Britse premier Johnson breekt verkiezingsbelofte met belastingverhoging

Nationale gezondheidsdienst Werkende Britten gaan 5 pond zorgpremie per week meer betalen om de achterstanden bij de NHS in te halen.

Boris Johnson eerder deze week in het parlement.
Boris Johnson eerder deze week in het parlement. Foto Jessica Taylor/UK Parliament

Read my lips”, zei de Britse premier Boris Johnson in 2019 tegen het radioprogramma Leading Britain’s Conversation. „We zullen inkomensbelasting, BTW en belasting over de nationale zorgverzekering niet verhogen.”

De rechts-populistische oppositiepartij UKIP viste deze verkiezingsbelofte deze dinsdag, twee jaar na dato, weer uit de archieven met de boodschap: geloof nooit een Tory. Want wat Johnson voor de verkiezingen van 2019 beloofde absoluut niet te zullen doen, heeft hij deze dinsdag toch gedaan.

Vorige week lekte het nieuws al uit en dinsdag bevestigde de premier het in het parlement: de premie die werkenden en werkgevers betalen voor de nationale zorgverzekering gaat vanaf april 2022 met 1,25 procent omhoog. Dit betekent dat de gemiddelde werkende Brit per jaar 255 pond (297 euro) extra kwijt is aan belastingen; op weekbasis is dat zo’n 5 pond (5,82 euro). Via de nationale zorgverzekering worden onder meer staatspensioenen en uitkeringen tijdens ziekte en zwangerschap betaald. Ook de belasting op dividend van aandeelhouders stijgt met 1,25 procent. De plannen worden woensdag voorgelegd aan het parlement.

Verbeteren van de zorg

Volgens de regering-Johnson is de verhoging nodig om voorgenomen hervormingen in de zorg te bekostigen. Een groot deel van de 12 miljard pond (14 miljard euro) extra belastinginkomsten die jaarlijks zullen binnenkomen, zal in eerste instantie worden besteed aan het verkorten van de door de coronapandemie steeds langer geworden wachtlijsten in de zorg. In het parlement stelde de premier dat de Britse ziekenhuizen met het extra geld op „110 procent kunnen gaan draaien en er [jaarlijks] 9 miljoen extra afspraken, scans en operaties mogelijk gemaakt worden”.

Ook zou de belastingverhoging moeten bijdragen aan het oplossen van de langdurige problemen binnen de Britse gezondheidsdienst National Health Service (NHS). Door toegenomen vergrijzing zullen de zorgkosten de komende twee decennia naar verwachting verdubbelen. Johnson sprak dinsdag van een „moeilijk maar verantwoord” besluit.

Lees ook deze column: Boris Johnson en het sprookje van Global Britain

Armen benadeeld

Zijn politieke tegenstanders denken daar anders over. Zo stelt Labour-parlementariër Zarah Sultana dat jongeren en slecht betaalde arbeiders relatief het hardst worden geraakt omdat de belasting nauwelijks progressief is. Mensen die meer dan 50.000 pond verdienen, betalen nauwelijks meer premie dan mensen met een inkomen dat lager is.

Ook wordt het de regering verweten dat gepensioneerden niet extra hoeven te betalen, omdat de premie voor werkenden wordt verhoogd, terwijl de ouderen juist het meeste gebruikmaken van zorg. Critici wijzen er bovendien op dat de belastingen op zaken als investeringen en onroerend goed niet omhoog gaan. „Er moeten belastingen worden geheven op de rijkdom van de superrijken, niet op de arbeid van de armen”, schreef Sultana dinsdag op Twitter.

Gebroken belofte

Ook binnen Johnsons eigen Conservatieve Partij heerst onvrede. Meerdere Tories hebben kenbaar gemaakt tegen de plannen te stemmen. Leider van het Lagerhuis Jacob Rees-Mogg schreef afgelopen weekend in zijn column in de Sunday Express dat het besluit kiezers kan kosten. Hij herinnerde eraan dat toen de voormalige Amerikaanse president George H.W. Bush terugkwam op zijn beroemde belofte „read my lips: geen nieuwe belastingen”, hij de verkiezingen verloor. Rees-Mogg: „Kiezers herinnerden zich die woorden nadat president Bush ze was vergeten.”

Johnson erkende dinsdag in het parlement dat hij zijn in een verkiezingsmanifest vastgelegde belofte heeft gebroken. „Dit is niet iets wat ik lichtvaardig doe, maar een wereldwijde pandemie stond in niemands manifest.”