De nieuwe chef-dirigent van het Residentie Orkest Anja Bihlmaier.

Foto Nikolaj Lund

Interview

Haagse chef-dirigent Anja Bihlmaier: ‘Ik ben zo’n type dat vindt dat je alles moet doen, en ook nog goed.’

Anja Bihlmaier, chef-dirigent Residentie Orkest Den Haag De Duitse Anja Bihlmaier (42) start zaterdag als de nieuwe chef-dirigent van het Residentie Orkest Den Haag. Voor Bihlmaier is het haar eerste chefschap, voor het orkest is zij de eerste vrouwelijke chef.

Nog steeds staan er wat laatste schotten omheen: de nieuwe concertzaal Amare van het Residentie Orkest is zo goed als klaar, maar de oplevering liet tot begin augustus op zich wachten en aan de foyers wordt nog steeds volop gewerkt.

De vertraging was de zoveelste hobbel in de ontstaansgeschiedenis van het cultuurcentrum, maar bij dirigent Anja Bihlmaier overheerst nadrukkelijk het wittebroodsgevoel. „Voor het orkest en de stad is de nieuwe zaal geweldig”, zegt ze – vriendelijk en nuchter – bij koffie in een naast de zaal gelegen café. „Het orkest is vandaag begonnen met repeteren in Amare. En straks kunnen hier de muziekliefhebbers die de afgelopen jaren naar Rotterdam of Amsterdam gingen voor concerten, eindelijk weer gewoon in Den Haag terecht.”

Lees ook: In nieuwe Haagse concertzaal is de klank helder en galmloos

De benoeming van de Duitse Anja Bihlmaier (42) tot chef-dirigent van het Residentie Orkest (minimaal 8 weken per seizoen, drie jaar om mee te beginnen) kwam in mei 2019 als een verrassing. Ze is er de eerste vrouwelijke chef voor het Residentie Orkest, en na benoemingen van Elim Chan in Antwerpen en Karina Canellakis bij het Radio Filharmonisch Orkest de derde in de Benelux.

Speelde uw vrouw-zijn een rol in uw benoeming, denkt u?

„Nee, ik heb zelf het gevoel dat ons eerste project in november 2018 bepalend was. Het orkest was toen zo open en gewillig. Ik durfde in mijn tempokeuzes veel risico te nemen, en dat sloeg aan. Kijk, ik vind dirigeren altijd heerlijk. Het is mijn leven – al claim ik nog wel íéts van privétijd. (lacht) Maar het Residentie Orkest en ik hadden meteen het gevoel dat we konden vliegen. Ik speel ook viool en piano, maar die kick van veel mensen doen samensmelten tot één instrument, is met niets te vergelijken.

„In Duitsland zijn vrouwelijke dirigenten ontzettend schaars. Als student was ik de enige. Vervolgens is het bijna ondoenlijk een baan te vinden. Hier is men veel verder, en in Scandinavië bestaan zelfs genderquota. Ik vind dat een ingewikkelde discussie; niemand wil een quotumvrouw zijn. Maar misschien is het nodig. Vrouwen in Scandinavië komen doorgaans heel zelfbewust op me over, alsof er door hun aanwezigheid op belangrijke posities een collectief zelfvertrouwen is afgedwongen en ook afgunst geen rol meer speelt.”

Lees ook: ‘Ik zal nooit een man worden, maar ik dirigeer wel’

U werkte eerder als kapelmeester en plaatsvervangende ‘Generalmusikdirektor’ aan operahuizen in Duitsland. Wat maakt een symfonisch chef-schap anders?

„Afgezien van het repertoire? Alles. Als Kapelmeisterin moest ik ook vakantieverzoeken ondertekenen, sponsoren werven … Voor externe dirigeerklussen kreeg ik hooguit drie weken vrij. Hier kan ik me op de inhoud richten, en op mijn internationale carrière. Dat geeft de juiste balans. Maar eerlijk is eerlijk: die zware jaren als operadirigent hebben mijn groei als symfonisch dirigent wel mogelijk gemaakt.”

Vóór u werd het Residentie Orkest geleid door gepokte en gemazelde (chef-)dirigenten, met Neeme Järvi (2005-2012), Jaap van Zweden (2000-2005) en Jevgeni Svetlanov (1992-2000) als recente voorbeelden. Bent u niet bang relatief onervaren te zijn?

„Nee, de timing voelt goed. Ik heb twintig jaar ervaring en ben vol zelfvertrouwen over wat ik te bieden heb. Maar ik ben wel blij dat dit niet vijftien jaar geleden op mijn pad kwam, toen ik nog wél volop in de ‘oh god, heb ik wel iets toe te voegen’-fase zat. Zeker is het zo dat ik nog zal groeien, maar dat hoop ik mijn hele leven te blijven doen. Daarbij: de trainer hoeft niet de beste voetballer te zijn; het gaat om de interactie. In het Finse Lahti, waar ik vaste gastdirigent ben, merk ik nu ook wat de meerwaarde is van een orkest steeds beter leren kennen. Ik nader mijn muzikale visioenen steeds dichter, kan meer de diepte in. Zo hoop ik dat het ook hier gaat. Maar het is waar dat ik veel Mahler en Bruckner-symfonieën nog moet ontdekken. Daar verheug ik me op.”

Financieel gezond

Een tijdlang verkeerde het Residentie Orkest door bezuinigingen en tijdelijke verhuizing naar het Zuiderstrandtheater in Scheveningen (2015-2021) in zwaar weer. Maar de financiële slag die het orkest in 2013 trof – het moest toe met ca. 30% minder subsidie – is na acht jaar verwerkt. En ook het coronaseizoen 20/21 heeft het orkest dankzij steun van OCW (€ 679.200, ook voor 2021), een nalatenschap (€ 123.000) en gedoneerde kaartopbrengsten (€ 108.000) zonder kleerscheuren doorstaan. De Raad voor Cultuur en de gemeente Den Haag oordeelden in hun laatste advies (2020) positief over de artistieke kwaliteit van het orkest. Van Amare als nieuwe thuisbasis en de terugkeer van het orkest naar de stad verwachten ze een verdere impuls.

Anja Bilhmaier wordt als Haagse chef-dirigent lid van een ‘triumviraat’. Voor (o.a.) oude muziek werkt het Resident Orkest al langer met barokspecialist Richard Egarr (58), daarnaast is Jun Märkl (62) vaste gastdirigent.

„Qua repertoirekeuze: ik ben allrounder uit overtuiging”, zegt Bihlmaier. „Dat is ook wat ik in een dirigent als François-Xavier Roth bewonder: zijn gave steeds de eigenheid van een stuk naar voren te brengen, ongeacht de stijlperiode. Maar binnen die breedte zal wel een focus liggen op Duitse muziek en grote bezettingen. Nieuwe muziek doe ik ook graag. En dans, en muziektheater, en vocale muziek. Het Requiem van Verdi (in mei 2022) stond hoog op mijn wensenlijst. Ik heb zelf als student veel in koren gezongen; daar is mijn liefde voor opera ontstaan. Ook een aantal maatschappelijke en educatieprojecten zal ik graag doen. Ik ben dus écht zo’n type dat vindt dat je alles moet doen, en ook nog goed.”

Dat ze nog voor haar inauguratieconcert van zaterdag al behoorlijk Nederlands spreekt, onderstreept die instelling. „Taal is de sleutel”, reageert ze. „Hoe verfijnder je spraak, hoe kernachtiger de communicatie met de musici kan zijn. En in muziek is communicatie álles.”

Anja Bihlmaiers inauguratieconcert 28/8, Concertgebouw A’dam. Inl: residentieorkest.nl Opening serie Zondagochtendconcerten op 5/9. Het eerste concert van Bihlmaier in Amare is 21/9.