Opinie

Ontroering: onderga de muziek en het gebeurt

Marjoleine de Vos

Vanonder het tentdak zie je hoe het zonlicht tussen de bomen een paar varens lichtgroen uitlicht. Violiste Noa Wildschut (20) buigt even door haar knieën en speelt de eerste maten van Mendelssohns vioolconcert. Zelfs de fruitbomen op het grasveld lijken aandachtig te luisteren en de hele wereld is in totale harmonie.

Ontroering, wat is dat eigenlijk, vraag ik me af als het weer een beetje gaat. Daar onder dat tentdoek in Oranjewoud, waar mensen aandachtig zitten te luisteren, opgenomen in een geheel met de muziek, het zonlicht, de zomerse geur van warm gras en kruiden, de stilte van de ochtend die op een of andere manier achter en om de muziek voelbaar is, de zo overgegeven spelende musici, lijkt alles bedoeld om geluk te verspreiden.

Als dit een film zou zijn, denk ik, zou er nu iemand opstaan en boos weglopen, of juist lawaaiig hier tussen ploffen of van een afstand kijken naar al die keurige mensen op hun grasveld met hun klassieke muziek – té tuttig om serieus genomen te kunnen worden. Suf bourgeois gedoe. Of denk aan, nee denk maar even niet aan, onze regering en wat die hiervan vindt. Zó overbodig.

Dus moet je juist niet van buitenaf kijken, je moet de situatie ingaan en mede ondergaan wat er te beleven is. Anders werkt het niet. Daarom hebben bijvoorbeeld verslagen van religieuze rituelen door mensen die een keertje komen kijken altijd iets bijna lacherigs – de buitenstaander kán gewoon niet meevoelen wat er gebeurt.

Maar ik ben nu geen buitenstaander, al werp ik in gedachten even die onvriendelijke blik, ik ben binnen en ontroerd en ik begrijp mijn ontroering niet, maar dat hoeft ook niet. Dat is nu precies wat ontroering is, dat er iets in je binnenste, noem het de ziel, in beweging wordt gebracht waar je niet ‘gewoon’ bij kunt.

Muziek heeft dat vermogen bij uitstek, die lijkt steeds weer vers en nieuw ook als je die goed kent en dat geldt vooral bij een levende uitvoering. Daar kan geen opname tegenop. Het gezamenlijke ondergaan speelt ook een rol, heel dat gespannen luisteren dat als een wolk boven de mensen hangt en alleen door ze samen geproduceerd kan worden. Je hoeft de andere mensen niet te kennen of te spreken, ze hoeven er alleen maar te zijn. Het wonder van het sociale.

Een poosje geleden stond in deze krant dat mensen steeds meer alleen wonen en leven en dat ze dat ook steeds prettiger vinden. Jonge mensen hebben het te druk overdag, die zijn al ‘hyperverbonden’ met de wereld en die willen ’s avonds uitrusten, oudere mensen komen nu eenmaal vaak alleen te staan en hebben dan geen zin of geen moed meer voor een nieuwe partner. Of zouden ze gewoonweg niet weten waar ze die vandaan zouden moeten halen? Hoe dan ook, die mensen schijnen alleenstaand tevreden te zijn en veel tijd met hun familie en vrienden door te brengen, al geldt dat niet voor iedereen, „maar gelukkig is het een relatief kleine groep vrijgezellen, met name ouderen” stond er ter geruststelling tussen haakjes.

Ik stel me voor dat ik straks een oudere uit die relatief kleine groep ben, want geen kinderen, oudere man en voornamelijk tien jaar oudere vrienden. Dan ga ik lekker heel vaak onder zulke tentdoeken zitten, en ’s winters in concertzalen en theaters, en mijn stramme oude binnenste laat ik dan ontroeren door piepjonge mensen zoals Noa Wildschut, die heel hun nog maar korte leven gegeven hebben aan de muziek.

Dankbaarheid, dat maakt misschien ook onderdeel uit van de ontroering.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.