Jalal ad-Din Rumi: ‘I am not this hair/ I am not this skin/ I am the soul that lives within’

Dit heeft Famile Arslan geleerd van Jalal ad-Din Rumi over haar ziel

Foto Annabel Oosteweeghel/Getty Images, beeldbewerking NRC

‘De gedichten van Rumi, van bijna negen eeuwen oud, laten zich lezen alsof ze gisteren geschreven zijn. Ik lees ze in het Turks. Ik spreek wel een beetje Farsi, maar het Perzische schrift kost me te veel moeite. Ik koos hier voor drie dichtregels in een Engelse vertaling, met een mooier ritme dan in het Turks.

„Ik ben altijd met woorden bezig. Op mijn telefoon verzamel ik citaten. Die gebruik ik weleens in mijn werk. Mijn ouders, mijn ooms en tantes, mijn grootouders waren niet geletterd, zoals dat heet. Wat niet wegnam dat ze veel wijsheid in hun ziel hadden. Die was hun overgeleverd in verhalen en gedichten.

„Met taal en lichaamstaal kunnen wij elkaar raken. Wie wil je zijn voor de ander? Kijk je met zachte ogen? Spreekt er liefde en compassie uit je stem?

„In mijn praktijk als advocaat kom ik veel hardheid tegen. Vechtscheidingen, bijvoorbeeld. Mijn werk begint steeds met de-escalatie: tegenstellingen in een breder perspectief plaatsen, beheersbaar maken. We gaan op zoek naar positieve herinneringen, naar de ziel van een relatie. Wanneer was het nog goed tussen jullie? Tijdens een zwangerschap, bij de geboorte van een kind? We kijken voorbij het conflict. Het is een hobbel die je zult moeten nemen in je leven. Je moet jezelf kunnen helen, dat is belangrijker dan strijd.

‘Als advocaat, als zorgverlener, als liefhebbende naaste kun je samen in een diepe put vallen als je louter meegaat in iemands strijd. Dan zeggen vrouwen vaak dat mannen narcisten zijn, omgekeerd drukken mannen op vrouwen al gauw het stempel van borderliners. Niets los je daarmee op.

„Ik ben een gelovig persoon. Dat leert mij veel, over mijn rol en plek in deze wereld. Het helpt me in mijn werk, hoewel voornamelijk op de achtergrond. Er zijn eindeloos veel inspiratiebronnen, als je ervoor openstaat: in verschillende culturen, in de psychologie, en ja, natuurlijk in rechtsregels en het rechtsstelsel.

„Maar, en dat is voor mij de kern van mijn vak: mijn werk begint niet bij het formele recht, het begint bij de diepere drijfveren van mensen. Dat is: jezelf geaccepteerd voelen, weten dat je veilig bent.

„Mijn ziel is die van een migrant. Ik weet hoe het voelt om beoordeeld te worden op mijn hoofddoek en de vorm van mijn gezicht. Ik weet óók dat mijn ziel uit twee delen bestaat, Nederlands en Turks, en dat die twee heel goed samengaan.

„Ik woon alleen – zo is m’n leven gelopen. Wel woon ik op twee plekken, afwisselend in Den Haag en Istanbul. In beide huizen denk ik, als ik de deur achter me dichttrek: ik ben thuis, ik kan mezelf zijn, ik ben veilig. Dat is de basis: jezelf thuis voelen – letterlijk en figuurlijk.”