Islamitische geestelijken tijdens een bijeenkomst van de ‘preek en begeleidings-commisie’ van de Taliban, maandag in de Afghaanse hoofdstad Kabul.

Religieuze leiders bij de Loya Jirga in Kabul, afgelopen maandag

Foto Marcus Yam / Getty Foto MARCUS YAM / LOS ANGELES TIMES

Interview

Jihadisme-expert Shiraz Maher: ‘De Taliban wonnen door hun pragmatisme’

Het succes van de Taliban biedt jihadisten wereldwijd een les. IS koos de confrontatie, maar het pragmatisme van de Taliban leverde meer op, constateert expert Shiraz Maher. „Het pragmatisme van de Taliban is gericht op macht."

De aanslag bij het vliegveld van Kabul, die aan 170 Afghanen en dertien Amerikaanse soldaten het leven kostte, lijkt een veelgehoorde vrees te bevestigen: nu de Taliban aan de macht zijn, wordt Afghanistan weer een terreurhaard.

Maar dat is te snel gedacht. De aanslagen zijn immers niet het werk van de Taliban maar van de Islamitische Staat in Khorasan (IS-K), een tak van IS in Pakistan en Afghanistan die juist een grote vijand is van de Taliban. De twee vechten niet alleen al sinds 2015 om invloed en territorium, maar staan ook recht tegenover elkaar in een bredere ideologische strijd die jihadistische bewegingen wereldwijd verdeelt.

Die strijd draait grotendeels om de spanning tussen dogmatiek en pragmatisme, stelt Shiraz Maher, als kenner van jihadistisch gedachtegoed verbonden aan King’s College London en auteur van het veelgeprezen Salafi-Jihadism. The History of an Idea (2016). Waar IS weigert in te leveren op de ambities van de ‘wereldwijde jihad’, kiezen de Taliban een pragmatischer pad. Ze onderhandelen zelfs met de Amerikanen.

Volgens Maher is dit pragmatisme de vrucht van een lang leerproces. Na twintig jaar ‘War on Terror’ en het ineenstorten van IS, leerden veel jihadisten om voorzichtiger te werk te gaan. Dat IS-K nu een aanslag pleegt in Kabul is een reactie op die grotere ontwikkeling, maar betekent niet direct dat de harde lijn van IS weer de overhand krijgt.

Toch zal IS blijven strijden om relevantie en is het ook zeer de vraag of de realpolitik van de Talibantop ook daadwerkelijk zal doordringen tot hun strijders op het platteland. En, waarschuwt Maher: „Pragmatisme is niet hetzelfde als gematigdheid. Uiteindelijk gaat het de Taliban om macht, en kunnen ze best van koers veranderen om die te behouden.”

Waarom pleegde IS-K deze aanslag?

„In de verklaring waarmee ze de aanslag opeisten, noemde IS-K meerdere doelen. Dit was een aanslag tegen de Amerikanen, maar ook tegen de Taliban die de jihadistische strijd zouden hebben verraden door met de VS te onderhandelen. En tegen Afghaanse evacués, die IS-K ‘spionnen van de kruisvaarders’ noemt. Al die mensen samen op een chaotisch vliegveld vol tassen en zonder controle: dat was een honingpot die IS-K niet kon weerstaan.”

Hoe hebben de Taliban gereageerd?

„Ze hebben de aanslag op alle manieren veroordeeld en al drie IS-K leden gearresteerd die er mogelijk bij betrokken waren. Zulke aanslagen zijn op geen enkele manier in het belang van de Taliban en ik verwacht dat ze hun strijd tegen IS-K zullen opvoeren. Het is zelfs niet ondenkbaar dat ze daarvoor meer gaan samenwerken met de Amerikanen.”

Wat is de IS-K voor groep en waaruit bestaat hun strijd met de Taliban?

„IS-K werd begin 2015 opgericht en rekruteert onder zowel Afghaanse als Pakistaanse jihadisten. Een sleutelfiguur bij de oprichting van de groepering was Abdul Rauf Khadem, een prominent lid van de Taliban dat vervreemd raakte van de leiders omdat hij hen te gematigd vond. Khadem was onder de indruk van IS, zou Irak bezocht hebben en zwoer trouw aan (IS-leider, red.) Abu Bakr al-Bagdadi. Kort daarna werd hij gedood door de Amerikanen, maar zijn beweging ging door.

„Afgezien van een strijd om invloed en territorium gaat het conflict tussen IS-K en de Taliban ook om principes. IS-K ziet de Taliban als een ‘sell-out’, die zich uitlevert aan de wereldorde van de ongelovigen. Ze veracht het feit dat de Taliban hebben onderhandeld met de Amerikanen en nu in Kabul zelfs in gesprek zijn gegaan met het hoofd van de CIA. De Taliban daarentegen zien dit als noodzakelijk om de macht te krijgen. In die zin gaat dit conflict dus om een diepere spanning onder jihadisten wereldwijd: de spanning tussen dogmatiek en pragmatisme.”

Hoe zijn jihadisten op dit punt verdeeld?

„IS vertegenwoordigt de school van de wereldwijde jihad. Het idee daarachter is dat een territorium een springplank is voor expansie en internationale aanslagen. Grenzen zijn geen grenzen, maar frontlinies. Daartegenover staan jihadistische bewegingen die je ‘islamo-nationalistisch’ zou kunnen noemen. Niet dat ze in de seculiere natiestaat geloven, maar ze beperken hun islamitische politieke project tot de erkende grenzen van de staat waarin ze opereren. Dit is het pad dat de Taliban bewandelen.”

Hoe is dit onderscheid tussen ‘puristen’ en ‘pragmatici’ ontstaan?

„Daarvoor moeten we terug naar het midden van de jaren 2000, kort na de invasie van Irak. Amerika werd alom gehaat en Al-Qaida had in principe veel zieltjes kunnen winnen, maar liep die kans mis door zich té gewelddadig en sektarisch op te stellen tegenover de Iraakse bevolking. Dat leidde toen al tot kritiek van een deel van Al-Qaida’s leiders. Ze verstuurden hun commandanten brieven waarin ze hen waarschuwden: „Dit is niet handig, je kunt beter iets rustiger aan doen, etcetera.”

„IS kwam deels voort uit diegenen binnen Al-Qaida die deze waarschuwingen negeerden. De tragiek, vanuit jihadistisch oogpunt, is dat ze Irak en Syrië waarschijnlijk hadden kunnen veroveren, want (de toenmalige Amerikaanse president red.) Obama wilde helemaal niet ingrijpen. Dat hij dit uiteindelijk toch deed, kwam doordat IS zich zo bruut opstelde tegenover religieuze minderheden, almaar Westerlingen bleef onthoofden en voortdurend aanslagen pleegde in Europa. Die hoogmoed bracht IS ten val.

„De Taliban hebben hiervan geleerd. Door de afgang van IS en hun eigen twintigjarige oorlog met de Amerikanen zagen ze dat jihadisten het voor zichzelf verpesten als ze vijanden uitlokken die ze niet aan kunnen. Daarbij hebben ze veel opgestoken in Doha, de hoofdstad van Qatar, waar ze sinds 2018 onderhandelden met de VS. De Taliban die je nu ziet, met gelikte woordvoerders en persconferenties, zijn in feite de ‘Doha-Taliban’. Qatar heeft de Taliban politieke tact bijgebracht.”

Zijn nog andere jihadisten deze pragmatische weg ingeslagen?

„Jazeker. Al-Qaida op het Arabisch Schiereiland (AQAS, vooral actief in Jemen, red.) trok al sinds 2012 de nodige lessen uit de kritiek op de harde lijn van Al-Qaida in Irak. Ook de ontwikkeling die Hayat Tahrir al-Sham (HTS) in de Syrische provincie Idlib doormaakt, wijst op toenemend pragmatisme. Hun leider Mohammad Jolani is steeds minder strikt in het opleggen van islamitische regels, staat open voor samenwerking met de Turken en gaf laatst nog een interview aan een Amerikaanse journalist. Na de inname van Kabul vierde HTS feest in Idlib en noemden ze de Taliban als hun voorbeeld.

Lees ook: Jihadist in maatpak zoekt erkenning

Hoe valt pragmatisme te rijmen met religieus fundamentalisme?

„Dat kan via verschillende religieuze argumenten. Neem bijvoorbeeld de precedenten uit de vroege islamitische geschiedenis: de Taliban redeneren dat ze met de CIA mogen onderhandelen omdat de Profeet evengoed met zijn vijanden onderhandelde. Dezelfde precedentswerking kan worden aangehaald om de hoedoed (draconische islamitische straffen, red.) op te schorten, omdat dit historisch gebeurd is ten tijde van oorlog en andere ‘calamiteiten’. Tot slot is er ook nog ‘urf’, een zeer rekbaar islamitisch principe dat verwijst naar ‘de gewoontes die een samenleving eigen is’. Op basis daarvan kunnen de Taliban zeggen: vroeger lieten we vrouwen niet naar school gaan, maar nu gaan we dat wel toestaan, want de gewoontes zijn veranderd.”

Maar gaat dit ook echt gebeuren? Verwacht u dat de Taliban zich matigen?

„Dat kun je nog niet stellen. Het pragmatisme van de Taliban draait om macht, niet om gematigdheid. De vraag is nu wat hen beter uit zal komen om aan de macht te blijven: matiging of juist verharding.”

En?

„Het antwoord daarop zal lokaal verschillen, want de Taliban zijn een intern diverse organisatie die op verschillende plekken anders opereert. Wat de ‘Doha-Taliban’ aan de onderhandelingstafel zeggen is natuurlijk niet wat de Taliban op het platteland doen. Een belangrijke vraag voor de toekomst is in hoeverre het centrale leiderschap die periferie in het gareel kan houden, en of dit tot nieuwe conflicten leidt.”

In Doha hebben de Taliban beloofd hun banden met Al-Qaida te verbreken. Gaan ze zich daaraan houden?

„De vraag is eerder: wat is Al-Qaida vandaag de dag? Vrijwel alle leiders die na ‘9/11’ in Afghanistan zaten, zijn dood of gevangen genomen. Naar schatting zijn er nog een paar honderd strijders over in Afghanistan, maar zij vormen geen hechte eenheid. Natuurlijk zullen sommigen zich wellicht proberen te herorganiseren, maar ik denk echt niet dat we binnenkort weer grote Al-Qaida-trainingskampen in Afghanistan zullen zien waar internationale aanslagen worden voorbereid.”

Waarom niet?

„Omdat de Talibanleiders dat niet willen en ze Al-Qaida ook niet echt nodig hebben. De boodschap van de Amerikanen in Doha was helder: we laten jullie je gang gaan zolang er niet ineens weer een vliegtuig door een gebouw knalt. In zekere zin is dit wat de Taliban altijd gewild hebben: laat ons met rust, dan laten wij jullie met rust.”

En IS-K, zal die zijn positie na deze aanslag verder uitbreiden?

„Dat verwacht ik niet. De aanslagen waren een verschrikkelijk onderdeel van de chaotische Amerikaanse aftocht, maar zijn op zichzelf niet een teken van de wederopstanding van IS-K. Relevanter is de ideologische strijd. Als dit soort aanslagen de Taliban en de Amerikanen dichter tot elkaar drijft, maakt dat de leiders van de Taliban ideologisch kwetsbaar. Vanuit hun eigen organisatie kan er kritiek ontstaan dat ze zijn doorgeslagen in pragmatisme. Dat kan op intern verzet stuiten en ruimte bieden voor IS-K om zieltjes te winnen.

Is het echt denkbaar dat de VS en de Taliban gaan samenwerken tegen IS-K?

„Ik sluit het niet uit. De belangen overlappen en beide partijen overleggen nu al met elkaar. Natuurlijk is het een absurd idee dat Talibanstrijders die in Guantánamo zaten zij-aan-zij werken met de Amerikanen, maar ergens is het ook de ultieme les na twintig jaar ‘War on Terror’. Destijds was het een strijd tussen goed en kwaad, maar gaandeweg ontdekten beide kanten hun pragmatische belangen. De wereld bleek minder zwart en wit dan gedacht.”

Lees ook: Twintig jaar strijd: de Amerikaanse oorlog tegen moslimterreur die de wereld veranderde