Opinie

Europese Defensie en het uur van Emmanuel Macron

Afghanistan heeft het defensiedebat over Europese zelfstandigheid opnieuw aangewakkerd, ziet Michel Kerres. Zal er deze keer iets van terechtkomen?

Michel Kerres

Voor vergezichten over een zelfstandigere rol voor Europa in de wereld moet je traditiegetrouw in Frankrijk zijn. Franse presidenten waren altijd al te vinden voor een Europa met meer Frankrijk en minder Amerika.

Emmanuel Macron is geen uitzondering. Hij propageerde Europese toenadering tot Rusland, verklaarde de NAVO hersendood en vond dat de EU meer ‘strategische autonomie’ moest verwerven, dat Europa meer soeverein moest worden, dat Europa moest leren zichzelf te verdedigen.

Hij kreeg niet meteen een staande ovatie. De toenadering tot Moskou liep snel vast op Oost-Europees verzet, Duitsland zag de NAVO helemaal niet als hersendood, het debat over defensie, dat al decennia wordt gevoerd, kabbelde voort.

Toen viel Kabul en rolde de bal opeens Macrons kant op. Zonder Amerikaanse bescherming geen Europese evacuaties, bleek. Zonder Amerikaanse toestemming geen Nederlandse helikoptervluchten naar de stad om mensen op te halen. Wie in de laatste maanden op de Amerikanen had gevaren, kwam mét de Amerikanen in de knel. Iedereen zag: Europa kan zoiets niet alleen.

Die ervaring – de feilbaarheid van de VS en de hulpeloosheid van de EU – wakkerde onmiddellijk het debat aan over een Europese defensie.

Voorzitter van de Europese Raad Charles Michel, maakt zich wekelijks sterk voor een zelfstandigere EU – deze week in een interview met een Franse denktank. Europarlementariërs van Renew Europe togen aan het begin van het politieke seizoen deze week naar Parijs en namen er een verklaring aan waarin uitdrukkelijk wordt gepleit voor een Europese defensie. Renew Europe is de politieke familie waartoe behalve Macron en Michel ook premier Rutte behoort, doorgaans geen grote vriend van Europese defensieavonturen.

Ook de twee frontrunners in de Duitse verkiezingen togen alvast maar eens voor kennismaking naar het Elysée. Olaf Scholz (SPD) liet er een paar keer de term „strategische autonomie” vallen. Armin Laschet (CDU/CSU) pleitte in een gedetailleerd ingezonden stuk voor een Europese Veiligheidsgemeenschap.

Iedereen is geschrokken van Kabul en wil meer autonomie, maar als het gesprek wat langer duurt tekenen zich meteen de breuklijnen af die het debat over Europese defensie al jaren frustreren.

Zo wil Laschet dat het veto bij besluiten over buitenlands beleid in de EU wordt afgeschaft. Michel niet. En als EU-Buitenlandchef Josep Borrell pleit voor een EU-interventiemacht van 5.000 militairen, roept NAVO-chef Jens Stoltenberg meteen dat het een slecht idee is.

Het debat dreigt alweer te verzanden, voordat het goed is begonnen. En dat terwijl er al lang praktische mogelijkheden voor militaire samenwerking bestaan: er zijn EU-battlegroups (1.500 man) en er is een mogelijkheid voor EU-landen om de middelen van de NAVO te gebruiken. Maar niemand kwam tot nu toe op het idee die opties dan ook maar eens te beproeven.

Lang voordat Kabul viel werd in Brussel al gewerkt aan een strategische blauwdruk voor de EU, het Strategisch Kompas. Eerst werd een dreigingsanalyse opgesteld. Het document is geheim, maar de analyse, zegt een diplomaat, is „nogal troosteloos”. Sindsdien wordt gewerkt aan een Europees antwoord op die dreigingen. Het Kompas wordt op 16 november gepresenteerd, in maart moet een besluit vallen. En laat dan net Frankrijk voorzitter van de EU zijn.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeets schrijven hier afwisselend over de kantelende wereldorde.