Robbin: „Op oneffen terrein kun je beter je pas versnellen dan vertragen. Hoe langzamer je gaat, hoe vaker je struikelt. Zo buitelden we buiten adem de volgende levensfase in. Eenmaal samen onder een dak kon de rust weerkeren.”

Foto Loet Koreman

Jongeren met kanker: ‘Halverwege de twintig en nog steeds niet afgestudeerd’

Fotografie Als je jong bent en kanker hebt, loop je tegen zoveel aan, merkte Floor van Liemt. Samen met fotograaf Loet Koreman portretteerde ze elf jonge mensen, met uiteenlopende diagnoses en prognoses.

Dat mensen je vreemd aankijken als je zegt dat je halverwege de twintig bent en nog steeds niet bent afgestudeerd. Dat je niet weet hoe je ooit iemand moet versieren als je na een paar uur al geen energie meer hebt. Dat je als jonge moeder binnen op de bank zit terwijl je kind buiten de wereld ontdekt. Als je jong bent en kanker hebt, loop je tegen zoveel zaken aan, merkte Floor van Liemt (24), die in 2017 de diagnose uitgezaaide longkanker kreeg, een mededeling die, „net als de sneeuwvlokken die dag, ijskoud uit de lucht kwam vallen”, zo schrijft ze in haar voorwoord van het fotoboek De gemene deler, dat deze week verschijnt. „In al die jaren dat ik in de behandelkamers van artsen zat, was het hoofdonderwerp altijd: hoe maken we de tumor kleiner? Terwijl ik nog met duizend andere vragen zat als ik de deur uit liep. Ben ik straks nog vruchtbaar? Hoe moet dat, met seksualiteit en liefde? Kan ik mijn studie nog afmaken? Hoe zie ik er straks uit?”

Nalatenschap

Floor van Liemt richtte in 2019 de F|FortFoundation op, met als hoofddoel het verbeteren van het mentale welzijn van jongvolwassenen met kanker. Samen met fotograaf Loet Koreman (31) werkte ze het afgelopen jaar aan een fotoboek waarin ze elf jonge mensen portretteren in beeld en tekst, mensen met verschillende achtergronden en met uiteenlopende diagnoses en prognoses. „De een deed mee vanuit het idee: dan kan ik later terugkijken op die tijd dat ik zo ziek was. Voor de ander is het echt een nalatenschap. Ik merkte dat er behoefte is iets tastbaars te maken van wat jij meemaakt. Dat er iets bewaard blijft. Zelf heb ik het creatief bezig zijn, het uiting geven aan wat je voelt en denkt, als helend ervaren”, zegt Van Liemt, die voor NRC meerdere malen over leven met en ondanks haar ziekte schreef.

Meiran: „Dat hij voor mij gaat staan en me in vertrouwen aankijkt: kom maar op. En dat ik hem dan vol raak, omdat ik weet dat hij niet neergaat. Dat betekent alles voor mij. Hij laat dit toe, hij wil er zo voor me zijn.” Foto Loet Koreman

Van Liemt en Koreman kennen elkaar al hun hele leven, ze waren buurmeisjes toen ze allebei nog in Brabant woonden en bleven bevriend. Koreman: „Ik zie Floor een beetje als mijn zusje. Toen ze mij ruim een jaar geleden belde om samen aan dit boek te gaan werken, zijn we onmiddellijk aan de slag gegaan.” Die urgentie, vertelt Van Liemt, kwam voort vanuit haar diagnose – ze weet sinds die dag in 2017 niet hoeveel tijd er nog voor haar ligt. „Een onzeker toekomstperspectief zorgt bij mij voor een enorme daadkracht. Ik wil dingen maken die ertoe doen.”

Lotgenoten

Behalve portretten fotografeerde Koreman stillevens en landschappen, en creëerde ze samen met Van Liemt soms surrealistische beelden die uiting geven aan de gevoels- en denkwereld van de deelnemers. Claudia, die op de grond ligt, en bang is dat anderen genoeg krijgen van haar zwaarte; Serdar, die ’s nachts, als zijn gezin slaapt, achter de computer kruipt om alles op te zoeken over zijn ziekte; Awa, die met pruik de wereld van de liefde en de lust betreedt – „Ik bemin, dus ik besta” –, Agnes, die strijdlustig uitroept dat opgeven geen optie is: „I’m fucking Wonder Woman.” Ondanks het zware thema is er licht, lucht, openheid.

De ervaringen van anderen, zegt Van Liemt, hebben haar doen inzien dat niemand zijn ziekte ís. „Ik was er nooit in geïnteresseerd om in contact te komen met lotgenoten. Met zijn allen in een praatgroep, dat leek me nou niet iets waar je je beter van ging voelen. Door dit project heb ik toch ervaren hoe deze groep elkaar tot troost kan zijn. Je begrijpt elkaar. Ondanks alles zijn wij voor het grootste deel onszelf gebleven. Er is hooguit een stukje zelf bij gekomen.”

De gemene deler. Jongvolwassenen met kanker verbeelden het onzegbare. Met foto’s van Loet Koreman en tekst van Floor van Liemt en Alexa Gratama. F|FortFoundation, 103 blz. €50

Astrid: „Ontploffende WhatsApp-groepen, een razende rivier van harten en traantjes, elke keer als dat ding piept, ga ik in mijn hoofd met mezelf in discussie. Ik wil dat ze aan me denken, ben er dus blij mee. Of vinden ze me zielig, wat zeggen ze onderling? Intussen lees ik over alle dingen die vroeger belangrijk leken. Wegleggen is zelfbehoud.” Foto Loet Koreman

Astrid: „Op het dak van mijn studentenhuis oefen ik verschillende standen. Schrijf je ook in voor de minor Luchtigheid, die is minder moeilijk dan je denkt. Het begint met niet zo bedroefd kijken. Je kunt niet zoveel voor me doen, maar ik red me wel, er is geen gewicht dat jij zou moeten dragen.” Foto Loet Koreman

Astrid: „Straks gaan ze bij een sollicitatie excuses verzinnen om me niet aan te hoeven nemen. Ik zou het nu alvast willen uitschreeuwen: Kijk naar mij, naar wat ik allemaal kan, en zoek niet naar sporen van mijn ziekte.”Foto Loet Koreman

Claudia: „Bij een eerste ontmoeting word ik vreemd aangekeken, halverwege de twintig en nog steeds niet afgestudeerd. Het geeft me het gevoel dat ik lui ben. Maar de arbeid die ik verricht om mezelf bij elkaar te houden, te zorgen dat de constructie niet in elkaar dondert, dat ziet niemand. Kon ik die prestatie maar op mijn cv zetten.” Foto Loet Koreman

Niels: „Het kan me niet lang genoeg duren, voortbewogen worden in een kader zonder tijd, zonder grenzen. Ik overdenk wat er te ontdekken valt en stel later vast of dat klopt. Op mezelf is het goed, want waar ik aankom, ontmoet ik mensen.” Foto Loet Koreman

Agnes: „Haarverlies, amputatie, gewichtstoename, ik doe mijn best mezelf te accepteren en ik weet dat ik trots mag zijn, maar zo voelt het vaak niet. Ik had zo hard gewerkt om van mijn lijf te houden, het om te vormen naar mijn idee van lekker wijf. Nu ben ik alle grip verloren.” Foto Loet Koreman

Ayla: „Ik geef mezelf bloot via Instagram. Daar vertel ik wat ik te zeggen heb: sterke foto’s van een mooi hoofd. Het is een beeld van mezelf waar ik goed in kan geloven, ook als ik het even niet geloof.” Foto Loet Koreman

Awa: „Voor mijn promotieonderzoek werk ik in het laboratorium van het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis. Ineens zat ik daar zelf in de wachtkamer. Tussen uitgestippelde toekomst en niets meer zeker weten liggen maar een paar voetstappen.” Foto Loet Koreman

Agnes: „Kostbare tijd glipt door vingers. De chemo dwingt me naar binnen, op de bank, in bed, terwijl mijn kind de wereld ontdekt. Zeg, mist iemand mij?”Foto Loet Koreman