops. Foto Remko de Waal

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft ambtenaren, de landsadvocaat en een aan het ministerie ondergeschikte dienst ingezet bij het afhandelen van een privékwestie van staatssecretaris Raymond Knops (CDA). Toen NRC en De Limburger mei vorig jaar publicaties voorbereidden over een grondaankoop van Knops uit 2010, verschaften ambtenaren juridische analyses, hielpen zij bij het opstellen van communicatiestrategieën en overlegden ze met andere overheden over reacties aan de kranten. Dat blijkt uit door BZK vrijgegeven documenten op basis van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).

In een reactie verdedigt het ministerie de ambtelijke werkzaamheden rond de publicaties: „Ernstige aantijgingen die de integriteit van de staatssecretaris raken zijn relevant voor het openbaar functioneren.” Deskundigen bekritiseren dit standpunt. Hoewel het Europese anticorruptieorgaan van de Raad van Europa al jaren hamert op de noodzaak van een integriteitscode voor bewindspersonen, heeft het kabinet op dit terrein niets geregeld, zegt universitair docent bestuurswetenschap Leonie Heres (Universiteit Utrecht), die in leiderschap en integriteit is gespecialiseerd. Maar dat het juridisch niet verboden is, betekent niet dat het verstandig is, denkt zij. „Ambtenaren moeten het publiek belang dienen. Ik denk niet dat dit de beste manier is.”

Heres: „Een topambtenaar mag ook niet als privépersoon op deze manier van de diensten van het ministerie gebruikmaken. De staatssecretaris zou zo veel mogelijk in de geest daarvan moeten handelen. Niet alleen omdat hij anders het vertrouwen van burgers schaadt. Hij heeft ook een voorbeeldfunctie naar zijn ambtenaren.”

Dat ambtenaren een bewindspersoon in een privékwestie bijstaan, komt voor, zegt hoogleraar bestuurskunde Paul ’t Hart (Universiteit Utrecht). Hij adviseert ook topambtenaren en bewindspersonen. „Maar het is een glibberig pad. In dit geval, als je in de problemen komt wegens je persoonlijke handel en wandel van jaren geleden, dan staat het niet fraai als de molens van de ambtelijke dienst energiek gaan malen. Als ik topambtenaar was zou ik bij alles wat lijkt op adviezen op het gebied van strategie en communicatie zeggen: dat doen we niet.”

Het journalistieke onderzoek, gepubliceerd op 22 mei 2020, toonde aan hoe Knops bij de grondtransactie met een bedrijf van de provincie Limburg bevoordeeld werd. Dat bedrijf – geleid door een partijgenoot van het CDA – voert de zogeheten ruimte-voor-ruimteregeling uit, waarbij voormalige varkensstallen worden omgezet in bouwpercelen. Bij de notaris rekende Knops een perceel van 750 vierkante meter met woonbestemming af. Toen het Kadaster de grond kwam meten, bleek het aangewezen perceel 1.175 vierkante meter groot te zijn. Die extra 425 vierkante meter grond waren vanwege de door het ruimtebedrijf geregelde woonbestemming veel meer waard geworden. De grondaankoop vond plaats in 2010, toen Knops nog Tweede Kamerlid was.

Lees het onderzoeksverhaal van vorig jaar terug: Grondspeculatie, bomenkap en vriendendiensten: zo krijg je een droomhuis in Limburg

Stal wordt bouwperceel

Het Kadaster, dat onder het ministerie valt, speelde op vrijdag 3 april 2020 – een maand voor NRC de staatssecretaris zelf benaderde met vragen over de kwestie – al vragen van NRC over de grondtransactie door aan secretaris-generaal Maarten Schurink, de hoogste ambtenaar van BZK. De dinsdag erop, twee werkdagen later, had een jurist van de afdeling Constitutionele Zaken en Wetgeving al een adviesnota aan Knops over de „casus RvR [ruimte-voor-ruimteregeling]” geschreven. Dat de ambtelijke nota hierover ging is opmerkelijk, omdat NRC het Kadaster niet naar die regeling had gevraagd, maar alleen wilde weten hoe het kon dat bouwoppervlakten in notariële akten konden verschillen van die in het Kadaster.

Op 11 mei nam NRC-journalist Joep Dohmen contact op met een woordvoerder van Knops, nadat een poging om de staatssecretaris direct te benaderen was mislukt. Daarbij meldde Dohmen dat het om een privékwestie ging. NRC moest de vragen voor Knops naar het departement sturen.

Adviezen voor Knops

In de weken erna stelden zowel juristen van de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving als de landsadvocaat adviezen op voor Knops. Het ministerie weigert de inhoud van deze adviezen vrij te geven. Een ambtelijk jurist mailde daarover aan Knops: „Hierbij nog even bevestiging dat we zojuist telefonisch bespraken dat de door mij opgestelde adviezen in de kwestie over de grondtransactie bij evt. juridische stappen alleen gebruikt worden als achtergrondinformatie.”

Het Kadaster maakte voor topambtenaar Schurink een notitie over hoe het verschil in grootte tussen het opgemeten perceel en het bij de notaris afgerekende „gecorrigeerd” kon worden. Ambtenaren van de afdeling communicatie stelden concept-antwoorden op, „woordvoeringslijnen” en „spreeklijnen”. Ook werd een nota geschreven om minister Kajsa Ollongren over de kwestie te informeren.

Ambtenaren van Knops wonnen ook informatie in bij gemeente Horst aan de Maas. Daar heeft Knops zijn huis gebouwd. Documenten die de gemeente aan NRC verstrekte, werden door ambtenaren van BZK beoordeeld. Later speelden gemeenteambtenaren vragen die NRC aan Horst aan de Maas stelde, door naar het ministerie. „Dank voor de headsup”, mailt de ambtenaar terug. De gemeente legde ook antwoorden op persvragen vooraf voor aan ambtenaren van Knops.

Een ambtelijke analyse van de NRC-publicatie werd per mail besproken door juristen, communicatiemedewerkers, de adviseur van Knops en topambtenaar Schurink. Zij mailen elkaar ook over welke antwoorden er moeten worden gegeven op vragen van Dohmen.

Lees ook: Staatssecretaris Knops klaagt NRC en De Limburger aan

Inmiddels voert Knops een rechtszaak tegen beide kranten en de betrokken journalisten. Hoewel het ministerie tot twee keer toe benadrukt daar niet bij betrokken te zijn, brengt Knops wel mails in tussen journalist Dohmen en een woordvoerder van het ministerie, waar hij als privépersoon niet over had kunnen beschikken.