Opinie

Wie zitten er achter die advertentie tegen kindervaccinatie?

De ombudsman

Hoe consistent moet een krantenbedrijf zijn? Mag je in je berichtgeving en commentaar ijveren voor een duurzame wereld, maar anderzijds advertenties plaatsen die daar haaks op staan of mee wringen? Ooit was dat een no brainer. Natuurlijk ‘mag’ dat. Redactie en commercie zijn immers gescheiden. Ieder zijn eigen vak, naar twee kanten toe.

Maar in een tijd die hunkert naar morele helderheid en stellingname spreekt zo’n taakverdeling allang niet meer vanzelf. Ik schreef er hier over na protesten tegen advertenties voor vliegreizen, van de Volksrepubliek China, het oliebedrijf Shell, en een cruise-vakantie van NRC.

En nu broeit kritiek op een advertentie van het ‘Artsen Covid Collectief’, dat waarschuwt tegen het vaccineren van kinderen. We zien een blond meisje dat de lezer over opgetrokken benen indringend aankijkt, achter de spreuk „Bescherm je kind met informatie”. In kleinere letters staat een verwijzing naar een brochure met „10 redenen om jouw kind de prik, voorlopig, te besparen”.

Wappie-alert? Op Twitter regende het protesten. Van „ik wil niet betalen voor een krant waar zulke troep in staat” tot, geestig, de vraag of NRC ook een advertentie zou plaatsen van de Taliban „met tien redenen waarom het misschien niet heel verstandig is je dochter naar school te sturen”. Ook vragen sommigen zich af of er op de redactie geen discussie over is.

Nou en of – al zijn de meningen er ook verdeeld, net als in de samenleving. Een paar redacteuren tekenden bezwaar aan, anderen wijzen op de scheiding van redactie en advertentie. De redacteur zorg kreeg klachten van artsen uit haar netwerk. De hoofdredactie verdedigt de plaatsing met het klassieke argument dat die niet betekent dat de krant de boodschap goedkeurt of onderschrijft.

Kort geleden gebeurde het omgekeerde, met een redactioneel stuk. Uit een interview met filosoof Ad Verbrugge werden op last van de hoofdredactie sceptische uitspraken over vaccins geschrapt. Ik bekritiseerde dat toen, omdat ik vond dat die uitspraken iets duidelijk maakten over Verbrugges wereldbeeld.

Hoe ging het dit keer? De gewraakte advertentie stond in De Telegraaf en werd opgemerkt door de advertentie-afdeling van NRC Media. Die haalde hem binnen als nieuwe account – maar legde de advertentie wel eerst voor aan de hoofdredactie, omdat het een gevoelig onderwerp betreft. Er kwam groen licht, alleen bij de daaropvolgende plaatsing niet voor een tweede foto, met een spookachtige jongen tegen een donkere achtergrond. Het hulpvragende meisje kwam erdoor, de angstaanjagende jongen niet.

De hoofdredacteur verdedigt die keus. Hij zegt: we willen geen angst zaaien en zouden geen advertentie plaatsen die, bijvoorbeeld, beweert dat vaccins dodelijk zijn. Maar deze advertentie gaat zo ver niet. En het is een feit: er woedt een maatschappelijk debat over vaccinaties. Dat mag scherp worden gevoerd.

Pre-corona weigerde NRC wél een anti-vaccin-advertentie; maar dat was sluikreclame. De boodschap was verstopt onder de tuinmeubeltjes – met een veel radicalere boodschap tegen alle vaccins.

Ik zie wel een ander bezwaar tegen deze advertentie, namelijk de onduidelijke afzender. Wat is dit voor groep artsen en hoe moet de lezer die plaatsen? Dat speelt niet bij Shell, de Volksrepubliek China of vliegreizen naar de zon.

En die brochure, waar de advertentie naar verwijst? Die zou bol staan van vertekende informatie. Wat ik erin las is tendentieus, zij het niet hysterisch zoals het apocalyptische complotblad Gezond Verstand, dat vaccins „biowapens” noemt, voor het „genetisch manipuleren van homo sapiens”. Het kan altijd gekker.

Nu kun je zeggen dat juist het meer subtiele karakter ervan die brochure schadelijker maakt dan evidente onheilsprofetieën van complotdenkers. Inderdaad, het is een reden om argwanend te zijn. Alleen lijkt dat me vooral een aansporing om meer onderzoek te doen naar deze club - en de krant was dat ook al van plan. Wie zijn de gangmakers, wie vertegenwoordigen ze en waar staan ze nu eigenlijk precies voor?

Aan zo’n onderzoek zou de lezer meer hebben dan aan een Dordtse synode over de deugdelijkheid van advertenties.

Een tegenargument is dat je onzin geen zuurstof moet geven, ook niet door het te weerleggen. Dat argument lijkt me aanvechtbaar, maar ook te vervallen nu de artsenclub zelf zijn ideeën in de krant adverteert. Er zijn trouwens goede voorbeelden, want Medisch Contacten de site Zorgvisie legden beweringen van het collectief, dat weigert een ledenlijst te publiceren, al eens kritisch langs de meetlat.

Overigens is de ophef over de advertentie ook om een andere reden opmerkelijk. Twee maanden geleden publiceerde NRC een opiniestuk van het collectief, met in essentie dezelfde boodschap.

Daar kraaide toen maar een enkele haan naar. Het stuk was voorgelegd aan de redactie Wetenschap en met een paar aanpassingen geplaatst, zegt de chef Opinie. Twee redacteuren morden over het feit dat die merkwaardige club een plaats kreeg, maar daar bleef het bij.

Geven advertenties meer aanstoot omdat de krant er geld mee verdient? (veel minder dan vaak wordt gedacht: kranten leven nu grotendeels van inkomsten uit abonnementen). Of misschien door afnemende tolerantie voor onwelgevallige geluiden, uit het gevoel dat de krant achter de inhoud van advertenties moet staan – of die voor plaatsing moet checken.

Ja, dan wordt álles redactionele content, en de krant een reclamebureau.

Dat zou een consistentie zijn die haaks staat op de scheiding van redactie en commercie, en op het pluriforme karakter van NRC, volgens zijn Beginselen een krant die lezers geen mening wil opdringen. Wel feiten aanbieden – dus nu graag ook over de vage artsenclub achter de foto van dat benarde meisje met haar opgetrokken knieën.

Reacties: ombudsman@nrc.nl

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.