Opinie

Max Verstappen hield zijn eigen paraplu beet

Wilfried de Jong

Er was haast geboden. Ik kon nog een glimp opvangen van de bergetappe in de Ronde van Spanje. Een wielrenner reed solo op het asfalt dat glom van de zon. Zijn voorsprong leek me groot genoeg. Snel schakelde ik over naar de start van de Formule 1 in de Ardennen.

In de stromende regen reden de bolides een opwarmrondje achter de safetycar. Max Verstappen ging voorop. Als eerste in de rij zag hij tenminste nog iets. Zijn volgelingen reden door een wolk van opspattend water. Ze meldden zich via hun boordradio: dit was levensgevaarlijk.

De start werd uitgesteld. Urenlang tuurden miljoenen tv-kijkers naar het zinnetje: ‘Race delayed due to weather conditions’.

Leer mij de Ardennen kennen. Bij mooi weer herken je de natuurpracht, bij slecht weer is het een voedingsbodem voor zwaarmoedigheid. Als je ergens kunt verpieteren, is het daar. Een week slecht weer en je ziet door het raam van je gehuurde gîte aan iedere boomtak een strop bungelen.

Max Verstappen wachtte in zijn geparkeerde raceauto en hield als een van de weinige coureurs zelf zijn paraplu beet. Dat leek me pure winst. Ondertussen blubberde het publiek rond het circuit. De poncho was terug van weggeweest.

Hoe nu verder? Alles lag stil. Een van de snelste sporten werd gedevalueerd tot slow television.

De coureurs zaten inmiddels als doetjes droog in de pitstraat. Tukkie doen, balletje gooien, mobieltje checken, in koffie roeren met een houten spateltje.

Het waren net echte mensen.

„Als het schittert, ligt er te veel water op het circuit”, zei een van de mannen vanuit de studio. En er was een nuttige tip bij aquaplaning: „Als je door water rijdt, altijd recht over de plas heen!”

Mocht het komende week in Zandvoort ook gaan stortregenen, dan kunnen we in Nederland rekenen op tijdelijke overkapping van het circuit. Onze prins Bernhard heeft voor hetere vuren gestaan. Op het circuit van Spa bleef het slecht weer. Mistroostig keek iedereen naar de buienradar, een donkere vlek in de vorm van Europa hing over de Ardennen heen.

Het reglementenboek van de Formule 1 bleek dikker dan de Winkler Prins. Pas na uren vergaderen was een compromis in elkaar geflanst: paar rondjes rijden, afvlaggen, zwaaien naar publiek, Max laten winnen en klaar.

Met één druk op de knop was ik weer waar ik de middag begon; op het droge asfalt van de Spaanse bergen.

De wielrenner reed nog altijd alleen op kop. Bij het passeren van de streep wees hij met zijn wijsvingers naar de lucht en keek gelukzalig omhoog, tegen de zon in. Gestreden, gewonnen. In de wetenschap dat de winst van vandaag niets zei over de volgende dag.

Dit was niet het einde.

Morgen begon alles weer van voren af aan.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.
Na ruim twintig jaar is dit de laatste column van Wilfried de Jong voor het sportkatern. Hij blijft schrijven voor NRC en gaat langere verhalen en series maken.