Recensie

Recensie Muziek

Muzikale landschapskunst dominant op schitterend buitenfestival Oranjewoud

Alles zong op klassiek buitenfestival Oranjewoud. In het schitterende parklandschap heerste een echte festivalsfeer, onder meer tijdens een ‘roeptoeterconcert’ voor acht jonge zangers.

Surround op zaterdag 21 augustus, Oranjewoud Festival
Surround op zaterdag 21 augustus, Oranjewoud Festival Foto Majanka

Je waant je in Finland: bossen zo ver het oog reikt, met hier en daar een landgoed of een paardenwei. De betonnen Belvedère torent hoog boven de Friese Wouden uit. En dan begint het landschap te zingen. Een onzichtbaar vrouwenkoor vlecht zich door het uitzicht. Het Soprano Panorama van componistenduo Strijbos & Van Rijswijk is letterlijk een hoogtepunt van het Oranjewoud Festival, dat afgelopen dagen plaatsvond in het gelijknamige parklandschap in de buurt van Heerenveen.

Oorspronkelijk stond het festival gepland voor begin juni. De beslissing het te verzetten pakte goed uit: in ruil voor een test- of vaccinatiebewijs kregen bezoekers een armbandje, waarmee ze de coronamaatregelen voor de duur van hun verblijf konden parkeren. Nergens was het te druk, maar toch leek de tijd van anderhalvemeterconcerten opeens ver weg.

Lees ook: Componistenduo kleedt landschappen aan met muziek

Muzikale landschapskunst vormde een hoofdingrediënt van het programma. Zo creëerde violiste en componiste Diamanda Dramm een ‘roeptoeterconcert’ voor acht jonge zangers, die op een verzonken podium in het Grand Canal achter Landgoed Oranjewoud stonden. Geen geschreeuw: de roeptoeters waren gouden megafoons die blonken in de zon. Hun sferische lied voerde een denkbeeldige dialoog met de onzichtbare speakers van het Soprano Panorama, een paar kilometer verderop.

De weg naar binnen

Flinke afstanden lopen hoort bij de festivalervaring van Oranjewoud. Wie nóg meer beweging wilde, kon mee met de ‘muzikale wandeling’ Pelgrim van componist-saxofonist Lotte Pen. Met een hoofdtelefoon op liep je ruim een uur door de bossen, waarbij je je overpeinzingen mocht noteren in een ‘pelgrimspaspoort’: ‘zet de stap naar buiten, vind de weg naar binnen’, was de tagline. De wandeling culmineerde in een liveoptreden van Pen op een open plek in het bos.

Lees ook: Zelfs de vogels zingen mee op klassiek festival Oranjewoud

Stilzitten kon in De Salon, waar radiopresentator Lex Bohlmeijer vermakelijke gesprekken voerde met musici en andere gasten. Tineke Steenbrink van Holland Baroque omschreef Bachs Die Kunst der Fuge als ‘een bodemloze put’ waar je gaandeweg gek van wordt – nooit weet je genoeg. Psychiater Damiaan Denys kon haar enigszins geruststellen, in een conversatie over de staat van de geestelijke gezondheidszorg: lijden hoort bij het leven, juist het gesnak naar permanent geluk speelt ons parten. Pianokwartet Corneille zorgde voor de muzikale omlijsting, met onder meer een bevlogen uitvoering van Faurés Eerste pianokwartet. Én Bohlmeijer verklapte dat hij tegen zijn zin gaat stoppen met zijn dagelijkse programma Passaggio op NPO Radio4.

In de avond verschoof het accent naar ‘klassieke’ ensembles die zich gedragen als popbandjes: losse presentatie, energieke performance, direct contact met het publiek. In de gratis toegankelijke ‘Hut op kippenpoten’ presenteerde Ikarai het programma Murakami, met muziek van componist en contrabassist Camiel Jansen en korte tekstvignetten van Frank Siera. Zangeres Sanne Huijbregts viel in voor collega Sanne Rambags, met wie Ikarai het programma maakte. Het etende en drinkende publiek zorgde voor een ouderwetse festivalvibe: veel geroezemoes en weinig aandacht. Maar het rauw en energiek spelende Ikarai gedijde prima, terwijl het stilistisch alle kanten opging. ‘Mother Nature’ was een geweldige slepende soulballad, doorleefd gezongen door Huijbregts en met een altvioolsolo van Yanna Pelser waarvoor ze in Nashville de rand van hun hoed zouden aantikken.

Stargaze is nog zo’n ongrijpbaar ensemble. Met zangeres Pitou bracht de groep de nieuwe liedcyclus High Dive van componist en hoornist Morris Kliphuis en tekstschrijver Lucky Fonz III, die samen eerder het succesvolle The secret diary of Nora Plain met Nora Fischer maakten. Met Pitou als innemende voorganger, en gedragen door de ritmesectie van meesterdrummer Mischa Porte en bassiste Jasja Offermans, bood High Dive een kleurrijke klanktrip. Ingenieuze tegenritmes en verschuivende maatsoorten zetten ze als een uurwerk in elkaar. Maar het mooist was toch wel de a capella-samenzang onder de nachthemel. Zo werd ook High Dive een beetje landschapskunst.