'Hij schiet op iedereen, maar als ze op hém schieten, is het huilen’

WaterpistolenNRC staat deze zomer op Camping Samoza op de Veluwe, de oudste camping van Nederland.

Foto Folkert Koelewijn

‘We zijn daar in het bos weleens op zwijnenjacht geweest”, zegt Scott de Bok (9) en hij wijst naar de bomen buiten de hekken van de camping. „Toen hebben we echte wilde zwijnen gezien, en herten.” Het is een van de redenen dat zijn vader André (41, Vinkeveen) zo graag hier is. „Hier heb je overal om je heen natuur.” Dat is fijn voor hem – hij loopt graag hard in de bossen en over de hei – maar zeker ook voor de jongens. „Buiten zijn is hier de standaard.”

Hij zet hier met veel plezier al vijf jaar elke zomer zijn caravan neer. Dit jaar blijft hij twee maanden staan. „Ik werk als chauffeur op de ambulance, in een volcontinurooster. Dus vier dagen werken, drie dagen vrij.” En die vrije dagen is hij allemaal hier, met zijn twee jongens. Als zijn vriendin er dan ook is, met haar twee zoons, is het helemaal een mannengebeuren.

Vandaag heeft hij naast zijn twee eigen zoontjes ook Kaj (6) onder zijn hoede, het zoontje van de buren. „Zijn ouders gingen met zijn zussen winkelen, dus Kaj bleef lekker hier om met ons mannendingen te doen.” Vooral Jaxx (2, „twee keer een x omdat Scott ook twee keer een t heeft”), de jongste zoon van André, heeft er zin in. Hij is in de weer met een waterpistool, maar komt met krokodillentranen in zijn ogen aanzetten als hij zelf is natgespoten. „Niet op mij”, jammert hij. „Hij schiet op iedereen, maar als ze op hém schieten is het huilen.” André legt Jaxx uit dat als je iemand anders natspuit in een watergevecht, diegene dat natuurlijk ook bij jou kan doen. Zo werkt het nou eenmaal.

Om de woorden kracht bij te zetten wordt een watergevecht in gang gezet, waar vader André, Scott, Jaxx en twee andere jongetjes van het veld aan deelnemen. Kaj waagt zich er even aan, maar druipt vervolgens af. „Ik wil niet nóg een keer nat worden.”

En nat worden doen ze zeker. Het gevecht centreert zich vooral rond de buitenkraan, omdat er zo vaak bijgevuld moet worden. Binnen de kortste keren zijn ze allemaal doorweekt, behalve Jaxx. Hijgend en druipend van het water komt André een kwartier later terug bij de caravan. „Er is maar één verliezer in dit waterpistolengevecht”, grapt hij. „En dat ben ik.”