Racistische appjes delen met collega’s – dan vlieg je eruit

Economie en recht Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal arbeidsrecht.

Foto Ritchie B. Tongo/EPA

De besloten appgroep met (oud-)collega’s was vooral ‘grappig‘ bedoeld. De werkgever roept eind juni 2020 een deelnemer op het matje en confronteert hem met racistische afbeeldingen die hij in de app deelde. Een paar dagen nadat de man op non-actief is gesteld, volgt ontslag op staande voet. Het bedrijf verwijt hem dat de racistische appberichten „erg grievend en intimiderend” zijn en „ernstig” in strijd met de normen en waarden van het bedrijf.

Was het ontslag op staande voet gerechtvaardigd? Het Haagse gerechtshof boog zich onlangs over de kwestie. Anders dan de werkgever vindt het hof dat de appgroep, gezien de aard van de berichten, geen zakelijke groep was. Het staat wel vast dat de deelnemers discriminerende appjes verspreidden. Nadat een hakenkruis in de groep was gedeeld, schreef een van hen: „Vind het niet normaal dit.’’ Daarom had de man „kunnen en moeten begrijpen” dat aan zulke berichten aanstoot wordt genomen.

De werkgever kan echter niet hard maken dat de man al voor het ‘confrontatiegesprek’ is gewaarschuwd dat de berichten tot een onveilige werksituatie leiden. De berichten zijn „verwerpelijk en ontoelaatbaar” en in strijd met de gedragscode van het bedrijf, vindt het hof, maar het ziet ook dat andere deelnemers aan de appgroep niet zijn ontslagen. Verder functioneerde de man al twintig jaar goed. Kortom, ontslag op staande voet is te zwaar.

Wel stelt het hof vast dat de verhouding met de werkgever zo verstoord is dat terugkeer van de man uitgesloten is. Zijn contract wordt ontbonden, hij krijgt ruim 42.000 euro transitievergoeding. De gevraagde billijke vergoeding krijgt de man niet: het onterechte ontslag was verwijtbaar, maar zijn gedrag ook.