EU schuift frustratie opzij en gaat praten met de Taliban

Overleg Afghanistan De EU heeft voorwaarden gesteld voor samenwerking met de Taliban. Maar dat impliceert nog geen erkenning.

Twee vrienden kijken vanuit de heuvels naar de zonsondergang in de Afghaanse hoofdstad Kabul.
Twee vrienden kijken vanuit de heuvels naar de zonsondergang in de Afghaanse hoofdstad Kabul. Foto Jim Huylebroek/The New York Times

Met het vertrek van de laatste Amerikaanse militair uit Kabul kwam deze week een einde aan twintig jaar oorlog, maar voor het Westen begon direct een nieuw Afghanistan-vraagstuk: hoe en onder welke voorwaarden kan met de nieuwe machthebbers samengewerkt worden?

Gesprekken met de Taliban, die nog bezig zijn een regering te vormen, zijn om praktische redenen onvermijdelijk. Via de luchtbrug vanaf Hamid Karzai International werden 122.000 mensen geëvacueerd, maar lang niet iedereen die dat wil kon vertrekken. Bovendien is Afghanistan afhankelijk van buitenlandse hulp, die deels bevroren werd.

Europese ministers en diplomaten schoven hun frustratie over het echec terzijde en zochten deze week in gesprekken met de Taliban, in gesprekken met landen in de regio en tijdens een informeel tweedaags EU-beraad in Slovenië naar praktische oplossingen en een nieuwe strategie. „In Afghanistan heerst een nieuwe werkelijkheid – of we dat nu leuk vinden of niet”, zei de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Heiko Maas in Slovenië. „We hebben geen tijd meer onze wonden te likken.”

Na afloop van het Europees overleg formuleerde EU-Buitenlandchef Josep Borrell een aantal randvoorwaarden voor gesprekken met de Taliban en voor hervatting van ontwikkelingshulp. Een nieuwe Afghaanse regering zou niet uitsluitend uit Taliban mogen bestaan, Afghanistan mag geen basis voor jihadisten worden, mensenrechten moeten gerespecteerd worden en mensen die het land willen verlaten, moeten dat kunnen. Ook moeten de Taliban weer humanitaire hulp toelaten. Humanitaire hulp wordt verleend zonder politieke restricties, maar stokte om praktische redenen.

Toetsen aan criteria

„We zullen hun gedrag aan deze criteria toetsen”, aldus Borrell. „Sommigen zullen zeggen: ‘O, daar gaan de Taliban zich niet aan houden’. We zullen zien. Onze betrokkenheid is afhankelijk van deze criteria.”

De EU wil ook zo snel m ogelijk weer een kantoor in Kabul openen. Daarnaast wil de EU het initiatief nemen voor gestructureerd overleg met landen uit de regio. Borrell onderstreepte dat gesprekken met de Taliban operationeel van aard zijn en geen erkenning impliceren.

Een van de pijnlijke lessen van de val van Kabul voor Brussel was dat Europa zonder Amerikaanse assistentie geen militaire operatie van enig belang kan uitvoeren. Zonder Amerikaanse hulp geen evacuatie.

De frustratie daarover leidde onmiddellijk tot de roep om grotere Europese zelfstandigheid. „De chaotische terugtrekking dwingt ons sneller na te denken over Europese defensie”, verklaarde de voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel, eind deze week. „Wat is er nog meer nodig dan de Afghaanse crisis om Europa zover te krijgen om autonoom besluiten te nemen en het vermogen te versterken om zelfstandig te handelen”, vroeg hij zich af.

De chaotische terugtrekking uit Afghanistan dwingt ons sneller na te denken over de Europese defensie

Charles Michel Voorzitter Europese Raad

Zal de aftocht uit Kabul leiden tot een Europese krijgsmacht? Reken er niet te snel op. Iedere keer als blijkt dat Europa afhankelijk is van de VS begint het debat over een EU-krijgsmacht opnieuw. Vaak verzandt het politieke gesprek in mooie voornemens; een enkele keer komt het tot in een bescheiden initiatief. Na het uiteenvallen van Joegoslavië in de jaren negentig zwol de roep om een Europese krijgsmacht aan. Er werd toen gesproken over een EU-macht van 50.000 militairen. Het bleef bij ambitie. Later werden wel EU-battlegroups opgericht (1.500 militairen), maar die zijn nog nooit ingezet.

Ruim voor de val van Kabul circuleerde in Brussel een idee voor een snelle interventiemacht van 5.000 EU-militairen. Het idee maakt deel uit van een breder plan dat in november gepresenteerd wordt.

Tot dusver liepen plannen voor Europese defensie-samenwerking stuk op een aantal obstakels. EU-initiatieven kunnen op gespannen voet staan met NAVO-verplichtingen. De VS, informeel leider van de NAVO, hield EU-ambities vaak tegen. Sommige Oost-Europese lidstaten leunen liever op de VS dan op EU-initiatieven. Daarnaast is de EU ook niet ingericht om snel over de inzet van militairen te beslissen en beschikt ze niet over de juiste intelligence.

De komende maanden moet nog maar blijken of de Afghaanse crisis inderdaad leidt tot grotere Europese zelfstandigheid. „Ik kan niks beloven”, zei Borrell in Slovenië.