Foto Nathan Keay

Interview

In Lows muziek vind je de waarheid

Amerikaanse indieband De indieband Low gooide het roer helemaal om. „Onze muziek is een vorm van protest.”

Hey what! In Duluth, Minnesota kun je het mensen tegen elkaar horen zeggen. In de omgangsvormen van het Midwesten van de VS betekent het zoiets als: hoe gaat het? Zanger en gitarist Alan Sparhawk van de groep Low gebruikt die woorden dagelijks. „Je komt iemand tegen op straat en je zegt: Hey what. Het is het begin van een conversatie. Je vraagt iemands aandacht, toont belangstelling. Soms is ‘yeah’ het enige antwoord dat je krijgt. Economisch taalgebruik, daar zijn we hier goed in.”

HEY WHAT is de titel van het nieuwe album van Low, hun dertiende. De muziek volgt de lijn van het voorlaatste album Double Negative, waarop noise en ontregeling de norm werden in plaats van de welluidende indiepop waarmee ze bekend werden. ‘Slowcore’ werd hun muziek genoemd: langzaam en betoverend. Centraal stond altijd de tweestemmige zang van Sparhawk en zijn echtgenote, drummer Mimi Parker.

Lees ook: Ik geloof in God en in dub

Double Negative begon met een lawaai-explosie, alsof er stof onder de naald zat. Lows muziek was niet langer zoet en kabbelend, maar schrijnend en confronterend. „Deze verwarrende tijd vraagt om drastische maatregelen”, zegt Sparhawk via Zoom vanuit zijn huis in Duluth, op loopafstand van het geboortehuis van Bob Dylan. „Onze muziek vroeg om een reactie op deze shitwereld en de waardeloze manier waarop ons land geregeerd wordt. De pandemie deed daar een schepje bovenop. We besloten dat onze muziek kaler, ruwer en schurender moest worden.”

Met de van Bon Iver bekende producer BJ Burton werkten Parker en Sparhawk aan muziek die bijna nergens meer volgens geijkte ritmische patronen verloopt. Zang en gitaar werden met elektronische middelen vervormd tot abstracte klankerupties. HEY WHAT is niet de oorstrelende luisterervaring van, bijvoorbeeld, het serene kerstalbum dat Low in 1999 maakte. „Schoonheid kan ook zitten in de manier waarop muziek je verwachtingen onderuit haalt”, zegt Sparhawk. „Mijn gitaar klinkt nergens meer als een gewone gitaar. Eerder is het een machine die piept, knarst en hakkelt.”

Spatiebalk aanslaan

Low werd in 1993 opgericht door Mimi Parker en Alan Sparhawk. Ze werden verliefd, trouwden en kregen twee kinderen. Hun mormoonse geloof bond ze samen, hoewel er van hun religieuze denkbeelden zelden iets doorschemert in de teksten. Het huwelijk overleefde alle hobbels van bijna dertig jaar intense samenwerking, terwijl bassisten het meestal niet zo lang in de triobezetting uithielden. Nu, voor het eerst, hebben ze een heel album zonder derde muzikant gemaakt. „De muziek had lang niet altijd een baspartij nodig”, verklaart Sparhawk.

In 2008 maakte David Kleijwegt voor VPRO de documentaire You May Need A Murderer over het toen vijftienjarige fenomeen Low, dat in Nederland altijd op een warme fanbase mocht rekenen. Op Kleijwegts vraag „heb je het gevoel dat het einde van de wereld is aangebroken?”, antwoordde Sparhawk terloops: „Yeah.”

Angst is een slechte raadgever als je nieuwe wegen in wilt slaan

Inmiddels is de wereld er slechter aan toe dan toen, zucht de gitarist. „Onze muziek is een vorm van protest, al blijkt dat niet expliciet uit de teksten. Amerika onder Trump is een compleet ander land geworden, waarin iedereen zijn eigen ideologie najaagt en niemand meer om een ander lijkt te geven. De dood van George Floyd heeft wat teweeggebracht, maar racisme is nog verre van uitgebannen. De meeste Amerikanen zijn nog nooit buiten hun eigen regio geweest. Geweld en wapenbezit zijn signalen van de angst die onder de bevolking leeft. Angst voor het vreemde, angst voor verandering. Onze muziek omarmt juist het onbekende.”

De radicale verandering in de manier waarop Low het muziekmaken benadert heeft nog geen grote gevolgen voor hun live-optredens, vertelt Sparhawk. „Als we onze elektronische experimenten naar het podium willen brengen, zijn daar computers en synthesizers voor nodig. De puur fysieke bezigheid van het aanraken van snaren of het slaan op trommels is een belangrijk onderdeel van de live-ervaring. We zijn er langzaam mee bezig om onderdelen van onze nieuwe elektronische sound bij optredens toe te passen. Makkelijk is dat niet. Er is nog nooit een publiek opgewonden geraakt van een muzikant die met een groots gebaar een spatiebalk van een laptop aansloeg.”

Mimi Parker en Alan Sparhawk (Low): „We maken muziek om mensen samen te brengen.” Foto Nathan Keay

Het anker van hun gezamenlijke muziekpraktijk blijft hoe dan ook de samenzang, zegt Mimi Parker. „Onze stemmen kleuren op een wonderlijke manier bij elkaar. In mijn jeugd hoorde ik veel countrymuziek en die traditie heeft mij gevormd als zangeres. Alan is een veel impulsievere zanger; hij plukt de noten schijnbaar willekeurig uit de lucht. Samen hebben we een chemie die alleen de onze is. Ik heb wel eens met anderen gezongen, maar het klink nooit zo eigen als bij Low.”

Het nummer ‘Days Like These’ op het nieuwe album speelt met de verwachtingen van de luisteraar. Een fraai tweestemmig lied wordt opeens bedolven onder een diepe laag vervorming, alsof Mimi Parker het tweede couplet door een kapotte megafoon zingt. Het nummer lost op in golven van ruis en pulserende wentelwiekgeluiden, als de op hol geslagen soundtrack van een sciencefictionfilm. „Op zeker moment in ons bijna dertigjarig bestaan vond ik dat we alles wel zo’n beetje gezegd hadden. Ik stortte erdoor in een identiteitscrisis. Mijn hele volwassen leven heb ik muziek gemaakt; iets anders kan ik niet. Uit die crisis groeide de overtuiging dat muziek niet per se mooi hoeft te klinken. Muziek moet uitdagend zijn, voor mezelf en voor de mensen die ernaar luisteren.”

Tomaten verbouwen

Als ze niet op tournee zijn bezoeken ze elke week de Church of Jesus and Latter-day Saints, de mormonenkerk. Sparhawk verbouwt tomaten en geeft gitaarles aan kinderen. Hun eigen kinderen groeiden op in een rock-’n-rollfamilie. Op jonge leeftijd reisden ze soms al mee, met het kinderzitje in de tourbus. Zoon Cyrus heeft muzikale ambities, dochter Hollis is uitgevlogen om elders te studeren.

Wat Low het meest zoekt in muziek is de waarheid, zegt Alan Sparhawk stellig. „Dat kan een diepe duistere waarheid zijn, iets wat je bij de keel grijpt. In Amerika wordt een stammenoorlog uitgevochten tussen mensen die niet openstaan voor elkaars ideeën. Je hoeft geen namen van politici te noemen om muziek met een maatschappelijke lading te maken. Ik beschouw wat wij doen in de eerste plaats als folkmuziek. We maken het om mensen samen te brengen, zonder hoogdravende achterliggende theorieën.”

Zijn ze niet bang dat ze een deel van het publiek van zich vervreemden, nu hun muziek zo hard voor gevoelige oren is geworden? „Angst is een slechte raadgever als je nieuwe wegen in wilt slaan”, zegt Sparhawk. „Soms moet je de ruige en duistere kant van dat proces opzoeken, daar waar je geen enkele rekening houdt met de verwachtingen van de mensen. Alleen op die manier vind je de schoonheid van het ongewisse.”

HEY WHAT verschijnt 10/9 bij Sub Pop/Konkurrent. Op 5 mei 2022 speelt Low in Paradiso, Amsterdam.