Opinie

Is het politieke midden een pot nat?

Marike Stellinga

Oké, dus na ruim vijf maanden gehannes weten we dit: formeren via de inhoud werkt niet. Het was het masterplan van de vorige informateur Tjeenk Willink: laat politieke partijen eerst samen vaststellen wat de problemen zijn, vervolgens debatteren ze openlijk over oplossingen en dan pas wordt bekeken wie met wie wil regeren. Eerst de inhoud dan de poppetjes. Klinkt goed, en lekker openlijk ook, vergeleken bij het eindeloze naar binnen en buiten lopen van statige kamers waarvan de deuren snel weer sluiten.

Maar het lukt niet. Het blijkt toch andersom te moeten. Eerst: wie wil met wie überhaupt onderhandelen? Dan de inhoud. Na ruim vijf maanden zijn de zes partijen, die met elkaar zouden kunnen regeren, nauwelijks aan een gesprek over de inhoud toegekomen. Toch was informateur Mariëtte Hamer deze week bij het mislukken van haar opdracht stellig: de inhoud is het probleem niet. VVD, D66, CDA, GroenLinks, PvdA en ChristenUnie zijn het namelijk behoorlijk eens over welke problemen een nieuw kabinet moet oplossen.

De consensus over welke problemen er zijn, is ook behoorlijk logisch

Over die consensus wordt weleens smalend gedaan: één pot nat dat politieke midden. Daar zit vast wat in. Maar de consensus over welke problemen er zijn, is ook behoorlijk logisch: de grote kwesties waarmee een nieuw kabinet aan de slag moet, schreeuwen Den Haag nogal in het gezicht. Stikstof, klimaatverandering, arbeidsmarkt, criminaliteit, het woonprobleem, onderwijs, het functioneren van de overheid.

Dat is natuurlijk lang niet altijd zo. Het is vaak genoeg zo geweest dat rechts het grootste probleem hoge belastingen en de grote overheid vond en links het klimaat en de zorg. Bij de verkiezingen in 2017 maakten CDA en VVD weinig woorden vuil aan klimaatverandering. Nu hebben ze zelf plannen.

Is dit één pot nat, of is dit de natte flats die je in je gezicht slaat niet meer kunnen of willen ontkennen? Ik bedoel: veiligheid is een rechts thema, maar links zal na de moord op Peter R. de Vries en Derk Wiersum niet ontkennen dat hier een probleem ligt. De politieke puzzel ligt nu niet in het identificeren van de problemen maar in hoe partijen die willen oplossen. En hoeveel geld ze daarvoor over hebben.

En daar verschillen partijen wel degelijk. Denk alleen maar aan wel of geen kernenergie. De veestapel fors krimpen of niet. Uitkeringen versoberen of juist verhogen. Of kijk naar het brokje inhoud dat wij kiezers deze week wél kregen toegeworpen: de „opzet voor een aanzet voor een mogelijk regeerakkoord” van VVD en D66. Een oplossing voor het stikstofprobleem ontbreekt daar totaal. Lag vast ingewikkeld.

De reden dat Haagse kenners denken dat een formatie desondanks vlot had kunnen gaan, is zoals vaker: geld. En: Europa. De EU verhoogde de klimaatdoelen, en dat scheelt een hoop gesteggel over wel of niet voorop willen lopen tussen links en rechts. Over geld valt een genuanceerd verhaal te vertellen, maar in de Haagse logica biedt de wegsmeltende staatsschuld een kans. Omdat de rente laag is en de economie groeit, zitten we volgend jaar alweer ruim onder de Europese norm voor de schuld. Je hoort in Den Haag al rondzoemen dat een nieuw kabinet daarom eenmalig vele tientallen miljarden euro’s kan uitgeven aan de probleemdossiers klimaat, stikstof en wonen. Zo’n pot geld maakt het makkelijker om beide kanten hun zin te geven. Daarom ligt een compromis voor het oprapen. Of dat ook gebeurt? Pfffff.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.