Reportage

Er viel veel te voelen op het Festival Oude Muziek

Festival Oude Muziek Het Festival Oude Muziek opende dit weekend met prachtconcerten die je de urgentie van het thema ‘retoriek’ aan alle kanten inpeperden: van folky minnezang tot een bijna-doodervaring met dans en Purcell.

Het openingsconcert van het Festival Oude Muziek.
Het openingsconcert van het Festival Oude Muziek. Foto Marieke Wijntjes

Hoe kijk je teleurgesteld? Boos? Bang? Het zijn emoties die we goed hebben kunnen oefenen de afgelopen anderhalf jaar. Maar de bezoekers aan het Festival Oude Muziek die zich laten checken op ID en coronatoegangsbewijs, kijken vooral opgetogen – zelfs als ze in een ellenlange rij moeten staan. Meermaals gehoord: „Wat een gedoe. Maar ik heb het er graag voor over.”

Het Festival Oude Muziek (FOM) pakt dit jaar weer uit als voor corona: tien volle dagen en een internationale programmering. Toch zijn het zelden primair de beroemde namen waarvoor je naar Utrecht uitrukt. Het FOM is geen sterrenfestival, maar biedt compromisloos wat de naam belooft: muzikale ontdekkingen van Middeleeuwen tot (pakweg) Mendelssohn.

Retoriek is dit jaar het ‘breed maatschappelijke’ thema, zoals festivaldirecteur Xavier Vandamme memoreerde. Retoriek gaat immers over overtuigen, wat muziek kan door middel van emoties. „Het is dus de bedoeling dat we van alles gaan voelen. Ik zou bijna zeggen: niks gevoeld? Geld terug.”

Maar er viel de eerste twee festivaldagen meer dan genoeg te voelen – en de barokke presentatie van de eigen affecthuishouding kon zelfs actief geoefend worden in de Janskerk in Utrecht, voor spiegels en met instructies.

Lees ook: ‘We missen iets essentieels op het toneel: sterke emoties’

Literaire lekenpraatjes

Voor het openingsconcert zat in de Grote Zaal van TivoliVredenburg met 1100 bezoekers vol (alleen de 33 procent slechtste stoelen, achter het podium, bleven onbezet), maar die onwennigheid was snel vergeten.

Buxtehudes Membra Jesu nostri (1680) bezingt de ledematen van Christus aan het kruis van teen tot hoofd. Het Ensemble Correspondances met Sébastien Daucé (Artist in Residence) verzorgde een strakke en sterke uitvoering en maakte de volgende dag nog meer indruk in een theatraler programma met werken van onder anderen Carissimi (1605-1674). Constante: de twee geweldige barokviolisten (je bleef je vergapen aan de souplesse van Alice Julien-Laferrière) en de nekhaar-erecterende stemkracht van alt Lucile Richardot – of ze nu de gruwelen van de pest bezong (Charpentiers ‘Pestis medialanensis’) of de dood van een vader (Buxtehudes ‘Klaglied’).

De indringende voorstelling Amor is een mix van dans, video en geluid.

Foto Julien Lambert

Tijdens het openingsconcert lardeerde historisch letterkundige Frits van Oostrom, Utrechts universiteitshoogleraar en door het festival gestrikt als co-curator, Buxtehudes cantates met geestige, nergens populaire literaire lekenpreekjes. Zo las hij voor uit bij het Lijdensthema passende poëzie van Nijhoff, Achterberg en Wigman, van wie de laatste het moest stellen zonder de hoop en troost van religie („tel uit je verlies”). Wie fanclubneigingen voelde opborrelen door Van Oostroms onversneden inhoudelijke toon: hij verzorgt de hele week nog een middagtalkshow, geflankeerd door een keur aan (andere) professoren. De eerste aflevering, met presentatrice Maartje van Weegen als gast, was zaterdag dan wel niet ‘onder professoren’, maar droeg wel hoogst aanstekelijk de liefde voor (oude) muziek over. Weer geen geld terug.

Ridders en bijna-doodervaringen

Op één Utrechtse festivaldag bereist je hoofd veel eeuwen en plaatsen. Hoe dacht de veertiende-eeuwse ridder/minnezanger Oswald van Wolkenstein over de lente wanneer die opkomt over zijn velden? Welnu, hij voelt de winterse ‘Weh’ uit zijn ‘Herz’ smelten, en zingt daarover in bedwelmende strofen, hier vertolkt door de vreugdevol musicerende middeleeuwenkenner Marc Lewon (zang, luit) met zijn swingende Ensemble Leones.

Danseres/choreografe Michèle Anna De Mey verwerkte de bijna-doodervaring die ze opdeed tijdens een onderkoelingservaring in Canada bij -38 graden Celsius tot de indringende voorstelling Amor, een mix van dans, video en geluid met live gespeelde fragmenten van onder meer Bach, Biber en Vivaldi. Niet alle scènes bleken even sterk, maar sopraan Deborah Cachet was een ware ontdekking in zielkervend mooie aria’s van Scarlatti (‘Mentre io godo’), Vivaldi en Purcell. En de beelden van sneeuw, waarvoor De Mey dansend als een breekbaar dwarrelend herfstblad haar sterfelijkheid tot uitdrukking bracht, bleven nog lang bij.

Festival Oude Muziek Utrecht. Gehoord 27 en 28/8, diverse locaties in Utrecht. Het festival duurt nog t/m 5/9. Inl: oudemuziek.nl