Recensie

Recensie Vormgeving

Fotograaf Iwan Baan maakt voor ‘See All This’ een wereldreis op papier

Hoopvolle plekken Als gastcurator van het zomernummer van tijdschrift ‘See All This’ toont fotograaf Iwan Baan zijn meest hoopvolle plekken op aarde. Mens en natuur kunnen wel degelijk in harmonie samenleven, zo blijkt.

Squish Studio door Todd Saunders, Fogo eiland, Newfoundland, Canada, 2019.
Squish Studio door Todd Saunders, Fogo eiland, Newfoundland, Canada, 2019. Foto Iwan Baan

De meest hoopvolle plekken op aarde. Dit themanummer van kunsttijdschrift See All This, met fotograaf Iwan Baan als gastcurator, had in deze zomer vol natuurrampen en corona-ellende niet beter getimed kunnen worden. Wat een verademing, en vooral: wat een schoonheid.

Het zomernummer van See All This

See All This is een onafhankelijk Nederlands kunstmagazine dat vier keer per jaar verschijnt. De zomer- en winternummers zijn dubbeldik en tweetalig, en krijgen gastcuratoren. Het vorige themanummer ging over vrouwelijke kunstenaars, het komende winternummer gaat over viltkunstenaar Claudy Jongstra. En nu is er het beeldschone zomernummer dat, zoals hoofdredacteur Nicole Ex het zegt, „op een hoopvolle manier aandacht vraagt voor de fragiele staat van de aarde en laat zien dat mensen waar dan ook ter wereld wel degelijk het verschil kunnen maken”. Met één minpuntje: te veel ontsierende tik- en schrijffouten. Het monnikenwerk van copy-editing lijkt tussen de wal van de curator en het schip van de redactie gevallen.

Architecten

Iwan Baan zit nooit lang stil. Al snel na het uitbreken van de pandemie begon hij weer over de aardbol te zwerven om voor bekende architecten als Rem Koolhaas, Herzog & de Meuron en Renzo Piano hun werk te fotograferen. Dit nummer heeft hij uit zijn reusachtige archief samengesteld, met beelden van dertig plekken in Japan en Newfoundland, China en Senegal, Amerika en Bangladesh en nog van alles daartussen. Een wereldreis op papier.

Greenhouse door Alberto Kalach, onderdeel van Biblioteca Vasconcelos, Mexico City, 2017. Foto Iwan Baan

Ook Nederland heeft een hoopvolle ‘plek’: de grote rivieren, die dankzij het tien jaar durende project Ruimte voor de Rivier flink wat capaciteit bij hoog water erbij hebben gekregen. Dat dat een goed idee was, bleek bij de overstromingen vorige maand, toen Nederland daardoor minder schade leed dan België en Duitsland.

Wat maakt een plek hoopvol? Soms is pure schoonheid genoeg, zoals in het Amerikaanse Joshua Tree National Park waar Turner Prize-winnares Rachel Whiteread en architect Arata Isozaki aan dat woeste droge landschap paviljoens hebben toegevoegd. Soms zit het ’m in de helpende hand die de architect toesteekt, bijvoorbeeld het ziekenhuis van opengewerkt lokaal baksteen van Manuel Herz in Senegal. En er zijn plekken die hoop voor de toekomst bieden waar helemaal geen ontwerper aan te pas is gekomen, zoals de grotwoningen, ‘yaodongs’, in Noord-China. Hoop komt in vele vormen.

Op de Architectuurbiënnale in Venetië presenteren Iwan Baan en Manuel Herz het ziekenhuis in Senegal. Binnenkort verschijnt een boek van Baan samen met architect Bjarne Mastenbroek over de yaodongs en ondergrondse architectuur.