Recensie

Recensie Beeldende kunst

De beruchte Aztekencultuur blijkt veelkleurig en vaak wonderschoon

Tentoonstelling Over de Azteken is een iconische tentoonstelling te zien in het Volkenkunde Museum in Leiden. De geschiedenis van deze oude beschaving blijkt meer te omvatten dan bloeddorstige plechtigheden.

De ‘zonnesteen’, een reusachtige kosmologische kalenderschijf.
De ‘zonnesteen’, een reusachtige kosmologische kalenderschijf. Mike Bink/ Museum Volkenkunde Leiden

De Azteekse beschaving in Mexico heeft in de eeuwen na de overweldiging onder leiding van de Spaanse conquistador Hernán Cortés een kwestieuze reputatie gekend: denkend aan Azteken, ziet men brede stromen bloed traag van steile piramidetrappen gaan. Mensenbloed welteverstaan. Onze eigen Gids-criticus Potgieter sprak in een recensie van Prescotts Geschiedenis der verovering van Mexiko (1866) van ‘moorddadige plechtigheden’: „Menselijke offeranden maakten een onvermijdelijk gedeelte uit van de gewone eredienst der Azteken. Ieder Mexicaans altaar was letterlijk een slachtbank, iedere tempel een knekelhuis. In de tempel van Huitzilopochtli worden 136.000 bekkenelen geteld, hetgeen gedurende de twee eeuwen van de onafhankelijkheid der Azteken jaarlijks gemiddeld 680 moorden bedraagt, ter ere van één enkele afgod.” Wie bedenkt dat de Azteken polytheïsten waren, trekt de huiver op in de ruggengraat. Men zou bijna zeggen dat de katholieke conquistador Hernán Cortés een menslievend man moet zijn geweest, toen hij in 1521 deze heidense beschaving van de kaart veegde.

Na een volksverhuizing in 1325 – een wandeltocht die wel met die van Mozes en het joodse volk is vergeleken − vestigden de Azteken zich op een eiland in het Texcoco-meer, tegenwoordig overdekt door een van de grootste wereldsteden, Mexico-Stad. Het moet een strak geleid volk zijn geweest. Ze bouwden niet hier en daar een hutje, maar zetten zich meteen aan de bouw van een in 1515 rond de 350.000 inwoners tellende, symmetrisch in kwadranten ingedeelde stad, Tenochtitlan geheten.

Lees ook: Bevolking in Amazonegebied piekte rond het jaar 1000

De stad kende een strak gevormde bestuursstructuur, met een religieus centrum, bestaande uit een grote piramide met tal van bijgebouwen. Ingeblazen door zon- en oorlogsgod Huitzilopochtli vergrootte het militair ingestelde volk der Azteken haar leefgebied tot een rijk van grote omvang. De inspanning daartoe moet enorm zijn geweest. Trekdieren kenden de Azteken niet, verplaatsing en transport geschiedde te voet of per kano.

Potlooddozen

Heilige tweevuldigheid stond centraal in het bestaan der Azteken: leven en dood, nacht en dag, mannelijk en vrouwelijk, hemel en onderwereld. De 114 traptreden hoge tempelpiramide in Tenochtitlan werd bekroond met vereringsplaatsen van regen- en vruchtbaarheidsgod Tlaloc en zonnegod Huitzilopochtli – water en vuur, het een niet zonder het ander. Alles binair, en behoorlijk ingewikkeld.

„De Azteken is een van de iconische beschavingen uit de wereldgeschiedenis”, aldus het Leidse Museum Volkenkunde over haar omvattende expositie over de Aztekencultuur. Dat ‘iconische’ is vanzelfsprekend niet alleen bloedrood, de inhoud van de potlooddozen op de kinderafdeling van deze tentoonstelling voor jong en oud (het ‘Aztekenatelier’ geheten) ogen dan ook als een regenboog. De beruchte Aztekencultuur blijkt veelkleurig en vaak wonderschoon. Deze bijzondere expositie in Museum Volkenkunde (te zien zijn een flink aantal stukken die Mexico niet eerder verlieten) getuigt er in vele zalen van. Tekenend detail voor beschaving: in de Azteekse klassenmaatschappij gingen zowel de kinderen van de adel als van gewone burgers naar school.

Een wierookbrander in de vorm van de Azteekse god Mictlantecuhtli. Foto Michel Zabé/ Museum Volkenkunde Leiden

De Azteken vormden een iconische beschaving, ook de Volkenkunde-expositie mag men iconisch noemen. Stapvoetse bezichtiging aangeraden. De hoeveelheid (ongemeen heldere) muurtekst is aanzienlijk en men dient de tijd te nemen voor een aantal videopresentaties. Hoogtepunt in dit verband is (door middel van ingenieuze projectie) de verklaring van de zogenaamde ‘zonnesteen’, een reusachtige kosmologische kalenderschijf. Tijd, de vergankelijkheid ervan (leven en dood), wordt door Aztekologen als cultuurmiddelpunt beschouwd. Op een enkel punt hebben de vormgevers van de tentoonstelling het wat al te mooi willen maken. Zo wordt het zicht op een wonderschone keramische adelaarman belemmerd door geprojecteerde sluierbewolking op de beschermende perspex omhulling.

Voor het overgrote deel is de presentatie echter nagenoeg perfect. Een van de uitgestalde meesterwerken is een stenen kistje, gedecoreerd met kalendertekens en mens- en diervormen. Een stuk uit 1519, het jaar waarin kolonialist Cortés Tenochtitlan bereikte. Uiterst fijnbesnaard is toch weer een adembenemend klein hangertje in de vorm van een eendenkop in paars amethist, het oog ingelegd met malachiet. Ronduit verbijsterend is een tweetal spiegels van obsidiaan, zwart vulkaanglas. Men kon er zijn onderwereldse ‘dubbel-ik’ in waarnemen, helderziende Azteken wisten aan het zwarte spiegelglas zelfs aanstaande duisterheden te ontlokken. Het verhaal wil dat Aztekenvorst Motecuhzoma II (letterlijk: ‘hij die zichzelf heerser maakt door zijn woede’) een troep krijgers op herten in het obsidiaan zag galopperen, een voorafspiegeling van de komst van Cortés, de man die hun beschaving om zeep zou helpen.

Tuinieren

Op de gereconstrueerde plattegrond van het heilige midden van Tenochtitlan zien we een sportveld. De Azteken speelden er tlaxtli, je zou het ‘heupbal’ kunnen noemen. Een heilige sport, gespeeld met een maar liefst vijf kilo wegende, massieve rubberbal. De spelers mochten dit projectiel bij hun poging hem door een ring van steen te mikken, slechts met midden- of bovenlijf aanraken, met botbreuken en interne bloedingen als gevolg. En wie verloor, werd geofferd, een eer die trouwens ook de winnaar kon worden verleend.

Waarom toch steeds weer die offers? Bloed schonk leven, en zonder leven geen toekomst. Ook hier: enerzijds, anderzijds: de Azteken konden zich het aardse bestaan niet voorstellen zonder bloemen, en van hun grootste prestaties op het gebied van tuinderij – we genieten nog steeds van hun kweekprestaties in de vorm van avocado’s, tomaten of cacao.

Dit en heel veel meer op de magistrale expositie Azteken, begeleid door een catalogus waarvan men werkelijk achteroverslaat. Het brengt het bloedrood terug in het kleurenspectrum van menselijke maat.